De ontbrekende modellen

De Peugeot van het Type 3, die begin jaren negentig van de 19de eeuw deelnam aan wielerwedstrijd Parijs-Brest-Parijs, haalde een gemiddelde snelheid van 14,7 kilometer per uur. Daarmee kon de quadricycle – de auto stond op vier reusachtige fietswielen – de winnende coureur op geen stukken na bijhouden, want die reed gemiddeld 16,9 kilometer per uur.

Die winnende fiets was waarschijnlijk ook van het merk Peugeot, want de in 1810 gestichte onderneming in ijzerwaren was uiterst dominant op de fietsenmarkt. De auto had dan ook een chassis van buizen dat nadrukkelijk naar de fiets verwees.

De industriële dynastie van de familie Peugeot duurde toen al een mensenleven. Telg Armand Peugeot had samen met Léon Serpollet in 1889 een stoomwagen op drie wielen gebouwd, maar hij zag eigenlijk niets in stoom als energiebron. Het weerhield hem er echter niet van de stoomwagen dat jaar op de Parijse tentoonstelling te laten zien.

Het foeilelijke ding bracht Emile Levassor op een idee. Hij en Panhard maakten in Frankrijk immers de interne verbrandingsmotor waarop Gottlieb Daimler het octrooi had. Levassor en Daimler besloten Armand Peugeot in zijn fabriek in het oosten van Frankrijk op te zoeken om hem warm te maken voor hun motor. Dat lukte. Peugeot verkocht in 1891 al vier van die auto`s, het jaar daarop 29.

De rijke geschiedenis van het Franse merk verdient in alle opzichten ruime aandacht. De Peugeot-liefhebber zou dus van lieverlede ook op het scherm van zijn pc de mooiste modellen vanaf een cd-rom moeten kunnen plukken. Uitgeverij Elmar, die behalve een zo langzamerhand indrukwekkende reeks autoboeken ook auto-cd-roms op de markt brengt, voorziet nu in de lacune. De tekst op Peugeot, alle modellen is geschreven door Ton Lohman, een auteur die ruime bekendheid geniet onder fans van klassieke auto's.

Zodra de schijf zijn draai in de cd-lade heeft gevonden verschijnt een nogal saaie `kofferbak' op het scherm, waar vandaan naar het hoofddeel kan worden geklikt: ,,Peugeot 1890-heden''. Per decennium worden alle modellen getoond. Althans, dat belooft de titel. Ook de `bijsluiter' stelt bij de meeste besproken modellen ,,één of meer foto's'' in het vooruitzicht, maar het programma zelf geeft nogal eens nul op het rekest.

Vooral bij de eerste decennia van de 20ste eeuw ontbreekt geregeld een afbeelding, omdat die ,,niet beschikbaar'' is. Van de 27 besproken modellen tussen 1900-1910 zijn er slechts zeven te zien. Dat is tamelijk onbegrijpelijk, temeer omdat volgens de credits Peugeot Nederland, Peugeot Frankrijk alsmede het Musée Peugeot hun medewerking hebben verleend.

Wie bijvoorbeeld eens de Peugeot Bébé van 1912 van nabij wil bekijken komt bedrogen uit. Van dit koddige tweezits wagentje, dat Ettore Bugatti in het begin van zijn carrière tekende en dat door Peugeot werd gebouwd, ontbreekt elke illustratie, terwijl die in het eerste het beste naslagwerk beschikbaar is.

Zo uitgebreid en compleet als de tekst lijkt, zo karig is het aanbod van foto's van (vroege) Peugeots en dat leidt gemakkelijk tot de conclusie dat er heel wat meer archeologisch onderzoek naar beeldmateriaal gedaan had kunnen worden.

Gelukkig wordt dat enigermate goedgemaakt door het bescheiden hoofdstukje ,,Bijzondere modellen'', waarin wordt stilgestaan bij de auto's van de Parijse dealer Emile Darl'Mat. Vooral voor de oorlog heeft hij koetswerk gemaakt op de basis van een Peugeot dat van adembenemende schoonheid was.

Aan fraai carrosseriewerk heeft het Peugeot trouwens nooit ontbroken. De eerste Peugeot op vier wielen was weliswaar niet te onderscheiden van een Daimler, maar vrijwel meteen daarna is de fabriek tot op de dag van vandaag hele eigen, charmante en karakteristieke auto's gaan maken, waar grote namen van vormgevers als die van Pininfarina op prijken.

Peugeot, alle modellen. Uitgeverij Elmar. Prijs 39,95 gulden (isbn 9038907958)