Werk is gulzig

Tweeverdieners zijn lang niet altijd gelukkig. Werken voor dezelfde baas kan de drukte verminderen.

Van te hard werken kun je ongelukkig worden. Wetenschappelijke studies naar de steeds moeizamere relatie tussen werk en vrije tijd tonen dat telkens weer aan. Het ritme van de werkdag verandert, de trend is naar vroeger opstaan en later thuiskomen, zo signaleerde het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP) vorig jaar in het rapport Naar andere tijden. Met name de versnippering van de werkweek (overwerk en parttime werk) zorgt ervoor dat het gezinsleven in de verdrukking komt.

Onlangs promoveerde de Tilburgse vrijetijdswetenschapper Pascale Peters op een onderzoek naar tijdsbestedingspatronen van mannen en vrouwen in Nederland over de periode '75-'95. Een belangrijke conclusie in haar proefschrift (The Vulnerable Hours of Leisure, Uitgeverij Thela, 2000) is dat nu, na een eeuw van arbeidstijdverkorting, de lengte van de werkweek weer toeneemt voor zowel mannen als vrouwen. Verder vond Peters dat de grenzen tussen betaalde arbeid, onbetaalde arbeid en vrije tijd aan het vervagen zijn. Werknemers nemen vaker werk mee naar huis en zijn ook vaker bereid over te werken. Peters' promotor Juliet Schor, Harvard-econoom en hoogleraar economie van de vrije tijd in Tilburg, deed eerder onderzoek in haar eigen land. Ze constateerde dat sinds de jaren zeventig de zogenaamde tijdsarmoede (het chronisch tekort aan tijd om dat te doen wat je zou willen doen) in Amerika is toegenomen. Eén van de oorzaken daarvoor is de steeds competitievere markteconomie.

Een andere Amerikaanse onderzoekster, Arlie Hochschild, beschreef de nadelige effecten van het fenomeen in het boek The Time Bind. When Work Becomes Home and Home Becomes Work (Owl books 1998). Het onderzoek waarop Hochschild haar boek baseerde, heeft als belangrijkste conclusie dat werk steeds meer een aanknopingspunt is voor status, zelfverwezenlijking, vriendschap, uitdaging en gezelligheid. De thuissituatie daarentegen begint trekken aan te nemen van de structuren op het werk. Verplichtingen worden volgens een tijdschema afgewerkt waarin iedere minuut kostbaar is. Wat overblijft moet quality time zijn. Vooral hoog opgeleide tweeverdieners onder de vijftig jaar blijken zich in deze situatie te herkennen. De groep wil maar al te graag ten volle gebruik maken van de kansrijke mogelijkheden van de moderne tijd. Dure vakanties, de tweede auto en het op basis van twee inkomens gekochte huis zijn even vanzelfsprekend als het offer dat ervoor moet worden gebracht: fulltime werken voor beide partners.

Phyllis Moen, hoogleraar aan het Carrière Instituut van de Amerikaanse Cornell universiteit, bekeek de wijze waarop werkende stellen de relatie tussen het huishouden en het werk ervaren, en vond een klein lichtpuntje. Werken voor dezelfde baas én het hebben van kinderen verzachten de stress. Stellen met kinderen die voor dezelfde baas werken, de zogeheten co-werkers, ervaren gemiddeld meer levensgeluk dan kinderloze stellen die voor dezelfde baas werken. Ook zijn ze over het algemeen gelukkiger dan stellen zonder kinderen die voor verschillende bazen werken.

De Amerikaanse onderzoekster baseert haar bevindingen op een uitgebreide telefonische enquête onder bijna duizend mensen, afkomstig uit het `1998-1999 Cornell Couples and Careers Survey'. Van de onderzoekspopulatie werkt ruim éénvierde (142) van de stellen bij dezelfde baas.

stress en depressie

``Kinderloze stellen onder de vijftig jaar melden een hele serie problemen, variërend van ontevredenheid over het werk, tot stress en depressie. Met name vrouwen zeggen niet gelukkig te zijn'', zo vertelt Moen tijdens een gesprek in Washington, toen ze daar begin dit jaar op een wetenschappelijk congres voor het eerst haar bevindingen presenteerde. ``Ouders daarentegen die beiden voor hetzelfde bedrijf werken geven aan dat co-werken hen helpt het leven beter te structureren. Ook blijken zij beter in staat om samen te werken in het huishouden en waarderen ze elkaars carrières meer.''

De bevindingen gelden in sterkere mate voor mannen dan voor vrouwen. Het hebben van kinderen blijkt in het algemeen een belangrijke factor te zijn in de geluksbeleving. Maar ook het co-werken heeft een duidelijke bijdrage. Moen: ``Meer en meer werkgevers blijken partners te werven als een methode om mensen in dienst te nemen of te houden. Daarnaast hebben stellen elkaar regelmatig op het werk ontmoet. In beide gevallen ervaren zij het effect van co-werken, zoals beter tijdmanagement, als een bijdrag aan de geluksbeleving.''

Het co-werken blijkt niet alleen voor de co-werkers een positief effect te hebben, ook de baas profiteert mee. De co-werkende stellen die in een fabriek werken, neigen ernaar meer uren te maken dan hun niet-co-werkende collega's. Bij de academici was een dergelijke trend niet zichtbaar. Ook zag Moen dat mannelijke co-werkers langer bij dezelfde baas blijven hangen. Dat kinderloze stellen kwetsbaarder zijn voor stress, verklaart Moen uit het gebrek aan afleiding dat kinderen kunnen bieden.

De Tilburgse onderzoekster Peters onderzocht een groep van overwegend tweeverdieners in de leeftijd van 25 tot 45 jaar, in loondienst werkend, met of zonder kinderen. Ze maakte daarvoor gebruik van het sinds 1975 vijfjaarlijks bijgehouden dagboekonderzoek van het Sociaal en Cultureel Planbureau. Ze zag dat met name vrouwen een nieuwe arbeidsmarktmentaliteit tonen. ``Ze zijn ambitieuzer, werken langer en harder en gaan ook beter verdienen. Mannen daarentegen geven aan meer taken in het huishouden op zich te willen nemen. Ze blijken overigens niet bereid daarvoor in hun carrière serieuze offers te brengen'', aldus Peters. Voor beide groepen geldt dat de verandering ten koste gaat van de beschikbare vrije tijd. Vrouwen zijn meer gaan werken, maar blijven een gelijke hoeveelheid werk verzetten thuis. Mannen zijn ongeveer gelijk gebleven wat werkinspanning betreft (wel vaak in een kortere werkweek), maar zijn iets meer in het huishouden gaan doen. Een balans van die verandering is dat vrije tijd de sluitpost van de dag dreigt te worden, aldus Peters.

Een soortgelijke ontwikkeling viel ook Moen op in haar onderzoek: ``Co-werkende mannelijke echtgenoten besteden in het algemeen meer tijd aan het gezin, ongeveer een half uur extra, dan mannen wier vrouwen elders werken. Die zitten op zo'n honderd minuten per dag'', vertelt Moen. Stellen die voor dezelfde baas werken, vertonen op meer fronten gelijkenis. ''Vaak zijn ze even hoog opgeleid, ze verdienen hetzelfde, maken dezelfde uren en hebben dezelfde controle over hun werk. Vooral vrouwen met kinderen die nog niet naar school gaan, ervaren co-werken als een uitkomst voor de werkdruk die gepaard gaat met de combinatie van een baan en het huishouden.'' Wat de invloed is van de grotere gelijkheid tussen partners die bij één baas werken op de geluksbeleving weet Moen niet. Echt verklaren kan ze de verschillen tussen de co-werkers en de niet-co-werkers nog niet.

kanttekeningen

Peters plaatst bij dit deel van het onderzoek van Moen dan ook kanttekeningen. ''Moen besteedt in dit onderzoek geen aandacht aan de persoonlijke factoren, de bedrijfscultuur, de arbeidsvoorwaarden, en andere combinatiestrategieën zoals de invloed van parttime werken.'' Nader onderzoek van Moen moet opheldering bieden.

Er wordt sowieso veel onderzoek naar de moeizame relatie tussen werk en vrije tijd gedaan, vooral in Nederland en de Verenigde Staten. Het zijn dan ook juist deze twee landen die de top van de internationale arbeidsproductiviteit bezetten. Deze maand gaat bijvoorbeeld het `Aandachtsgebied Tijd Concurrentie' van start bij het Interuniversitair Centrum voor Sociaal- wetenschappelijke theorievorming en methodiek, het ICS. De onderzoeksschool is een samenwerkingsverband tussen de universiteiten van Utrecht, Groningen en Nijmegen, gefinancierd door NWO. Eén van de programmaleiders is de Groningse arbeidssocioloog Arie Glebeek. ``Werk is gulziger geworden'', aldus Glebeek. Peters gaat er als postdoc de voordelen van telewerken en thuiswerken voor werkgevers en werknemers bekijken.