UMTS-veiling

Het grote verschil in opbrengst van de UMTS-veiling betekent in feite een substantiële inkomensherverdeling binnen Europa waarvan de inwoners van Nederland vooralsnog de dupe lijken te worden.

Gemeten in kostprijs per inwoner is de prijs van de licenties in Nederland drie tot vier keer lager dan die in Groot-Brittannië of Duitsland. Telecommunicatiebedrijven en/of de -consortia die uiteindelijk een licentie verworven hebben, zijn veelal globaal opererende organisaties. Hierdoor en door de scherpe concurrentie hoeft niet verwacht te worden dat de Nederlandse tarieven voor mobiele communicatie een factor drie tot vier onder het niveau van andere landen komen te liggen.

De Nederlandse consument betaalt daardoor in feite mee aan de hogere prijs van licenties in andere landen. Anders gesteld: de Nederlandse consument betaalt mee aan de aflossing van de staatsschuld in Duitsland. Nog anders gesteld: consumenten in Groot-Brittannië of Duitsland profiteren van de goedkope licenties in Nederland, waardoor de Nederlandse Staat een extra opbrengst van 16 miljard gulden mis is gelopen. Dit heeft twee consequenties. Allereerst is de mobiel communicerende consument in Nederland duurder uit; ten tweede mist iedere inwoner van Nederland een potentiële lastenverlichting van duizend gulden per individu.

Behalve een verantwoording tegenover de Tweede Kamer doet het kabinet er goed aan dit onderwerp op Europees niveau aan te kaarten. Nederland dient aan te dringen op regelgeving en/of toezicht achteraf om latente inkomensherverdeling in de kiem te smoren.