Doorbraak bij Duits pensioenplan

De Duitse bondskanselier Gerhard Schröder heeft een succes geboekt bij zijn plan de oudedagsvoorzieningen in Duitsland te hervormen. Zowel de vakbonden als de oppositiepartij CDU hebben aangegeven dat een akkoord kan worden gesloten.

Schröder heeft gisteren twee uur gesproken met de leiders van de machtige vakbonden, die van oudsher een sterke band hebben met zijn partij SPD. De vakbonden stemden in met een werkgroep, die zal kijken naar enkele controversiële punten in Schröders hervormingsplan, zoals de verhoging van de bijdragen aan particuliere pensioenvoorzieningen. In ruil voor het staken van dit verzet door de bonden heeft Schröder heeft wel enkele concessies moeten doen.

Zo worden in 2001 de stijgingen van de oudedagsuitkeringen gekoppeld aan de stijging van de lonen (welvaartsvast). In het oorspronkelijke hervormingsplan werd de stijging van het pensioen gekoppeld aan de inflatie (waardevast). ,,De zorgen van de werknemers worden meer betrokken in besluitvorming'', zei Schröder gisteren na afloop van het overleg.

Dieter Schulte, hoofd van de Duitse federatie van vakbonden (DGB), zei dat de werkgroep de bonden en de regering kan helpen een akkoord op hoofdlijnen te bereiken voor het einde van het jaar.

De leidster van de oppossitiepartij CDU, Angela Merkel, zei gisteren dat er tekenen waren dat een akkoord kan worden bereikt. Gezien de krachtsverhoudingen in het parlement heeft Schröder de steun van de CDU niet nodig. Toch wil Schröder graag dat de CDU de plannen steunt om te voorkomen dat de christen-democraten in 2001 bij de verkiezingen garen spinnen bij de maatschappelijke weerstand tegen de plannen. De hervorming zal door de Duitse burgers in de portemonnee worden gevoeld.

Het Duitse pensioenstelsel staat onder steeds grotere druk van de vergrijzing. In Duitsland geldt dat wie werkt, betaalt voor wie rust, maar dat wordt met de snelle stijging van het aantal ouderen onbetaalbaar. Daarbij zetten de hoge pensioenbijdragen die zowel werknemers als bedrijven moeten betalen een rem op de groei van het aantal banen.

In het plan daalt de oudedagsvoorziening via de staat in dertig jaar tijd van 70 procent over het gemiddelde loon naar 64 procent. De verplichte pensioenbijdragen kunnen daardoor verminderen van 20 naar 18 procent van het brutoloon. Met belastingmaatregelen zullen werknemers worden aangemoedigd een aanvullend pensioen te financieren. Gezinnen krijgen bovendien een financiële bijdrage voor een pensioenplan van 360 mark per kind.