Solidariteit twintig jaar later gemarginaliseerd

Vandaag twintig jaar geleden werd met de legalisering van de vrije vakbond Solidariteit een eerste bres geslagen in een eenpartijstaat in Oost-Europa. Solidariteit bestaat nog steeds en is zelfs aan de macht. Maar het is wel een heel andere club dan die van 1980.

De Poolse vakbond Solidariteit viert deze week een moeizame twintigste verjaardag. Premier Jerzy Buzek, voormalig vakbondsactivist uit Silezië, mompelde iets vaags over Europese solidariteit, vakbondsvoorzitter en presidentskandidaat Marian Krzaklewski keek vooral naar zijn schoenen en rivaal Lech Walesa, ook presidentskandidaat, haalde nog maar eens een oud cliché uit de kast. ,,In dit Gdansk waar de Tweede Wereldoorlog is begonnen en waar twintig jaar geleden de Koude Oorlog is beëindigd, doe ik een beroep op de wereld om met een Marshallplan te komen voor de voormalige communistische wereld, inclusief Rusland, de Oekraïne en Wit-Rusland. Anders worden we, in plaats van orde, overgeleverd aan chaos.''

De aanwezige premiers van Slovenië, Slowakije en Bulgarije bogen beleefd het hoofd. Aan hen zal het niet liggen. Ze waren allemaal naar de roemruchte scheepswerf in Gdansk gekomen om plechtig terug te denken aan het unieke moment van solidariteit dat vandaag precies twintig jaar geleden de communistische machthebbers voor het eerst op de knieën dwong.

De werfarbeiders waren in staking gegaan uit protest tegen onder andere het ontslag van de kraanwerkster Anna Walentynowicz. Lech Walesa, de al eerder ontslagen elektriciën, klom over het hek van de werf en werd stakingsleider. Intellectuele dissidenten boden hun hulp aan. Ze stonden de arbeiders bij in hun onderhandelingen met de communistische regering. Op 31 augustus kon er tot ieders verbazing een akkoord met de regering getekend worden over democratische vrijheden. De Polen kregen het recht op een vrije, onafhankelijke vakbond. Tien miljoen Polen sloten zich aan bij de beweging. Het was het begin van het einde van het communisme.

Vandaag telt de vakbond Solidariteit 1,2 miljoen leden. Ze zijn vooral te vinden in de geldverslindende staatsbedrijven die nog niet geprivatiseerd zijn en verzetten zich tegen iedere verdere economische hervorming in het land. Marian Krzaklewski, voorzitter van de vakbond en met zijn Kiesverbond Solidariteit winnaar van de parlementsverkiezingen drie jaar geleden, maakt nauwelijks kans als presidentskandidaat. Oud-vakbondsleider en oud-president Lech Walesa, rivaliserend presidentskandidaat, nog veel minder.

Opvallende afwezigen op de herdenkingen in Gdansk waren eerdergenoemde Anna Walentynowicz, dissidentenleider Adam Michnik en de filmer Andrzej Wajda die het verhaal van 1980 vastlegde in zijn Man van staal. Walentynowicz was kort na de val van het communisme één van de eersten die afhaakten. Zij ging ten onder in een machtsstrijd met Walesa en probeert verbitterd rond te komen van een klein pensioentje. Michnik, hoofdredacteur van 's lands grootste krant Gazeta Wyborcza, is in het tegenwoordige Solidariteit niet welkom omdat hij tegen `lustratie' is, de jacht op vroegere medewerkers van de geheime diensten. En Wajda wordt door de huidige generatie Solidariteit gezien als een regelrechte medewerker van de communisten. ,,Anders had hij nooit zijn films kunnen maken'', luidt het verwijt. Polens president Aleksander Kwasniewski, voormalig communist, was natuurlijk helemáál niet welkom.

Bogdan Lis, één van de stakingsleiders van twintig jaar geleden, noemt de vakbond in een interview deze week ,,de wees van de democratie''. Na de val van het communisme is Solidariteit gemarginaliseerd geraakt door voortdurende machtsstrijd, eerst tussen de arbeiders en de intellectuelen, daarna door de zogeheten `oorlog aan de top' die Walesa begin jaren negentig ontketende en vervolgens tussen links en rechts.

Wat overbleef is een kleine groep rechtse diehards met een op dit moment onevenredige greep op beleid en bestuur. De politieke tak van Solidariteit, de Kiesbond Solidariteit, zit sinds drie jaar weer in de regering. Sinds het vertrek van de Vrijheidsunie van Leszek Balcerowicz begin deze zomer, zelfs in een minderheidsregering.

Polen gaat een belangrijk electoraal jaar tegemoet. In oktober zijn er presidentsverkiezingen, volgend voorjaar parlementsverkiezingen. De voormalige communist en zittend president Kwasniewski is volgens de peilingen met ruim zestig procent van het electoraat achter zich de onbetwiste koploper in de presidentiële race. Zelfs Walesa geeft toe dat hij tegen Kwasniewski geen enkele kans maakt.

Ook Krzaklewski, die zich jarenlang op het presidentschap heeft voorbereid, weet dat hij geen partij is voor de populaire Kwasniewski. Hij kan alleen maar proberen de aandacht van de kiezer te trekken met het oog op de aanstaande parlementsverkiezingen.

Vandaar dat er op dit moment een wet op tafel ligt om mensen gratis het eigendom te geven over hun staatsflats. De gedachte is dat alle Polen evenzeer moeten kunnen meedelen in het nationale bezit. De wet wordt heftig bestreden door mensen die de afgelopen jaren zelf met veel pijn en moeite, en voor veel geld, het recht van eigendom over hun woning hebben verkregen en nu zien hoe hun buurman die geen initiatief ondernam nu alsnog beloond wordt.

Een andere omstreden wet is de nieuwe wet op arbeid, die de Poolse wetgeving op dat gebied in overeenstemming wil brengen met de West-Europese. Het probleem is hier dat overwerk voor het Poolse midden- en kleinbedrijf hiermee onbetaalbaar wordt. De wet zal de economie, die op dit moment met een groeiende inflatie toch al onder druk staat, verder remmen, menen deskundigen. `Verkiezingsworsten' heten de wetsvoorstellen daarom, naar goed communistisch gebruik.

    • Renée Postma