Beurs dankt record niet aan nieuwe economie

Niet de nieuwe economie, maar de oude hielp de AEX-index gisteren naar zijn eerste slot boven de 700 punten.

KPN? UPC? Nee, de aandelen die de AEX-index gisteren voor het eerst in de geschiedenis tot boven de 700 punten duwden hebben een ouderwetse bijklank.

Het zijn de banken, Koninklijke Olie en een gloeilampenfabriek uit – sinds kort – Amsterdam die op dit moment de boventoon voeren op het Damrak.

De hete aandelen die door het leven gaan onder de afkorting TMT (technologie, media en telecom) wisten de index de afgelopen dagen wel een laatste zetje richting de zevenhonderd punten te geven, maar dat de AEX zo hoog heeft kunnen komen is eerder ondanks dan dankzij hun aanwezigheid.

Begin dit jaar was dat nog anders. Op 28 maart deed de AEX-index haar eerste poging om aan de 700 punten te komen, maar bleef steken op 687. De race omhoog werd toen gedragen door de TMT-aandelen, en het resultaat was een nogal onevenwichtige beurs: de oude economie, met haar banken, verzekeraars en industriefondsen, werd gedumpt ten faveure van de nieuwe economie. De index werd door een handvol hippe aandelen omhooggeduwd.

Dat de beurs overeind bleef bij de slachting die daarna werd aangericht in de TMT-sector zegt veel over de weerbarstigheid van de traditionele beursgenoteerde bedrijven. Terwijl telecom-hoogvlieger KPN van boven de 75 euro kelderde naar tot 32 euro vanmorgen, klom bankverzekeraar ING van 48 naar 76 euro. En gedurende de daling van kabelconcern UPC van meer dan 80 euro naar minder dan 30 euro, tekenden ABN Amro en Koninklijke Olie nieuwe records aan. Enkel Philips en halfdochter ASML, dat machines maakt voor de chipsindustrie, hielden stand.

Met name de daling van zwaargewicht KPN kostte de AEX-index 44 punten tussen de vorige recordpoging van eind maart en nu. UPC trok in zijn eentje ruim 17 punten van de index af. Dat de 700 punten toch werden overstegen komt omdat de Olies, `Flippen' en bankaandelen samen al ruim 60 punten aan de index toevoegden. Ahold en fondsen als TNT Post Groep deden de rest. ,,Het is natuurlijk aardig dat de 700 punten zijn overstegen'', zegt een doorgewinterde bankier, ,,maar voor veel particuliere beleggers voelt het helemaal niet zo goed. Die zitten vooral in fondsen als UPC en KPN en moeten nog een heel eind terug omhoog.'' [Vervolg NIVELLERING: pagina 17]

NIVELLERING

Groter evenwicht op beurs

[Vervolg van pagina 1]Een bijverschijnsel is dat binnen de AEX-index een flinke nivellering van de koerswaarderingen heeft plaatsgevonden. Ondergewaardeerde aandelen zijn gestegen, hooggewaardeerde gedaald. In maart bedroeg de gemiddelde koers/winstverhouding (het aantal malen de nettowinst dat voor een aandeel wordt betaald) ruim 33. Maar achter dat gemiddelde – waar ASML met zijn extreem hoge waardering niet in is meegenomen – gingen grote verschillen schuil: de AEX-fondsen weken er gemiddeld 20 van af. Nu is de gemiddelde koers/winstverhouding ruim 24, maar de afwijking – de standaarddeviatie – is nog maar 8. Het Damrak is evenwichtiger geworden, al wil dat niet zeggen dat het huidige koersniveau daarmee ook zekerder is.

Met name KPN is volgens de beurshandel een onzekere factor. Omdat het een obligatie- en aandelenemissie plant in respectievelijk september en het vierde kwartaal is er vrijwel geen commentaar meer op het fonds te krijgen. Zo'n beetje elke leidende bank is bij die operaties betrokken, en daarmee verplicht tot een stilteperiode.

Bovendien mag de gemiddelde koers/winstverhouding van de AEX dan zijn gedaald tot 24, daarin moet wel worden meegenomen dat de waardering voor ASML zich nog in de wolken bevindt en dat een belangrijke deelnemer aan de AEX-index, UPC, in het geheel geen winst maakt.

Hoe nu verder? Lehman Brothers, de Amerikaanse zakenbank, waarschuwt zijn klanten zich zo goed mogelijk voor te bereiden op twee mogelijke seizoeneffecten. De eerste is de traditioneel bange septembermaand, een periode die in de regel een stortvloed kent van nieuwe emissies die de koers kunnen drukken. Sinds 1949 doet een wereldwijde aandelenportefeuille het in september een procent minder goed dan in andere maanden. Daar tegenover staat de eindejaarsrally in december, waarin de koersen het gemiddeld juist ruim anderhalf procent beter doen.

Actieve beleggers zouden wellicht hun voordeel kunnen doen met dit statistische fenomeen, maar, zo zegt een handelaar, ,,dat betekent dat ze misschien afscheid zouden moeten nemen van de stukken waarop ze dit jaar zo veel hebben ingeleverd, en dat lijkt me een onoverkomelijke psychologische hobbel''.