Inlezen

Dit weekend allemaal geleerd: dat `inlezen' hetzelfde kan zijn als `droogklimmen', dat `inlezers' of `droogklimmers' de hele dag `in de isolatie' moeten, dat `jonge klimmertjes succes hebben bij de meisjes'.

Ik was toeschouwer bij het Jeugd Wereldkampioenschap Klimmen in de Sporthallen Zuid in Amsterdam. Samen met minister Netelenbos (ik begin steeds meer begrip te krijgen voor de zwaarte van het ministersambt) was ik de enige leek in de hal. De toeschouwers waren óf zelf deelnemer er waren er 325 uit 25 landen óf familie ervan.

Terwijl uit boxen vlak onder hen keiharde rockmuziek oplaaide, klauterde een meisje of jongen als een gekko aan een touw diagonaal omhoog langs een wand die eerst acht meter loodrecht voor hen oprees, dan enkele meters een hoek van 45 graden naar voren maakte en vervolgens weer fors naar achteren helde ongeveer het dak in.

Ik heb zelf veel last van hoogtevrees, de laatste keer dat ik in een Zwitsers kabelbaantje zat, ben ik bij een tussenstation uitgestapt met de korte mededeling aan mijn reisgenoten dat ik het voor de rest van mijn leven verdomde. Er bestaat ook een plaatsvervangende hoogtevrees, door mij `de glazenwassersfobie' genoemd. Als hoogtevrezer durf je niet goed te kijken naar mensen die riskante avonturen in de lucht beleven. Ik zat dan ook de hele middag met zwetende handen te kijken en voelde telkens een klap in mijn maag als een klimmer misgreep en aan zijn touw omlaag viel.

Toch schijnt er weinig gevaar voor hen te bestaan, tenzij ze niet goed zijn aangelijnd. Dit wandklimmen `sportklimmen' heet het officieel wordt zelfs als veel veiliger beschouwd dan het gewone bergbeklimmen. De bergbeklimmer heeft er ontzag voor, want het is razend moeilijk, maar hij beschouwt het bijna als een andere tak van sport. ,,Veel van deze kinderen hebben nog nooit een berg gezien'', vertelde een bergbeklimmer.

Waarom die muziekherrie? De jongeren wilden het zelf. Goed voor de adrenaline. Op zeker moment hoorde ik een organisator zeggen: ,,Ga jij even naar de isolatie?'' Het bleek dat de deelnemers de hele dag in een belendende ruimte, afgesloten van de wereld, moeten doorbrengen. Zij mogen tevoren niet het steeds veranderende traject op de wand zien. Pas kort voor hun wedstrijd kunnen ze gezamenlijk een aantal minuten de wand bestuderen, het `inlezen' of `droogklimmen'. Het leek op de taferelen bij de klaagmuur in Jerusalem. Ook de klimmers hieven in fanatieke toewijding hun armen en maakten beschrijvende bewegingen in de lucht alsof ze iets wilden bezweren.

Een van de beste klimmers was een Nederlander, Jorg Verhoeven. Even later zagen we hem, puber nog, in stevige omarming met een meisje op de tribune. ,,Die is er ook vroeg bij'', zei een meisje achter me. ,,Wat wil je'', zei de jongen naast haar jaloers, ,,jonge klimmertjes hebben succes bij de meisjes.''

Sportklimmen als metafoor van het (liefdes)leven precies.