Coalitie in Italië zoekt een leider

De centrum-linkse coalitie in Italië zoekt een kandidaat die het bij verkiezingen kan opnemen tegen oppositieleider Berlusconi. Premier Amato en burgemeester Rutelli van Rome hebben zich aangemeld.

Een van de eerste lessen in de politiek is dat je op tijd bevriend moet raken met toekomstige machthebbers. Daarom zijn er zoveel mensen die oppositieleider Silvio Berlusconi willen spreken. Volgens de meeste peilingen zal hij de parlementsverkiezingen winnen, die vóór de zomer van 2001 moeten worden gehouden.

De regerende centrum-linkse coalitie leek hier lang in te berusten. Zij worstelde met de nasleep van twee broedermoorden, op premier Romano Prodi in 1998 en op premier Massimo D'Alema begin dit jaar. Ideologische scherpslijperij en machtspolitiek boden het beeld van een verdeelde en ruziënde coalitie. En het openbare gekibbel over wie de kandidaat-premier moest worden, leek op langzame politieke zelfmoord.

Maar nu is centrum-links overeind aan het krabbelen. Er is aan het eind van het jaar waarschijnlijk geld te verdelen en een belastingvoordeel is een goed argument in de campagne. En nog belangrijker: er komt meer lijn in de discussie over wie de politieke aanvoerder moet worden die de strijd met Berlusconi aanbindt.

Dat geeft wel problemen bij wie zich links wil indekken. De twee kandidaten voor het lijsttrekkerschap zijn premier Giuliano Amato en de burgemeester van Rome, Francesco Rutelli. Wie van de twee moet je nu steunen? De meeste politici, hoge ambtenaren en wie verder nog wat wil, kiezen er voorlopig voor om met allebei een afspraak te maken. Liefst op dezelfde dag, want anders kan er toch nog een voorkeur uit blijken.

Voor de zomer was de discussie over het leiderschap taboe verklaard door Amato. Hij is aan de macht gekomen nadat een kleine coalitiepartij, de socialisten, had verklaard dat de zittende premier D'Alema nog te veel het imago had van een ex-communist om met succes centrum-links te gaan leiden in een nieuwe verkiezingscampagne. Als jullie een ander aanwijzen, treed ik af, dreigde Amato in juli. En daar schrokken de meeste linkse politici van, want centrum-links is nog niet klaar voor verkiezingen, al erkennen ze dat Amato het imago heeft van een technocraat: heel bekwaam, maar met weinig politiek sex-appeal.

Wie dat wel heeft, is Francesco Rutelli. Hij heeft als burgemeester van Rome een goede naam opgebouwd. Hij is een aantrekkelijke veertiger, heeft een brede politieke vriendenkring, en wordt niet geassocieerd met een van de oude politieke partijen. Aanvankelijk was hij lid van de Groene Partij, maar hij is overgestapt naar de Democraten, opgericht door Di Pietro – de voormalige officier van justitie die de smeergeldschandalen blootlegde en nu senator is – en oud-premier Prodi om meer politieke vernieuwing te brengen.

Rutelli heeft lang gewacht op zijn kans. Die kwam na de wereldjongerendagen eerder deze maand, ter gelegenheid van het jubeljaar. Meer dan twee miljoen mensen hebben zonder grote problemen dagenlang rondgelopen in de hoofdstad. Dat succes straalt direct af op Rutelli. Prompt nodigde Amato hem uit voor een lunch. Laten we geen oorlog met elkaar voeren, was diens boodschap, anders maakt centrum-links helemaal geen kans. Rutelli heeft gezegd dat hij geen tweede man wil spelen. Maar Amato zei gisteren, in afwijking van twee maanden geleden, dat hij geen problemen zou hebben met een andere lijsttrekker.

In recordtijd is zo het beeld van een soort voorverkiezing ontstaan, een luxe die de Italianen niet kennen. Verschillende centrum-linkse politici hebben gezegd dat volgende maand het besluit moet vallen. Maar in discussiegroepen op internet is de strijd al gestreden. Amato wordt geprezen als een buitengewoon bekwaam bestuurder, zoals er niet veel zijn in Italië. Maar Rutelli is jonger, dynamischer, mooier, nieuwer. Vooral dat laatste zou wel eens de doorslag kunnen geven. Berlusconi presenteert zich, vaak met succes, als de man van de vernieuwing. Maar de veertiger Rutelli is een van de weinigen die de zestiger Berlusconi oud kunnen doen lijken.

    • Marc Leijendekker