Bemanning Koersk wellicht niet voor niets gestorven

Het onheil dat Rusland treft, slaat terug op de positie van president Poetin. De reactie van de bevolking lijkt echter tegelijkertijd de vitaliteit van de democratie te onderstrepen, meent Vjatsjeslav Nikonov.

Zal mét de onderzeeër Koersk en heel zijn bemanning ook Poetins revolutie ten onder gaan? Tot dusverre was de macht van president Poetin een unicum in de geschiedenis van Rusland: ze berustte op zijn grote, door verkiezingen gelegitimeerde populariteit. Doordat hij in brede kring populair was – en doordat de overige elementen van Ruslands merendeels onbetrouwbare regering dat wisten – heeft hij de Russische oligarchen in het gareel kunnen dwingen en de Eerste Kamer van de Doema kunnen hervormen om hem zijn wil op te leggen. Maar door de wijze waarop hij de crisis rondom de Koersk heeft aangepakt, heeft zijn democratisch mandaat averij opgelopen, doordat mensenlevens voor Poetin net zo min leken te tellen als voor al zijn voorgangers in het Kremlin. Of Poetin het democratisch karakter van zijn revolutie zal weten te behouden, dan wel dat hij naar autocratische middelen zal grijpen om zijn doelen na te streven, zal afhangen van de mate waarin hij die averij weet te herstellen.

Ongetwijfeld zal Poetin zondebokken weten te vinden voor het feit dat voor de Koersk niet bijtijds hulp buiten Rusland is gezocht. Hij zou zelfs van de crisis rond de Koersk kunnen profiteren om zijn schoonmaak in de top van de krijgsmacht voort te zetten. De vaardigheid waarmee hij zich herstelt zal allereerst kunnen worden afgelezen aan de ophanden zijnde regionale verkiezingen her en der in het land. Van oktober tot december zal meer dan veertig procent van de gouverneurszetels in Rusland in verkiezingen beschikbaar komen. Aangezien het herstel van Moskou's gezag over het land een onmisbare pijler is onder de macht van de president, moet hij zijn populariteit snel weer zien op te vijzelen.

Poetins hervorming van de Eerste Kamer van de Doema mag de gouverneurs dan zowel hun politieke machtspositie op federaal niveau als hun parlementaire onschendbaarheid hebben ontnomen, in de regio's hebben zij nog altijd zeer veel te vertellen. Hoewel de meesten van hen nu op landelijk niveau geen hoge sprongen meer kunnen maken, noch – zoals zij onder Jeltsin deden – de wensen van het Kremlin naast zich neer kunnen leggen, is hun macht zeer reëel en zal het niet meevallen om deze te beknotten.

Als gevolg van Poetins dominante positie is de manier waarop de verkiezingscampagnes zullen worden gevoerd, nu al veranderd. Geld is minder belangrijk dan een jaar geleden. Van belang is nu de zeggenschap over de bestuursorganen, en dankzij het recht om in heel Rusland de presidentiële prefecten te benoemen, heeft het Kremlin veel in te brengen in het bestuur van de staat. Nu de campagnes goedkoper worden en rivalen dus gemakkelijker serieus oppositie zullen kunnen voeren, zullen de gouverneurs meer moeite hebben om hun herverkiezing te kopen.

En zelfs áls een gouverneur een verkiezingsuitslag zou willen kopen, dan nog wordt het steeds moeilijker om campagnegelden te vinden. De oligarchen, die vroeger nauwe banden met de regionale machthebbers cultiveerden, in de hoop met hun medewerking greep te krijgen op lokale fabrieken, mijnen en andere zaken van economisch belang, zingen dankzij Poetin een toontje lager. De boodschap van de president aan hun adres is glashelder: bemoei je niet met de politiek. Maar als de rijkste mannen van Rusland het idee krijgen dat de president flinke schade heeft opgelopen, zullen zij misschien weer wel aan politiek gaan doen, en zijn tegenstanders in de regio's aan geld helpen.

Maar ook al is Poetins positie verzwakt, hij profiteert in elk geval van veranderingen in de economie. Slechts 17,9% van de kiesgerechtigden beschouwt de toestand van het land nu als `rampzalig'; zo laag is dit percentage sedert het einde van het communisme nog nooit geweest. Slechts 15,6% zegt onder de armoedegrens te leven. Het aantal proteststemmen neemt dus af. Bovendien is de economische groei alom zichtbaar. In sommige streken, bijvoorbeeld in de regio Tsjeljabinsk, is de economie in vergelijking met een jaar geleden met 25 procent gegroeid.

Dit `economisch wonder' brengt mee dat sommige regio's her en der in de federatie allang de achterstallige pensioenen en lonen hebben uitbetaald. Een democratisch welbevinden begint dus een rol te spelen. Poetin heeft iets gepresteerd dat uniek is in de Russische geschiedenis: de mensen zijn tevredener over het economisch beleid van hun regering, niet als gevolg van propaganda, maar doordat hun levensomstandigheden merkbaar beter worden.

Dit betekent dat de geweldige krachtmeting tussen communisten en democratische hervormers, waar het bij alle verkiezingen sinds 1991 om draaide, nu verleden tijd is. Niemand maalt meer om ideologie. In plaats daarvan maken de mensen zich druk over de prijzen, de kans op werk, de gezondheidszorg en het onderwijs. Zij willen, zoals ook de reacties op de Koersk laten zien, een regering die oog heeft voor menselijke waarden. Klachten over beperkte vrijheid van meningsuiting of economische vrijheid, die in Moskou aan de orde van dag zijn, vinden in de provincie weinig gehoor.

Dus zelfs al zou Poetin min of meer verzwakt blijven, dan nog kan het Kremlin erop rekenen dat het de beruchte `rode gouverneurs' van Brjansk, Volgograd en Voronezj langs de normale democratische weg kwijtraakt – als het Kremlin er tenminste voor zorgt dat de verkiezingen in die regio's tamelijk eerlijk verlopen. Hetzelfde geldt voor regio's met bekende maar eigenzinnige gouverneurs als Koersk met gouverneur Roetskoj – de aanvoerder van de coup tegen Jeltsin in oktober 1993 – en de corrupte gouverneur Gorbenko van Kaliningrad.

In regio's met sterke politici aan het hoofd, zoals Astrachan, Tsjeljabinsk, Krasnodar en Stavropol, zal Poetin echter als gevolg van de recent opgelopen schade de hem vijandig gezinde leiders naar alle waarschijnlijkheid niet kunnen verdrijven. Dat heeft ook wel iets geruststellends. Het begint erop te lijken dat de macht van de president afhankelijk wordt van de steun onder de bevolking, en is dat niet precies waar het in een democratie om draait? Als het daarop uitloopt, is de bemanning van de Koersk misschien niet voor niets gestorven.

Vjatsjeslav Nikonov is een Russisch politiek commentator en voorzitter van de stichting Polityka.

© Project Syndicate.

    • Vjatsjeslav Nikonov