Uit

Op de Uitmarkt liep ik eerst even langs de kraampjes met de schrijvers om tot de conclusie te komen dat niet iedere schrijver een even gretige deelnemer aan dit jaarlijkse festijn is.

Voor A.F.Th. van der Heijden leek er geen probleem te bestaan. De mensen stonden voor hem in de rij en leegden hele boodschappentassen met zijn boeken in de hoop dat hij het allemaal signeerde wat hij ook met ware mierenvlijt deed.

Van der Heijden geniet zichtbaar van zijn populariteit. Hij had zijn zoontje meegenomen, wat je niet doet als je zo'n sessie als een hellevaart beschouwt.

Vaders nemen hun kinderen óf naar voetbalwedstrijden mee, óf naar evenementen waar ze zelf een heldenrol spelen.

Iemand als Wim de Bie zat er daarentegen op deze Uitmarkt bij alsof zijn laatste uur had geslagen. Zijn gezicht drukte een doffe gelatenheid uit. Hij was er om zijn uitgever een plezier te doen, maar hij droomde van een afgelegen huisje waar hij een goed boek kon lezen (of schrijven). Al die wildvreemde mensen die steelse of brutale blikken op hem wierpen, op nog geen meter afstand, hij leek het wroetend in zijn haar, tastend naar zijn kin met grote gêne te ondergaan.

Op de Uitmarkt kijk ik altijd met een mengeling van bewondering en verwondering naar het publiek. Het nadeel van de Uitmarkt is namelijk dat om onnaspeurlijke redenen juist voor de acts waar jij naartoe wilt, massale belangstelling blijkt te bestaan. Zaterdagmiddag probeerde ik het Universiteitstheater binnen te komen waar allerlei stand-up comedians zouden optreden. Onbegonnen werk. Er stond een halve straat te wachten.

Dezelfde taferelen waren er voor de Doelenzaal op de Kloveniersburgwal. Daar konden maar 170 mensen naar binnen voor een cabaretvoorstelling van Anousha N'Zume. Degenen die niet toegelaten werden, moesten in de warme zon een uur op de volgende voorstelling wachten de meerderheid deed het. Is het omdat het gratis is? Of is het uit pure liefde voor het theater?

In arren moede dook ik het `Vlaams Cultuurstation' in, waar onder de veelbelovende titel `Het laatste verlangen' een stukje muziektheater zou worden opgevoerd. Zelfs hier was de zaal goed gevuld, maar daar kwam snel verandering in. Twee jonge, in T-shirts gehulde mannen gingen achter een ingewikkelde computerinstallatie staan waaraan ze een lawaai ontlokten dat ook moet opklinken bij een massale marteling van volwassen kikvorsen. De geluiden van de borrelende moerassen, waar deze holocaust plaatsvond, waren erbij inbegrepen.

Al na vijf minuten was de meerderheid van het publiek gevlucht. Ik besloot te wachten tot de laatste kikvors was uitgeroeid. Ik wilde zo graag weten wat dit met `Het laatste verlangen' te maken had. Een Belgische meneer die de leiding had, keek verbaasd in mijn Uitkrant. ,,Dat is een foute vermelding'', zei hij. ,,u heeft geluisterd naar het Concerto voor pick-up.'' Daarmee was alles verklaard.

    • Frits Abrahams