Huygensprijs voor Charlotte Mutsaers

Schrijfster en schilderes Charlotte Mutsaers krijgt de Constantijn Huygens Prijs 2000 voor haar hele literaire oeuvre. Dat heeft de Jan Campert-stichting gisteren bekend gemaakt.

De Jan Campert-stichting maakte tegelijkertijd bekend dat de Jan Campert Prijs is toegekend aan K. Michel voor zijn dichtbundel Waterstudies. De F. Bordewijk Prijs gaat naar Vlaming Peter Verhelst voor zijn roman Tongkat: Een verhalenbordeel. De J. Greshoff Prijs is voor dichter Martin Reints voor zijn essaybundel Nacht- en dagwerk. Mutsaers krijgt 20.000 gulden, de anderen 10.000 gulden. De prijzen worden op 15 december in Den Haag uitgereikt.

Mutsaers' werk is, volgens de jury, nog volop in ontwikkeling: ,,Maar wie zó eigenzinnig, overtuigend, meeslepend en briljant haar eigen gang gaat, verdient nu al de Huygens-prijs, met dit oeuvre, dat naar de Jan Campert-stichting hoopt nog maar hooguit de eerste helft is.''

Mutsaers debuteerde in 1983 met Het circus van de geest. Ze kreeg ruime bekendheid met haar boek Rachels rokje. Mutsaers valt geregeld in de prijzen. Voor Kersebloed ontving zij de J. Greshoff Prijs 1992. Voor haar laatste boek, Zeepijn, ontvangt ze op 7 september de Busken Huet-prijs. Mutsaers is van huis uit schilderes, ze illustreert al haar boeken zelf. Aanstaande zaterdag ontvangt ze daarom de Jacobus van Looij Prijs voor dubbeltalenten. Dan opent ook een overzichtstentoonstelling van haar beeldende kunst in de Vleeshal in Haarlem. Bij de expositie verschijnt het plaatjesboek Fik & Snik.

In een interview met deze krant afgelopen vrijdag zei ze over haar dubbeltalent: ,,In Paardentram heb ik al uiteengezet dat ik eigenlijk een tripletalent ben, omdat ik ook de paardrijkunst zo goed versta.'' De laatste jaren is zij zich steeds minder op schilderen en meer op literatuur gaan toeleggen: ,,Ik botste steeds vaker tegen dingen op die ik met geen mogelijkheid beeldend uit kon drukken, en die ik wel wou uitdrukken. De mogelijkheden van de literatuur zijn zo wijdvertakt. Zo is langzaam het schrijven gaan overheersen. Voorlopig moet ik gewoon hartstochtelijk doorschrijven.''