Migratie is eigenbelang

Geachte heer Van Boxtel,

Hoe is de vakantie bevallen? Voldoende uitgerust om een nieuw parlementair jaar aan te kunnen?

Ik heb zelf dit jaar mijn zomervakantie in mijn geboorteland Marokko doorgebracht. De ongerepte natuur in dat uitgestrekte land heeft duidelijk een rustgevende en tevens een relativerende werking op mij gehad. Ik was blij te zien dat burgers ambtsdragers weerwoord kunnen bieden en dat kranten ongecensureerd kunnen berichten. Het is er wel eens anders geweest.

Minder blij was ik met het feit dat de sociaal-economische omstandigheden in het land dagelijks tientallen mensen tot de verdrinkingsdood drijven: mensen die in niet-zeewaardige vaartuigen stappen om aan de andere kant van de Middellandse Zee hun heil te zoeken. Heel veel van deze bootjes halen de overkant niet.

In deze eerste openbare correspondentie wil ik vooral stilstaan bij twee belangrijke feiten die met internationale migratie te maken hebben. In de eerste plaats het rapport van de Verenigde Naties waarin wordt gesteld dat vergrijzing in het Westen tot economische stagnatie kan leiden. Volgens de VN moet het antwoord worden gezocht in import van arbeidskrachten uit gebieden waar een overschot heerst aan arbeidskrachten. In de tweede plaats hebben de Europese regeringen eind juli in Marseille gesproken over een nieuw te organiseren migratiebeweging. Nederland heeft zich in deze kwestie – naar ik heb begrepen – aarzelend en voorzichtig opgesteld. Spanje en Duitsland daarentegen hebben inmiddels duidelijk gemaakt arbeidsmigranten te willen opnemen.

Hoe kijkt u aan tegen deze discussie? Immers, ook in Nederland vragen bedrijven en instellingen regelmatig om beleidsmatige ruimte, zodat zij werknemers van buiten de Europese Unie kunnen aantrekken. De nood bijvoorbeeld in de zorgsector wordt alleen maar hoger, zeker nu de opleidingen verpleegkunde een kwart minder studenten aantrekken. Maar ook andere sectoren kampen met grote tekorten. Ik ben benieuwd hoe de Nederlandse regering het heersende klimaat van `houd migranten zoveel mogelijk buiten de grenzen' kan overwinnen, als binnen enkele jaren `verse' migranten uit welbegrepen eigenbelang noodzakelijk zullen blijken te zijn om de BV Nederland draaiende te houden.

Bezorgd ben ik over de reprimande van de Verenigde Naties aan het adres van Nederland als het gaat om racisme bij de Nederlandse politie. De heersende politiecultuur zou debet zijn aan het vertrek van veel allochtone agenten. De terechtwijzing is des te pijnlijker omdat ook ik weet hoeveel politieke aandacht en geld er in de voorbije jaren in het `interculturaliseren' van het politieapparaat is gestoken. Zonder al te veel resultaat, blijkbaar. Ik vind dat we deze constatering serieus moeten nemen. Waartoe racisme in het politieapparaat kan leiden, zien we in Frankrijk. Daar hebben allochtonen minimaal vertrouwen in de dienders, met als gevolg no go areas en permanente spanningen.

De situatie in Nederland ziet er gelukkig een stuk beter uit. Niet in de laatste plaats omdat tal van politiekorpsen actief aan cultuurveranderingen werken en zich inspannen om allochtonen binnen te halen. Ik ben ook overtuigd van de goede wil van met name de politiechefs. Maar de tijd dringt. Wellicht moeten we constateren dat we het anders moeten doen. Bij deze aanhoudende negatieve berichten is het aannemelijk dat potentiële kandidaten voor de politieopleidingen zich alsnog zullen bedenken. Nu weet ik ook dat het niet altijd gemakkelijk is om migranten bereid te vinden om bij de politie te gaan werken. U moet het echter met mij eens zijn dat we voor die mensen die zich wel aanmelden een veilige werkomgeving moeten creëren. Ik ben benieuwd naar uw reactie op de VN-bevindingen op dit punt.

Hoogachtend,

Ahmed Aboutaleb