Zalm nu nog populair

Tijdens het kabinet-Lubbers-I was minister Onno Ruding van Financiën de juiste man op de juiste plaats. Maar het strenge recept van Ruding sloeg na een paar jaar niet meer aan en de publieke opinie raakte vermoeid van het almaar bezuinigen. Was het dan nooit genoeg? Premier Lubbers voelde dat feilloos aan en begon langzamerhand afstand te nemen van zijn schatkistbewaarder. Voor Ruding werd toen het hameren op voortdurende bezuinigingen politiek onmogelijk. Teleurgesteld verliet hij de politiek.

Onze huidige minister Gerrit Zalm regeert al bijna even lang als Ruding maar ook zijn reputatie gaat slijten. Zalm begon zes jaar geleden met een fundamenteel betere regel dan die van Ruding: nu geldt in Nederland een vast pad in de tijd voor de uitgaven in plaats van de oude jaarlijkse afspraak over het tekort. Dat brengt zekerheid en voorspelbaarheid en bovendien wisselgeld omdat jaar in jaar uit de feitelijke economische groei hoger was dan voorzien bij het opstellen van het regeerakkoord. Tot aan dit jaar heeft die systematiek van Zalm ons land goede diensten bewezen. Het CDA fluistert niet zonder jaloezie dat Zalm een zondagskind is met jaar in jaar uit hoge groei en extra financiële ruimte, maar de kiezers zijn geïmponeerd door zijn succes en de VVD heeft Zalm bijkans heilig verklaard.

Hoe lang nog? Zalm heeft alles wat mis was met tekort en staatsschuld grondig opgelost, maar reageert slecht op een heel ander probleem. Precies omdat de economische groei zo hoog blijft waren er bij de laatste telling in Nederland 216.000 vacatures. De private sector kan daar handiger mee omgaan dan de overheid. Ten eerste kunnen bedrijven goederen en diensten inkopen in het buitenland. In de gezondheidszorg is dat op heel beperkte schaal ook mogelijk, maar niet bij de politie en nauwelijks in het lager en voortgezet onderwijs. Ook kan het zakenleven de levertijd verlengen: wie nu een nieuwe keuken bestelt mag blij zijn als de installateur over zes maanden tijd heeft. Maar wie nu 112 belt wil niet zes maanden op de politie wachten. Tenslotte kan het bedrijfsleven het personeel meer betalen zodat mensen langer in dienst blijven. Bij de overheid en in de zorg liggen de budgetten vast en is daar nauwelijks ruimte voor.

Daarom lijdt bij de overheid nu het niveau van de dienstverlening onder de vacatures. Steeds grotere gaten bij de thuiszorg, in het ziekenhuis, bij de politie en op school. En minister Zalm wordt de hoofdverantwoordelijke en misschien wel eerder dan de VVD lief is. Kijk naar Engeland. Aan het begin van dit jaar was premier Blair nog de veelgeprezen politieke tovenaar die van Labour weer de natuurlijke regeringspartij had gemaakt. Nu is Labour in last, omdat de Engelsen spuugzat zijn van de vreselijke wachtlijsten in het ziekenhuis. Minister van Financiën Brown heeft in paniek ingestemd met een gigantische stijging van de budgetten voor de medische zorg (omgerekend voor Nederland: 9 miljard méér voor zorg). Maar ook in Nederland gaan patiënten nu onnodig dood bijvoorbeeld omdat er structureel te weinig capaciteit is voor bestraling na kankeroperaties. Een meerderheid van de bestralingscentra in Nederland laat patiënten te lang wachten op behandeling. Na twee weken vergeefs uitzien naar bestraling heeft een patiënt gemiddeld al weer 30 procent meer woekerende kankercellen. Zodra één patiënt die zo lijdt met naam bekend wordt, kan woede over de wachttijden net als in Engeland zich richten op een premier en minister van Financiën die bewust de zorgsector onmogelijk krap houden.

Meer geld is nodig maar niet voldoende. Ik heb in NRC Handelsblad al betoogd dat geld ook moet dienen om instemming te kopen van de vakbonden voor meer flexibel en efficiënt werken, niet alleen in de zorg maar zeker ook in het onderwijs, bij de NS en de politie. Maar betekent meer geld voor onderwijs, medische zorg, politie en spoorwegen dan ook hogere belastingen? Of een terugkeer tot slechte financiële gewoonten uit de jaren zeventig? Dat lijkt mij politieke stemmingmakerij. Er is geld genoeg om de kwaliteit van onderwijs, zorg etc. te verbeteren zonder dat het financieringstekort weer de verkeerde kant opgaat.

Nederland moet durven om de ambities wat hoger te stellen.

Niet langer gezellig maar sjofel in vergelijking tot Duitsland. Wij kunnen ons nu permitteren om in vergelijking tot Duitsland te kiezen voor een positie meer aan de kant van Zwitserland. Daar is genoeg capaciteit in de zorg en heeft elke trein een actieve conducteur. Ja inderdaad, het leven is er wat duurder, maar de kwaliteit van het bestaan navenant (en er werken verhoudingsgewijs meer mensen dan in Duitsland of Nederland). Ik zie die hogere aspiraties nog niet komen, want de VVD wil niets horen dat kritiek inhoudt op minister Zalm en de paarse partners praten veel te makkelijk mee met hun behoudende coalitiegenoten. En al die Nederlanders die onnodig sterven vanwege te weinig medische zorg zijn nu nog anoniem. Maar misschien niet lang meer.

    • Eduard J. Bomhoff