Regenboogreis

DE ZON SCHIJNT.

Ik zit binnen, ik vind het buiten te warm.

Nu gaat het regenen, ik zie een regenboog.

Soms droom ik dat de regenboog een tram is, en ik zijn passagier, dan rijden we door de regen naar de zon en weer terug.

De regen houdt op, de regenboog gaat weg en de zon gaat onder.

Nu moet ik gaan slapen.