De krokodil is eindelijk losgebroken

Toen kunstenaar Michael Tedja enkele jaren geleden voor het eerst zijn rauwe tekeningen exposeerde, werd hij meteen als `jonge wilde' geafficheerd. Hij besloot een jaar lang nauwelijks te exposeren. ,,Ik wilde mijn talent niet vergooien, en was bang om nog verder dat hokje ingeduwd te worden.''

Op de uitnodigingskaart voor zijn tentoonstelling in Galerie Gerhard Hofland heeft Michael Tedja zichzelf afgebeeld, languit liggend op de bank. De kunstenaar, een lange zwarte man in een oranje shirtje, wordt omringd door een viertal Afrikaanse houten beelden, een computer en een tentoonstellingsaffiche van Andy Warhol en Jean-Michel Basquiat. Het lijkt een ongedwongen snapshot van de kunstenaar in zijn huiselijke omgeving, maar schijn bedriegt. ,,Die foto vertelt precies waar mijn werk over gaat'', zegt Tedja. ,,Ik hou van de zwarte expressiviteit van Basquiat, maar ook van Warhols planmatige, objectieve benadering van schilderkunst. Ook in mijn werk gaan de decoratieve elementen uit de zwarte cultuur en de wetenschappelijke elementen uit de blanke cultuur samen. De computer staat in dit geval voor het blanke rationele denken, terwijl de zwarte beelden een spiritueel symbool zijn. En het oranje shirt verwijst naar het land waar ik ben opgegroeid.''

Michael Tedja (1971), geboren en getogen in Rotterdam als kind van Surinaamse ouders, werd al vrij snel na zijn afstuderen aan de Rietveld Academie door de kunstwereld binnengehaald als de nieuwe `jonge wilde' kunstenaar. Zijn rauwe, doorwerkte tekeningen, als collages uit losse flarden papier aan elkaar geplakt, vonden gretig aftrek in het galeriecircuit en werden verkocht aan diverse Nederlandse musea. Vorig jaar werd het werk van Tedja gepresenteerd in Bureau Amsterdam, naast dat van de eveneens `wild' schilderende Charlotte Schleiffert. ,,Door die tentoonstelling voelde ik mij nogal geforceerd in een hoek gedrukt. Ik was net twee jaar van de academie af, terwijl Schleiffert al veel langer bezig is. Ik had het gevoel dat ik tegen haar op moest boksen en voelde mij niet lekker in het keurslijf van de zogenaamde nieuwe wilden.''

In een van zijn nieuwe tekeningen verbeeldt Tedja op treffende wijze de nare bijsmaak die hij aan die eerste tentoonstellingen overhield. Het werk, getiteld Insults insult, stelt een metersgrote krokodillenkop voor die van alle kanten met weerhaken in toom wordt gehouden. ,,In deze tekening is het wilde dier getemd, zijn grote ruwe bek vastgesnoerd. Ik vond het heel heavy en ongezond om al zo snel door de buitenwereld in een hokje geduwd te worden. Daarom heb ik na de tentoonstelling in Bureau Amsterdam vrijwel alle aanbiedingen voor exposities afgezegd. Ik wilde mijn talent niet vergooien, en was bang om nog verder dat hokje ingeduwd te worden. Ik ben terug naar Suriname gegaan om serieus na te denken over wat er allemaal gebeurd was en heb bijna een jaar toegewerkt naar deze tentoonstelling.''

Het meest opvallende aan Tedja's nieuwe tekeningen zijn de monumentale proporties. ,,Dat is een directe invloed van mijn reis naar Suriname'', vertelt Tedja. ,,Ik wilde altijd al op grote formaten werken, maar het lukte mij nooit. Hier in Nederland is alles vormgegeven, gestructureerd en afgestemd op de menselijke maat. Dat werkte door in mijn tekeningen. Maar in Suriname is het landschap weids en ruig. Soms zie je alleen maar aarde, lucht en zon. Het leek wel of mijn gedachten daardoor ook veel helderder werden. Mijn nieuwe werk is lichter, kleurrijker en vooral groter geworden.''

Tedja praat met grote gedrevenheid over zijn werk. Aan iedere tekening kleeft een verhaal. Het werk Liberal art is a joke bijvoorbeeld, is ontstaan als reactie op enkele van zijn medestudenten op de Rietveld, die hun geld nu verdienen bij reclamebureaus en in dure auto's rondrijden. Tedja beeldde zichzelf af als yup in blauwe streepjesblouse, en schreef het papier vol met de woorden `money money money more money money modernism'. Maar ook meer universele kwesties kunnen de aanleiding vormen voor een tekening, zoals de vraag `wat is een cirkel', of `waar komen energieën vandaan?'.

Naar eigen zeggen kan Tedja zich zelfs verwonderen over het aantal nietjes in een spieraam en daardoor weer tot nieuwe inzichten komen. ,,Ik wil alles cultiveren wat er in me omgaat, al is dat natuurlijk onmogelijk. Mijn hele atelier ligt vol met tekeningen van dromen, uitwerkingen van gedachtespinsels en flarden van teksten die ik ooit geschreven heb. Vaak kijk ik er jarenlang niet naar om, maar dan ineens past zo'n tekening of tekst binnen een nieuw verhaal. Dan snijd ik ze uit het papier en geef ik ze een nieuwe context.''

Een van de werken op de tentoonstelling, getiteld Mutant, bestaat uit een dikke laag vellen die als een kalender op elkaar geniet zitten. Het is een portret waarin Tedja zijn eigen gelaatstrekken heeft laten samenvallen met het gezicht van zijn zusje. ,,Eigenlijk zijn wij een soort mutanten. We hebben ons bestaan hier opgebouwd, maar onze wortels liggen elders. Datzelfde geldt voor mijn tekeningen. Het zijn losse stukken papier die eerst geen plek hebben, maar dan samengevoegd worden om verder te kunnen groeien.''

Om houvast te krijgen op een groot leeg vel, schrijft Tedja vaak zinnen of ideeën in de kantlijn. Of hij schrijft bijvoorbeeld het woord `midden' in het centrum van het papier, gevolgd door de woorden `naast midden', `boven midden' en `naast naast midden', totdat het vlak gevuld is en er een nieuwe laag overheen getekend kan worden. ,,Als een baby ben ik alles opnieuw aan het benoemen. Ik denk al doende. De belangrijkste les die ik de afgelopen jaren heb geleerd, is dat je moet durven te falen. Bij mij mislukken dingen de hele tijd, maar ik vertrouw er altijd op dat het uiteindelijk wel goed komt. Wat dat betreft is kunst net slagroom: je bent een eeuwigheid aan het kloppen en net op het moment dat je de hoop opgeeft en denkt dat het een slappe smurrie blijft, ontstaat er opeens vorm.''

Search for Wisdom van Michael Tedja is t/m 8 oktober te zien in Aschenbach & Hofland Galleries, Bilderdijkstraat 165c, Amsterdam. Wo t/m za 12-17u.