Miljardair met bravoure krijgt nieuwe kans in Libanon

Saai is de carrière van de Libanese politicus en magnaat Rafiq Hariri (56) nooit geweest. Zijn in 1992 begonnen premierschap ging van crisis naar crisis, tot hij in 1998 onderuit ging. Nu spande het erom of het volk Hariri terugwilde, en zo ja of Libanons machtige buurland Syrië dit zou toestaan. Damascus liet de zondag geëindigde parlementsverkiezingen relatief ongemoeid, Hariri won en zal waarschijnlijk over een maand opnieuw premier zijn van Libanon.

De werkelijk spannende periode in Hariri's professionele leven ligt al lang achter hem. In 1977 zocht koning Khaled van Saoedi-Arabië een durfal die in zes maanden een heel paleis kon neerzetten, om een islamitische topconferentie te herbergen. Hariri nam de alles-of-niets kans aan, slaagde, en won het vertrouwen van het schatrijke koningshuis. De Arabische variant op The American Dream kwam uit. Inmiddels heeft Hariri naast zijn bouwbedrijf een eigen krant en televisiekanaal, en grote belangen in het bank- en verzekeringswezen, de reclame en de ICT. Hij is populair bij Arabische en Westerse leiders en hun media, en rekent Jacques Chirac tot zijn vriend. Met een geschat vermogen van 5 miljard gulden behoort hij tot de rijkste mensen ter wereld.

Een hele klim voor de man die in 1944 als zoon van een sunnitische landarbeider in de berooide zuidelijke havenstad Sidon ter wereld kwam. Hariri voltooide daar de middelbare school, en ging bedrijfskunde studeren aan de goedkope en kwalitatief zeer matige Arabische universiteit van Beiroet. Na een jaar vertrok hij zoals veel ondernemende, slimme en jonge Arabieren naar de Golfstaten om zijn fortuin te maken. Hij begon als leraar, zette begin jaren zeventig zijn eigen bouwbedrijf op, totdat koning Khaled hem in 1977 zijn grote kans bood.

Tijdens de burgeroorlog in zijn vaderland onderscheidde Hariri zich door donaties aan goede doelen, en pogingen de strijdende partijen om de tafel te krijgen. Na afloop haalde het moegestreden Libanon hem in 1992 binnen als de man die het land weer ging opbouwen. Anders dan de rest van de Libanese politieke elite had Hariri geen bloed aan zijn handen, maar ook geen machtige families achter zich. De meeste Libanese politici kennen elkaar van de exclusieve lagere en middelbare privéscholen en peperdure elite-universiteiten waar ze samen studeerden, of anders van de dure clubs waarvan hun schatrijke patriciërgeslachten al decennia lid zijn. Hariri daarentegen weet wat echte armoede is, een inzicht dat hij deelt met die andere zeer succesvolle Libanese politicus, de voorman van de fundamentalistisch-shi'itische beweging Hezbollah, sjeik Hassan Nasrallah, zoon van een groentenboer.

De door Hariri met flair aangepakte wederopbouw van Libanon begon voorspoedig. Met zijn contacten, bravoure en eigen geïnvesteerd kapitaal wist hij miljarden dollars aan te trekken. Beiroet werd een bouwput. Hariri concentreerde zich op stabilisatie van de munt en het scheppen van een aantrekkelijk investeringsklimaat. De hoop begin jaren negentig was dat een alomvattende vrede in het Midden-Oosten op uitbreken stond, waarmee het buitenlands kapitaal zou toestromen.

Het liep anders. Israel koos de rechtse nationalist Netanyahu als premier, en Hezbollah voerde in het zuiden een steeds succesvollere, en daarmee meer en meer zichtbare guerrilla tegen de Israelische bezetters. Bezorgde investeerders vertrokken of bleven weg, en Libanon zat met zo'n torenhoge schuld dat de regering jaarlijks meer kwijt is aan aflossing, dan zij binnen krijgt. Kritiek op de sociale gevolgen van Hariri's politiek zwol aan, en na een machtsstrijd met de nieuwe, krachtdadige president Lahoud, ruimde hij het veld.

Maar Hariri's opvolger Hoss kon weinig uitrichten en ontbeerde de macht en het charisma om met gedurfde privatiseringen de financiële impasse te doorbreken. Daarmee lag voor Hariri de weg open voor een come-back.

Deugt Hariri? De beschuldigingen van corruptie tegen hem zijn nooit hard gemaakt, maar het is een publiek geheim dat je met schone handen niet ver komt in de Saoedische bouwsector. Ook blijven geruchten circuleren over grootscheepse malversaties bij de wederopbouw. Hariri's stijl van campagnevoeren de afgelopen weken was in democratisch opzicht twijfelachtig; stemmen werden gekocht, Hariri's media-imperium werd een verkiezingsmachine. Zijn tegenstrever Hoss voerde dan ook campagne met de leuzen: `het geweten van Libanon', en `verhef uw stem tegen het corrupte geld'.

Hoe Hariri ook aan zijn geld en macht is gekomen, hij ligt voorlopig goed bij de financiële markten. Meteen na het bekendworden van de verkiezingsuitslag klom de beurs na een lange baisse en trok het Libanese pond aan. Toch zal Hariri als geen ander beseffen dat hij de belangrijkste voorwaarde voor zijn succes niet in eigen hand heeft: zolang er geen vrede is in het Midden-Oosten, zal Beiroet niet bloeien.