Goed verborgen natuurschatten

De periferie van Nederland lokt de wandelaar die de volte van de Randstad wil ontvluchten. Overijssel kende al het Vechtdalpad. Nu is daaraan een lus gevlochten: het Beerze Pad. Een verkenning.

Kan je in T-shirt en wandelbroek overdressed zijn? Dat kan, bezoek bij 20 graden Celsius een willekeurige camping in Nederland. De dresscode aldaar is duidelijk: shorts voor allen en voor vrouwen daarbij een ruimvallende blouse. Is het erg om overdressed te zijn op een overvolle camping in de zomer? Niet wannneer je van prangende blikken in de rug houdt en van gesprekken die stokken wanneer je gewapend met wandelstok en rugzak langs nasmeulende BBQ-roosters loopt. Is er iets tegen overvolle campings? Allerminst, behalve wanneer je het idee hebt een natuurpad te volgen.

De aanhef van het wandelgidsje `Het Beerze Pad' luidt: ,,Wandelend over het Beerze pad begeeft u zich te midden van heden, verleden en grote natuurschatten'. Nu bevinden wij ons vrijwel dagelijks te midden van heden en verleden, maar wanneer we wandelen zijn het toch de natuurschatten waarnaar we op zoek zijn.

Het Beerze Pad is een nieuwe wandelroute die aansluit bij het eerder uitgezette `Vechtdalpad' dat loopt van Zwolle naar Gramsbergen. Dit wandelpad is vooral na Ommen de moeite van het betreden waard omdat de wandelaar op dat traject betrekkelijk weinig asfalt tegenkomt. Het Beerze Pad – `te voet langs heide, es en parkbos' – maakt een lus vanuit Mariënberg, oostelijk van Ommen, en belooft dus onverharde paden, en – volgens het gidsje – ook natuurschatten.

De eerste natuurschat die we na een uur aantreffen is een `kikkerpoel'. Padden, kikkers en salamanders hebben poelen met stilstaand water nodig voor de ontwikkeling van hun eieren. Drinkpoelen voor het vee voldeden ooit aan de voorwaarde voor amfibische voortplanting, maar de introductie van de zogeheten `zelfdrinker' heeft deze poelen overbodig gemaakt. Natuurorganisaties ijveren nu voor het herstel van dichtgegroeide of -gegooide drinkpoelen.

Om de poel staan houten bungalows die deel uitmaken van het `villadorp' van de camping, waarover het wandelgidsje ons nu al een uur leidt. In de stilte rondom het diepgroene water dreunt een campingcitaat in gedachten na: ,,Als we thuiskomen gaan we lijnen. Dan gaan alle chips de deur uit!' Ook het beeld dat we zojuist hebben gezien ijlt nog na: een kapotgetrapt nest van rode bosmieren vlak naast een verlaten kampeerplek. Waarom, zo vragen we ons af, moet een `natuurwandelroute' over een uitgestrekte camping lopen en waarom wordt hier wel het paarbed van de pad beschermd, en niet het nest van de rode bosmier?

De camping, waar volgens de gids ,,al vijftig jaar met respect voor de natuur' kan worden gekampeerd, ligt naast een natuurgebied en de vraag wat natuur is in Nederland, zal ons het hele Beerzepad achtervolgen. Dat begon al bij de aanvang van de wandeling, toen een natte neus met korte haren eronder een V trok in het water naast het schouwpad. Waterwild met een hoofdletter, en wild is natuur, maar in dit geval volgens de overheid ongewenste natuur, want de V in het water werd gemaakt door een muskusrat ter grootte van een Jack Russell terrier. De muskusrat ondergraaft de oeverwal en bedreigt dijken, dus staren we even later op een brug naar een door de Provincie uitgezette drijvende rattenval.

Paddenpoelen, rattenvallen en mierennesten hebben alles met natuur van doen, zij het dat niet iedereen in alle gevallen van `schatten' zou willen spreken. Hoewel, op een bepaalde manier toch ook weer wel. Deze wandeling dwingt je stil te staan bij wat je ziet. Bij de jeneverbes in het stuifzand bijvoorbeeld, volgens het gidsje de enige naaldboom die `van oorsprong in ons land thuishoort'. Natuur betekent constante verandering en in het onderhavige geval heeft de opkomst van hoge bomen als eik en beuk de jeneverbes uit het landschap gedrukt. Wat nu in het stuifzand in eerste instantie `natuurlijk' in de omgeving lijkt te passen, blijkt bij nader inzien een `beschermde boomsoort' te zijn.

Het Beerze Pad loopt, zoveel is zeker, door een zwaar beknuffeld natuurgebied. Wil dat zeggen dat de wandelaar het pad daarom links moet laten liggen? Nee, het Beerzerveld, het aanpalende Beerzerzand en bovenal het kamduin langs de Beerzerweg geven de wandelaar wat hij zoekt: relatieve rust, afwisseling van bos en veld en een ongeplaveide en geaccidenteerde ondergrond. Lopend over het stuifzand waant de wandelaar zich even in de tijd dat misoogst en hongersnood de boeren belaagden, struikrovers de wegen onveilig maakten en campings nog niet bestonden.

Het Beerze Pad. ca 11 km `te voet langs heide, es en parkbos'. Uitg VVV Overijssels Vechtdal, ƒ9,75 ISBN 9080561215

    • Hans Moll