Hollands Dagboek: Jeltje van Nieuwenhoven

Jeltje van Nieuwenhoven (57), Tweede Kamervoorzitter, bezoekt dezer dagen de Verenigde Staten. Daar neemt ze in New York onder meer deel aan een conferentie voor vrouwelijke parlementsvoorzitters. `Europese parlementaire tradities zijn niet heilig.'

Woensdag 23 augustus

Veel telefoontjes gisteravond. Veel telefoontjes vanochtend. Ik vergeet daardoor dat een kraan ook dichtgedraaid moet worden. Handdoeken op de vloer gelegd en vervolgens opgehangen. Zullen wel droog zijn als ik volgende week terugkom.

Ik ben blij als ik af en toe een onderwerp tref waarvoor ik geen belangstelling heb, zoals nu bijvoorbeeld: vliegtuigen. Zoals altijd onderweg: kranten, boeken en slapen.

Van het vliegveld worden we afgehaald door de tijdelijk zaakgelastigde en de ambassaderaad. Waarom blijven bij BZ toch zulke ouderwetse titels in gebruik?

De eerste herkenbare punten van de stad zijn het Pentagon en de begraafplaats Arlington. Hier is de regering van een supermacht gevestigd. Mijn voorganger Vondeling had gelijk dat we eigenlijk mee zouden moeten beslissen bij de keuze van een president.

Aan het einde van de dag een lang gesprek met de voormalige assistent van een Congreslid. Voordat hij die baan kreeg diende hij vier jaar bij de Amerikaanse luchtmacht in Volkel. Hij kan ons goed uitleggen waarom de Amerikaanse situatie zo van de onze verschilt. Toch zijn er ook punten van overeenstemming. De staf van Congrescommissies is geheel opgedeeld over de twee partijen, maar er wordt toch pragmatisch samengewerkt. En als er goede informatie nodig is dan wendt men zich, net als bij ons, tot instellingen die los van het parlement staan, zoals de Congressional Research Service, of het Congressional Budget Office.

Donderdag

Om zes uur 's ochtends hoor ik hoe het ochtendblad voor de deur van de hotelkamer ploft. Nieuws. Een politicus in Tennessee heeft naamsverandering gekregen. Hij draagt nu de achternaam Low Tax. Dat is pas voor je mening uitkomen!

Ik ben blij als ik af en toe een onderwerp tref waarvoor ik geen belangstelling heb, zoals bijvoorbeeld protocol. Toch doet het me wat als voor een van de honderd ingangen van het Capitol een keurige jonge man mij begroet: Welcome, Mrs. Speaker, to the US Congress. Zijn baas, de griffier van het House of Representatives, legt ons uit dat ieder die hier werkt van hoog tot laag politiek is benoemd en van de ene dag op de andere kan worden ontslagen. Het gemiddelde staflid blijft drieëneenhalf jaar. Hij toont ons trots het systeem van elektronisch stemmen, maar de snelheid valt erg tegen.

Terug in een Nederlands gezelschap op de ambassade waar ik wat over mijn werk vertel. Jonge enthousiaste mensen. Op sommige vragen heb ik het antwoord niet, bijvoorbeeld op de vraag waarom we ons niet opwinden over de koersdaling van de euro.

Een zeer nuttig gesprek met de directeur van de Congressional Research Service. De tweehonderd mensen die daar werken slagen er in om per jaar een half miljoen onderzoeksopdrachten uit te voeren, afkomstig van Congresleden en hun staf. Ik ben sceptisch maar raak overtuigd. Deze onderzoekers hebben hun baan niet aan politieke benoemingen te danken. Er loopt een permanent rekruteringsprogramma op Amerikaanse universiteiten.

Maaltijd op een terras in Georgetown. De zaakgelastigde was destijds eerste Nederlandse diplomaat in Hanoi en kon twee jaar lang geen warme douche krijgen omdat de andere diplomaten op zijn verdieping in het hotel eerst aan de beurt kwamen vanwege hogere rang. Protocol!

Vrijdag

Om zes uur hoor ik het ochtendblad voor mijn hotelkamer neerploffen. Een plaatsje bij Omaha heeft zijn naam veranderd: niet meer Boys Town maar Girls and Boys Town. Weer een stukje achterstelling opgeheven!

Eduard B. heeft ons een introductie bezorgd bij de voormalige directeur van het Congressional Budget Office. Dit voorziet elk politiek plan, elke wet van een meerjarige kostenbegroting. In Nederland laten we dat te makkelijk over aan de bedenker van het plan, de schrijver van de wet, meestal een minister met zijn departement. Essentieel zijn, vanaf het begin, de waarborgen voor de onafhankelijkheid van zo'n bureau. Aan zo'n bureau, maar dan op Nederlandse schaal, heeft ook de Tweede Kamer behoefte.

Ik ben blij als ik af en toe een onderwerp tref waarvoor ik geen belangstelling heb, zoals nu de afwezigheid van het koffieritueel. Maar het is wel nuttig dat een ambtenaar van het Nederlandse ministerie van Financiën ons bij een kop koffie uitlegt dat de Amerikaanse begrotingsprocedure ook zijn bezwaren heeft: alles wordt dubbel gedaan, één keer door een ministerie en dan weer opnieuw in het Huis.

Het Holocaustmuseum is indrukwekkend door het onderwerp maar ook door de verwerking van dat onderwerp in de architectuur. In de kelders een tijdelijke tentoonstelling over een van die duizendmaal duizend verhalen over de oorlog: een Nederlandse diplomaat die in 1939 en 1940 in Litouwen visa voor Curaçao geeft aan uit Polen gevluchte joden.

's Middags bezoek aan de Congressional Quarterly, een particulier bedrijf, dat de Congresleden van informatie voorziet over de agenda van het Congres en over de aanhangige wetsvoorstellen. Het doet dit beter dan het Congres zelf en kan dus 5.000 dollar abonnementsgeld vragen. Een uitdaging voor een ondernemende Nederlander? Nee, een uitdaging voor de Tweede Kamer om het wel zelf te doen!

Zaterdag

Per auto naar Baltimore. Ambassaderaad Schellekens heeft het goede idee om ons naar Fort Henry mee te nemen. Ik ben blij als ik af en toe een onderwerp tref etc., maar dit Fort is schitterend gelegen en het Amerikaanse talent voor show wordt hier aanstekelijk ingezet voor de beleving van de geschiedenis. Een groepje padvinders krijgt gedemonstreerd hoe je de Amerikaanse vlag moet hijsen en we worden allen ingeschakeld bij het uitvouwen van het enorme doek.

Per trein naar New York. In de New York Times lees ik dat weer een doodvonnis is voltrokken. Ik vind het moeilijk om dit zo zakelijk op te schrijven. Eigenlijk is het: weer een barbaarse daad, een democratie onwaardig die overal ter wereld opkomt voor de rechten van de mens. Of het Amerikaans volk nu in meerderheid de doodstraf noodzakelijk vindt of niet, ik hoop dat een president of het Hooggerechtshof deze praktijk uit de Middeleeuwen beëindigt.

Zondag

Zoals dat hoort een rustdag!

Maandag

Half werkdag, half verstrooiing. Contacten met de Nederlandse permanente vertegenwoordiging, die een lange ervaring heeft met parlementariërs. Maar parlementsvoorzitters zijn hier nog nooit verschenen. Niemand kijkt daar overigens van op. Tegelijk vindt hier een top plaats van religieuze leiders en later deze week een van staatshoofden.

Rondleiding in de openbare bibliotheek van New York, een beetje erg veel marmer, maar iedereen kan er zonder betalen naar binnen. Alle kosten worden gedragen door sponsors van wie de namen zijn vermeld bij de ingang. Dat is ook een manier om rijken te laten meebetalen aan publieke voorzieningen.

's Middags weerzien met vrienden die hier werken en wonen.

Dinsdag

Vandaag begint de conferentie van vrouwelijke voorzitters van parlementen. Ze komen uit 17 landen. Uit Jamaica en Zuid-Afrika zelfs twee, want daar zijn de voorzitters van beide Kamers vrouw.

De meesten van ons hebben elkaar vorig jaar ontmoet. We spreken elkaar aan met de voornaam. We spreken allen Engels zonder daar moeilijk over te doen. We zijn allen optimistisch. We vinden het wel fijn elkaar te bemoedigen. Betty Boothroyd is er trots op, niet dat ze als de eerste vrouw voorzitter van het Britse Lagerhuis is, maar dat ze de eerste is die gekozen is uit de (toenmalige) oppositie.

Ik zit 's middags voor bij de toespraken van VN-vertegenwoordigers: Louise Frechette (eerste plaatsvervangster van Kofi Annan), Gillian Sorensen (assistent-secretaris-generaal), Nafis Sadik (directeur van het bevolkingsprogramma) en Noeleen Heyser (directeur van het vrouwenprogramma). Ze spreken uit het hoofd. Zij en wij zijn rolmodellen voor jonge mensen in een veranderende wereld, en zelf durf ik wel te zeggen dat vrouwen een functie anders invullen dan mannen: meer gericht op personen en meer gericht op het resultaat. Dit overigens met dank aan mijn uitstekende eerste plaatsvervanger in Nederland, Frans Weisglas, die vandaag de eerste vergadering na het reces heeft geopend.

Woensdag 30 augustus

Vandaag komen mijn collega's uit de hele wereld hier bijeen. Er blijken ook een paar mannen bij te zijn, onder wie mijn collega uit de Eerste Kamer Frits Korthals Altes. Ook zijn er een paar afwezigen, met name die van het gastland. Het Huis heeft niet veel op met de VN omdat die nu eenmaal niet zijn gevestigd in het district van de meeste leden. Het Amerikaanse ministerie van Buitenlandse Zaken lijkt het welkom nog extra warmte te geven door aan twee parlementsvoorzitters visa te willen weigeren: Joegoslavië en Cuba. Het is waar dat deze beide parlementen niet het product zijn van vrije verkiezingen, maar dat geldt nog voor enkele tientallen andere hier vertegenwoordigde landen.

Enkele collega's hebben via diplomatieke kanalen laten weten dat ze een `bilateraal' met mij willen: Koeweit, Marokko, Griekenland, Slowakije.

Iedere voorzitter heeft dezelfde spreektijd: vijf minuten inclusief de tijd die nodig is om naar het spreekgestoelte te schrijden. Ik ben pas vrijdag aan de beurt. Dat ontneemt me de mogelijkheid om in dit dagboek melding te maken van het applaus en de complimentjes, maar het geeft me de tijd om mijn tekst aan te passen. Ik ben van plan te spreken over de betekenis van vrouwen in het parlement (2 minuten), over informatietechnologie als middel om een parlement beter te laten functioneren (2 minuten) en over het feit dat de Europese parlementaire tradities in de wereld niet heilig zijn (1 minuut).

Tot ziens lezers, a.s. dinsdag bij het vragenuur!