Bestrijdingsmiddelen

In de Tweede Kamer is een patstelling ontstaan over de bestrijdingsmiddelen. De kans is groot dat elf sterk vervuilende middelen nog jaren toegelaten blijven. Dat is onnodig en ongewenst. Een bestuurder van LTO-Nederland schreef op 28 augustus op deze pagina dat zeven bestrijdingsmiddelen landbouwkundig onmisbaar zijn. Dat is geen slechte schatting. Telers die producten leveren onder de Milieukeur gebruiken zelfs nog maar vijf van de elf. En telers in Duitsland, Denemarken en Zweden mogen nog maar drie tot zes van de elf middelen gebruiken. Het is dus een raadsel waarom de politiek dan toch op elf uitkomt. Geen wonder dat milieubeweging en waterleidingbedrijven zich verzetten.

Een eerste stap om de patstelling te doorbreken is dus de lijst van elf terugbrengen tot zeven. Een tweede stap is het gebruik voor te behouden aan telers die kunnen garanderen dat zij de middelen minimaal en gecontroleerd gebruiken. De Tweede Kamer vindt dat ook, maar denkt dat daar nog jaren voor nodig zijn. Onjuist, want die garanties zijn nu al te geven. De bestrijdingsmiddelenhandel heeft een systeem voor gecontroleerd verhandelen van middelen opgezet. Een flink aantal landbouwbedrijven (die telen onder MBT, MPS of Milieukeur) heeft al jaren ervaring met registratie van het middelengebruik en de onafhankelijke controle daarvan.

De Tweede Kamer richt zich vooral op de vraag hoe lang staan de middelen nog worden toegestaan. Morgen de Kamer een periode vast en daarmee lijkt de kous af. Een naïeve gedachte, want de ervaring van de afgelopen tien jaar leert dat de landbouw de sterke neiging heeft om respijt te nemen om het probleem voor zich uit te schuiven. Een periode van bijvoorbeeld 2 jaar vaststellen werkt alleen als de toelating dan ook inderdaad wordt beëindigd. Dat kan.

Op dit moment is er genoeg kennis om binnen twee jaar ook de zeven onmisbare middelen overbodig te maken. Voornaamste probleem is dat die kennis bijna alleen zit bij boeren die voorop lopen, bij onderzoekers en in het buitenland. Het is daarom van groot belang om een team samen te stellen en de opdracht te geven deze kennis op te speuren en voortvarend bij de boeren te brengen. Zo'n kennisteam kan ervoor zorgen dat binnen twee jaar alle zeven middelen overbodig zijn. In de maïsteelt is door zo'n aanpak met succes het sterk vervuilende middel atrazin overbodig gemaakt.

De geschetste oplossing (zeven middelen maximaal twee jaar toestaan voor telers die aan strikte eisen voldoen en instellen van een team kennisverspreiding) is goed voor het milieu, want de toelating wordt écht binnen twee jaar beëindigd. Ook is het goed voor de landbouw, want er verdwijnen geen teelten en het imago wordt beter. Zonder goede oplossing dreigen nieuwe conflicten en patstellingen. Dat is frustrerend voor alle partijen. De landbouw komt dan weer in diskrediet, het imago krijgt nieuwe klappen en de marktpositie wordt aangetast. Het excuus dat Nederland in Europa voor de muziek uit zou lopen zal daarbij niet helpen. Want met het toestaan van de elf middelen behoort Nederland tot de achterhoede.