Minder kamers voor meer studenten

De kamernood onder studenten was al hoog, maar is door wetswijzigingen nog verergerd. Bovendien sterft de hospita uit.

Langzaam maar zeker raakt Sophie de Feijter (20) in paniek. De hele zomer is de aankomende studente Film- en Televisiewetenschappen al op zoek naar een kamer in Amsterdam. Zonder resultaat. ,,Als ik niet snel iets vind, ga ik maar tijdelijk in een jeugdherberg zitten of anders ontmoet ik tijdens de introductieweek misschien iemand bij wie ik even kan logeren'', zegt Sophie.

Ze heeft ,,een dagtaak'' aan de kamerjacht. Twee keer per week reist ze van haar woonplaats Groningen naar Amsterdam om aan de lotingen van de kamerbureaus mee te doen. Op de woonruimte-gezocht-briefjes die ze ophangt bij de supermarkten, prijst ze zichzelf aan als een ,,gezellige meid uit Groningen''. Tussen de bedrijven door belt ze op de aangeboden kamers bij een commercieel kamerbureau. Niets helpt en de datum nadert waarop de colleges beginnen en ze niet zoveel tijd meer zal hebben voor de speurtocht.

De grote kamerjacht van studenten tijdens de zomermaanden is een bekend verschijnsel in de universiteitssteden. Dit jaar is de woningnood in de Randstad echter veel nijpender dan voorheen, zeggen de kamerbureaus in het gebied. Precieze cijfers zijn niet voorhanden want studenten opereren in de marge van de woningmarkt. Het Amsterdams Steunpunt Wonen (ASW), dat bemiddelt voor kamers bij particulieren, zegt dat er veel minder kamers aangeboden worden dan vorig jaar. Toen heeft het kamerbureau voor in totaal 280 kamers bemiddeld, dit jaar is het aantal tot nu toe niet boven de twintig uitgekomen. In Amsterdam, waar studenten erg afhankelijk zijn van de particuliere - vaak illegale - kamermarkt, is volgens de ASW de koppelingswet een belangrijke oorzaak van het afnemende aanbod van kamers. ,,Mensen met een uitkering of huursubsidie willen niet meer zwart een kamer verhuren. De kans dat ze gepakt worden en gekort worden op hun uitkering of huursubsidie is veel groter dan voorheen'', zegt de woordvoerster van ASW. ASW vindt het goed dat het illegaal verhuren wordt aangepakt maar stelt dat de gemeente dan ter compensatie meer voorrang moet geven aan de bouw van studentenflats. ,,Nu worden goedkope huurwoningen massaal gesloopt en komen er dure koopwoningen voor in de plaats. Op die manier raken we nog meer plek kwijt voor studenten'', aldus de woordvoerdster.

,,Naast het dalende aanbod van kamers is er de stijgende vraag door een toenemend aantal studenten'', zegt P. Corler van de Vereniging van Niet-Kommerciële Kamerbureaus (VNKK). Dit jaar zullen naar schatting 131.000 mensen beginnen aan hun eerste studiejaar aan hogeschool of universiteit, zesduizend meer dan in 1995. Amsterdam en Utrecht zijn de populairste universiteitssteden met respectievelijk vijftienduizend en veertienduizend eerstejaarsstudenten.

De vermindering van het aanbod van kamers voor studenten wijt Corler vooral aan het algehele gebrek aan woonruimte in de Randstad. ,,Starters blijven steeds langer op hun oude studentenkamer zitten want ze kunnen gewoon niet verder. Dat hindert de doorstroming.'' De Stichting Sociale Huisvesting Utrecht, die een aantal studentenflats beheert, zegt hier veel last van te ondervinden. Vorig jaar was de wachttijd voor een kamer in een van hun flats nog twaalf maanden, nu is dat bijna het dubbele. ,,We zijn nu aan het kijken of we nog een studentenflat zullen bouwen, maar het is de vraag of we het betaalbaar kunnen houden nu de huursubsidie op onzelfstandige woningen voor studenten afgeschaft is'', zegt de woordvoerster van de stichting.

Op de particuliere kamermarkt is naast de koppelingswet ook de economische voorspoed een belangrijke reden voor de terugval in het aanbod van kamers, volgens Corler. ,,Mensen hebben die extra paar duizend gulden per jaar niet meer echt nodig. Bovendien ervaart men een student in huis steeds meer als een inbreuk op de privacy.''

In Amsterdam zijn de niet-commerciële kamerbureaus om de tafel gaan zitten met de gemeente. ,,Wij hebben een paar belangrijke toezeggingen gekregen'', zegt de woordvoerster van de ASW. ,,Nu mogen studenten zich ook inschrijven bij de gemeente als ze op een zolder van bijvoorbeeld een hospita wonen.'' Deze werd niet als zelfstandige woonruimte gezien. De toezegging is belangrijk: zonder inschrijving geen uitwonendenbeurs. Volgend jaar zal de koppelingswet ook voor de studenten in werking treden waardoor het voor hen riskanter wordt zich niet te laten inschrijven op hun woonadres. Een tweede toezegging van de gemeente betreft de oprichting van een stichting die te renoveren panden van de woningcorporaties tijdelijk gaat verhuren.

Bij balie 7 van het Informatiecentrum van de Universiteit van Amsterdam wacht Sophie op de verloting van een kamer bij het kamerbureau van de ASVA Studentenunie. Het is druk, zo'n veertig andere studenten komen ook hun geluk beproeven. ,,We hebben een goede dag vandaag met maar liefst drie kamers in de aanbieding'', vertelt Gerald Nabe van de ASVA Studentenunie. ,,Deze zomer hadden we soms weken achter elkaar helemaal niets, echt gênant.''

Hij geeft de lootjes uit voor kamer `182'. Sophie krijgt nummer 666. Ze fronst haar wenkbrauwen: ,,Het getal van de duivel, dat voorspelt weinig goeds''. Gerald stopt de lootjes in een koektrommel en schudt ermee. Dan neemt hij er vier briefjes uit. De studenten met die nummers zullen allevier het adres van een woning krijgen. Ze moeten zelf contact opnemen met de verhuurder die dan de meest geschikte kandidaat kiest. Gerald leest de winnende nummers voor. Bij het vierde briefje roept hij: ,,Kijk eens, hier hebben we het getal van de duivel.''

    • Deedee Derksen