Tussen Baan en Microsoft

Het Vlaamse hightechbedrijf Lernout & Hauspie verloor vorige week zijn topman. Dat het bedrijf in opspraak is geraakt, vergelijkbaar met de Nederlandse pendant Baan, zou daarmee niets te maken hebben.

Groeit het Belgische softwarebedrijf Lernout & Hauspie in de komende jaren uit tot de Microsoft der Lage Landen? Of dreigt voor de marktleider in spraaktechnologie hetzelfde lot als voor Baan? Deze vragen doemen op nu bestuursvoorzitter Gaston Bastiaens vorige week plotseling afscheid nam, terwijl intern onderzoek gaande is naar mogelijke boekhoudkundige misstanden bij het bedrijf.

De geschiedenis van Lernout & Hauspie (L&H), genoemd naar oprichters Jo Lernout en Pol Hauspie, laat zich gemakkelijk vertellen als een successtory: het in Ieper gevestigde bedrijf speelt een voorname rol in de ontwikkeling van spraakherkenning, een van de grootste groeimarkten binnen de automatisering. Want willen we niet allemaal de personal computer via enkele gesproken commando's bedienen, met de handen op de rug? En geldt niet hetzelfde bij de bediening van tv, video of gordijnen? Of bij de mobiele telefoon in de auto?

Vorig jaar nog sprak Bill Gates van Microsoft, voor 6,5 procent aandeelhouder van L&H, de verwachting uit dat de spraaktechnologie binnen enkele jaren zal worden geïntegreerd in de Microsoft-software. Ook oud Philips-topman Roel Pieper laat zien dat hij geloof heeft in L&H: hij is sinds vorig jaar vice-voorzitter van de raad van bestuur, zoals in België de raad van commissarissen heet. ,,Ik heb echt het gevoel dat dit bedrijf een echte partij op de wereldmarkt kan worden'', zei hij eind vorig jaar bij zijn benoeming.

De sterke positie op de wereldmarkt maakt de toekomst van het Vlaamse bedrijf alleen maar beter. ,,Concurrenten als IBM, Philips en Speechworks zijn over het algemeen veel minder ver'', zegt financieel analist Kurt Janssens van KBC Securities. ,,Lernout & Hauspie zelf is bijvoorbeeld in twaalf tot vijftien talen actief, terwijl veel andere spelers op de markt zich vooral op het Engels concentreren.''

Janssens verwacht dat het op Nasdaq genoteerde aandeel L&H voor het eind van volgend jaar van 30 naar 80 dollar zal stijgen. Ook al omdat de markt volgens hem rijp is om de software van L&H (verlies eerste halfjaar 17 miljoen dollar op een omzet van 266 miljoen dollar) te omarmen. ,,En ik ben niet de enige analist die zo optimistisch is. De Amerikanen Goldman Sachs en Lehman zijn eigenlijk de enige banken die het optimisme niet delen.''

Waarom dan toch die vergelijking met het recente drama rond Baan? Omdat er wel degelijk sterke overeenkomsten zijn, en die houden niet op bij de constatering dat ook Baan goede producten en een sterke marktpositie had. En ook niet bij de constatering dat de twee oprichters bij beide bedrijven met hun keuze voor Ieper (36.000 inwoners) en Barneveld (45.000) de grote stad hebben gemeden. Of dat beide bedrijven een Silicon Valley in eigen land trachten op te zetten. De gebroeders Baan dachten aan Silicon Polder, terwijl Lernout en Hauspie zich sterk maken voor Flanders Language Valley.

Een overeenkomst van groter belang is de druk op de beide bedrijven uit de Angelsaksische wereld. Dat begon bij L&H enkele jaren geleden al toen de Amerikaanse beurstoezichthouder SEC in december 1998 kritiek had op de boekhoudkundige verwerking van maar liefst 23 overnames. De aandeelhouders schrokken en de koers halveerde tot 33 dollar, ongeveer het huidige niveau. Sinds die tijd lopen er zo'n veertien claims van ontevreden Amerikaanse aandeelhouders. Bij Baan verwierp de SEC de berekening van de omzet, met Amerikaanse claims als gevolg.

Momenteel ligt het Vlaamse bedrijf onder vuur van The Wall Street Journal, om een andere reden. Enkele weken geleden zette deze financiële krant openlijk vraagtekens bij het succes dat L&H claimde op de Zuid-Koreaanse markt. In dit land blijkt het bedrijf bijna de helft van de omzet in het tweede kwartaal te halen, terwijl Zuid-Korea een jaar eerder slechts 1,1 miljoen dollar binnenbracht.

Van de dertig door L&H opgevoerde klanten vroeg The Wall Street Journal aan achttien klanten of de gegevens klopten; zeven bedrijven gaven aan dat zij of helemaal geen klant waren of dat de omzetbedragen te hoog waren. Hoewel L&H volhoudt dat de gegevens wel degelijk kloppen veel klanten zouden verkeerd zijn geciteerd heeft het bedrijf huisaccountant KPMG aan het werk gezet om de feiten alsnog te verifiëren.

De uitkomsten van dit onderzoek zal Gaston Bastiaens niet meer meemaken als topman van L&H. Vorige week werd vertrek bekendgemaakt, maar dit stond volgens L&H volledig los van de gebeurtenissen in Zuid-Korea. Bastiaens, die eerder een hoge functie bij Philips had, haalde deze maand nog de pers met een bijzondere aandelentransactie: hij kocht voor 25 miljoen dollar 625.000 aandelen L&H van een fonds van de oprichters. Opvallend, omdat de prijs een derde boven de beurskoers lag. Bastiaens was, zo luidde de verklaring, erg optimistisch over het aandeel.

Volgens Kurt Janssens hebben de kritische en ,,eenzijdige geluiden'' uit de Amerikaanse pers mogelijk te maken met zogeheten short-sellers, beleggers die aandelen verkopen die zij nog niet in handen hebben en daarmee speculeren op koersdaling. ,,De short-positie is maar liefst 10 miljoen aandelen groot. Dat staat gelijk aan 15 procent van het aantal vrij verhandelbare aandelen. Één dollar daling betekent voor deze speculanten tien miljoen dollar winst.''

De moeilijke relatie met de Angelsaksische pers bestaat overigens al veel langer, bijvoorbeeld rondom Flanders Language Valley. Om dit initiatief van de grond te tillen hebben Lernout en Hauspie, via een lening met eigen aandelen L&H als onderpand, geld gestoken in een investeringsfonds. Belangenvermenging menen de Amerikaanse media. Kritiek uit dezelfde hoek dwong Baan om alle banden met Vanenburg, het investeringsvehikel van Jan en Paul Baan, door te snijden. Maar voor het vertrouwen van de Amerikaanse belegger in Baan was het toen al te laat.