`Generaals zijn grijs en modaal'

Bestaat de generaal van ná de val van de Muur? Flexibel, snel, een leider die beschikt over internationale, operationele ervaring? ,,Ik ken er geen één'', zegt oud-generaal Jan Willem Brinkman in deze krant. Tijdens de Koude Oorlog was de landmacht volgens de oud-generaal een ,,geïsoleerde groep'' geworden. In de jaren negentig bleef dat zo. ,,De bureaucratische, weinig ondernemende en meest loyale mensen zijn overgebleven.''

Oud-minister van Defensie Pieter de Geus (CDA) herinnert zich dat hoge militairen in de jaren tachtig nauwelijks gevoel hadden voor wat er in Nederland leefde. ,,De chef defensiestaf zei nooit iets waar de minister politiek wat mee kon.'' Het geheim van een militaire carrière was ouder worden en niet-opvallen, zegt hij. ,,En voor zover ik de generaals nu ken, is dat niet veranderd. Het is nog steeds doorsnee.''

Ook volgens oud-bevelhebber van de landmacht Rien Wilmink is de generaal van nu niet echt anders dan die van de Koude Oorlog. Maar hij vindt dat niet nodig. Generaals moeten scherpzinnig zijn, hun mannen motiveren en verantwoordelijkheid durven nemen. ,,En wellicht is nu een wat grotere flexibiliteit vereist. Het is onvoorspelbaarder geworden. Wij hadden wat meer tijd voor verdieping.'' Volgens oud-generaal Brinkman verandert er weinig in de defensietop omdat oude generaals hun opvolgers voordragen bij de minister, en die volgt hun advies bijna altijd. Hij denkt dat er pas wat verandert als er, na Srebrenica, een nieuwe ramp gebeurt.

BLEKE BAZENpagina 33