Symbool van de vrijheid

Veel mensen plaatsen de geboorte van de scooter aan het einde van de Tweede Wereldoorlog, in Italië. Een arm land wordt mobiel op een tweewieler die snel furore maakt in heel Europa. De nieuwe uitvinding wordt een mythe en het enorme succes van één fabrikant maakt van de soortnaam een merknaam: de Vespa. Vespatizzatevi, roept de Italiaanse reclame: vespatiseer je.

Het onlangs geopende museum dat vrijwel geheel aan de beroemde Vespa is gewijd,bij de fabriek waar ze worden gemaakt, houdt deze mythe stilletjes in stand. Alleen een mondelinge toelichting maakt duidelijk dat in Engeland en Frankrijk al in de jaren twintig scooters werden gemaakt. Maar die waren zo lelijk en ongemakkelijk dat ze eigenlijk niet meetellen. Het was een soort opwarmer voor het echte verhaal. En dat speelt zich af in Italië.

Het Vespa-verhaal begint aan het einde van de Tweede Wereldoorlog, in de buurt van de stad Alba, in het noordwesten. De staf van vliegtuigfabriek Piaggio heeft onderdak gevonden op het landgoed van graaf Trossi, een groot liefhebber van alles wat met vliegen te maken heeft. In een schuur daar ontdekt Enrico Piaggio een scooter van Britse makelij. Over hoe die daar is gekomen, lopen de versies uiteen, want het is oral history. Sommigen zeggen dat de graaf de scooter in Zwitserland had gekocht. Anderen houden vol dat het voertuig per parachute werd gedropt voor partizanen in de heuvels van Piemonte en op het landgoed van de graaf terechtkwam.

De geallieerden hadden de Piaggio-fabrieken bij de Toscaanse stad Pontedera, tussen Pisa en Florence, platgebombardeerd, en Piaggio moest zichzelf een nieuwe toekomst scheppen. Het familiebedrijf was in 1884 begonnen met houten scheepsinterieurs en was daarna overgeschakeld op boten, treinen en vliegtuigen. Eigenaar Enrico Piaggio realiseert zich dat een Italiaanse vliegtuigfabriek weinig perspectief heeft - al zal zijn broer het wel blijven proberen. Hij gokt op de behoefte aan een goedkoop vervoermiddel, dat de slechte wegen aankan en je niet vies maakt - motorrijders uit die tijd kwamen onherroepelijk onder de olie van de ketting te zitten.

Het denkproces is bijna stap voor stap te volgen in het nieuwe Piaggio museum in Pontedera. Daar staat het eerste Italiaanse prototype. Het is nog in Britse stijl: log en lelijk. Het middenstuk loopt helemaal door. Dit model krijgt de spotnaam Paperino, Donald Duck.

Dan gaat ingenieur Corradino D'Ascanio zich ermee bemoeien, de man die in 1934 de eerste, moderne helikopter op zijn naam zette. D'Ascanio haat motoren omdat ze vies en ongemakkelijk zijn. Hij wil iets bedenken waar je makkelijk op kan stappen en waarmee ook vrouwen zich kunnen verplaatsen zonder dat hun rok opwaait. Ascanio komt met een aantal technische hoogstandjes: hij zet de motor bij het achterwiel, haalt het hele middenstuk weg, stopt de koppeling bij het stuur en bevestigt het voorwiel niet aan een vork, maar aan een soort draagarm, net als bij vliegtuigen. De MP6, zo wordt dit prototype gedoopt. ,,Ze heeft een groot zitvlak en een smal middel'', zegt Enrico Piaggio enthousiast. Sembra una vespa - het lijkt wel een wesp.

Een mythe is geboren. De Vespa is een enorm succes. De filmster Audrey Hepburn maakt sluikreclame door in Roman Holiday (1953) bij Gregory Peck achterop een Vespa door Rome te rijden. De scooter wordt het symbool voor bewegingsvrijheid. Vanuit Italië verspreidt dit nieuwe vervoermiddel zich razendsnel naar andere Europese landen, en daarna naar de derde wereld. Er zijn nu meer dan zestien miljoen Vespa's verkocht.

Een groot aantal van die modellen is te bekijken en te vergelijken in het Piaggio-museum. Al snel komt de koplamp boven op het stuur te zitten. Het reservewiel verandert van plaats. De technische specificaties veranderen. Maar in grote lijnen is het model nog steeds hetzelfde als dat van een halve eeuw geleden. Voortbouwend op die faam heeft Piaggio daarom een paar jaar geleden technisch geheel vernieuwde versies uitgebracht.

Het museum, dat is ingericht in een voormalige fabriekshal, biedt nog meer curiosa. Eén daarvan is de Vespa Alpha, gemaakt voor de film Dick Smart Agent 2007 uit 1967. Deze kan zich omvormen in een helikopter en een duikboot - in de film dan. Er staat ook een volledig opgetuigde Vespa 150 met anti-tankkanon en bewapening, die in de jaren vijftig is gemaakt in de Franse fabriek van Piaggio. Deze scooters zijn door de Fransen nog ingezet in Indochina. Voor militair gebruik waren ook de parachuteerbare Vespa's. Die kwamen in delen naar beneden en konden op de grond in elkaar worden gezet. En natuurlijk ontbreekt de unieke Vespa Siluro niet: een strak gestroomlijnde bliksemschicht met een 125 cc motor, waarmee Piaggio in 1951 op de rechte weg tussen Rome en Ostia het werelduurrecord op 171 km per uur zette.

De Vespa's krijgen de meeste aandacht en ruimte, al zijn er ook verwijzingen naar de rest van de bedrijfsgeschiedenis. Buiten staan een glanzend blank-metalen treinstel uit de jaren dertig, de MC1. In een aangrenzende hal zijn beroemde modellen van het motormerk Gilera bij elkaar gezet, zoals de Otto Bulloni, de Rondine en de Saturno - Gilera maakt sinds 1969 deel uit van de Piaggio-groep. En tussen de scooters staan modellen van de brommers die Piaggio sinds de jaren zestig maakt, en een exemplaar van de tweezitter Vespa 400. Dat is een kleine auto uit 1957 die net iets eerder op de markt verscheen dan de Fiat 500, maar geen partij was voor de concurrentie.

Het museum is een paar maanden open en er liggen plannen genoeg voor uitbreidingen en aanvullingen. Zo staan de Vespa's waarmee hele wereldreizen zijn gemaakt, nu nog in een rommelig hoekje bij elkaar te wachten op een betere opstelling. Ook de Ape, de kleine scooter-vrachtwagen die nog steeds een geliefd vervoermiddel is voor kleine boeren en handelaren, krijgt relatief weinig aandacht. En er moet ook een mooie afdeling te maken zijn met de reclameposters. Die zijn het middel bij uitstek om de culturele revolutie te illustreren die de Vespa betekende. ,,Het symboliseerde gelijkheid en open mogelijkheden voor iedereen'', schreef de socioloog Francesco Alberoni bij het 50-jarig bestaan van deze scooter. ,,De zwermen Vespa's op de wegen vertelden iedereen, in de onmiddellijke taal van materiële symbolen, dat ze vrij en gelijk waren en dat alle mogelijkheden voor hen open lagen.'' In de jaren zeventig is de Vespa een statement geworden van jongeren - de filmer Nanni Moretti heeft hier herhaaldelijk naar verwezen. En nu symboliseert de Vespa mobiliteit in volgeslibde steden. Wie met de auto komt, wordt daar meteen mee geconfronteerd, want het is moeilijk parkeren bij het museum.

Viale Rinaldo

Piaggio 7, Pontedera. Wo t/m za 10-18u. Gratis toegang. Inl (0039)-(0)587.272535.

    • Marc Leijendekker