De schitterende Zeven

De titel is al onweerstaanbaar. The Magnificent Seven. Beter dan die van de oerfilm, Zeven Samoerai. En de Amerikaanse remake heeft de muziek van Elmer Bernstein.

PAM - pámpampam - papapápapapamPAM - pámpampam etc.

Van Japanse muziek uit de film van Kurosawa kan ik mij niets herinneren. Eerlijk gezegd kan ik me daar geen zin, geen beeld precies uit herinneren. Ik weet alleen nog dat in de bioscoop iemand naast me begon te hoesten en dat ik me toen pas weer realiseerde dat ik in een fauteuil in Amsterdam zat. Dat de zeven ridders die zich doodvochten om een dorpje te redden waarvan ze nauwelijks de naam kenden, acteurs waren. Beter kan een film niet zijn.

Zó goed is de remake van regisseur John Sturges niet. Niemand kan een ogenblik vergeten dat The Magnificent Seven een film is. Dat de zeven revolverhelden acteurs zijn. Yul Brynner is te broeierig, James Coburn te ontzagwekkend, Steve McQueen te mooi om waar te zijn. Nee, deze Schitterende Zeven hebben geen twintig-dollarcontract met arme Mexicaanse boeren om hen van een roversbende te bevrijden. Zij hebben een honderdduizend-dollar contract met Universal Pictures om voor de camera te verschijnen (nog geen miljoenencontract, in 1960 moesten de meeste van de hoofdrolspelers nog beroemd worden – en toen ze het waren, maakte Sturges met een paar van hen nog The Great Escape).

Maar ook aan de onweerlegbaar geacteerde The Magnificent Seven valt veel plezier te beleven. Ten eerste door de uitstekende hoofdrollen. Behalve de zeven helden is er die ene Mexicaanse roverhoofdman, door Eli Wallach gespeeld met de mooiste glinsterende ogen van `ik ben dan misschien een schurk, maar ik vind het wel heel erg leuk allemaal'.

Dan is er de onweerstaanbare spanning van het aftelrijmpje: dat is één, dat is twee, dat is drie, en gaat het helemaal door tot zé-héven? En het gebeurt allemaal in een arm Mexicaans dorpje dat keurig in de woestijn is gemetseld door Hollywoods beste decorbouwers.

Er is wel iets atypisch aan deze mannen-western. Ze kletsen zoveel. Grote genade, natuurlijk zijn eenzame wolven in het westen eigenlijk altijd op zoek naar Zichzelf, maar dat moet je meestal van hun zwijgzame gezichten aflezen. Dit lijkt af en toe wel een mannenpraatgroep.

Er valt ook wel iets uit te leggen. Zoals de roverhoofdman vraagt: Waarom doen jullie dit, voor zo'n pokkedorpje en voor van die rotboertjes? En voor ieder van die Schitterende Zeven is in het scenario een puntgaaf motief voorzien. Echt, het is Rondom Tien aan de Mexicaanse grens vanavond.

The Magnificent Seven (John Sturges, 1960, VS), Veronica, 22.05-0.30u.