Gevaar voor Europa

Hierbij enkele aanvullingen op wat de heer Heldring schrijft in zijn artikelen `Economisme: gevaar voor Europa' en `Etatisme: gevaar voor Europa' (NRC Handelsblad, 8 en 11 augustus).

De economie kan zich het best ontwikkelen zonder interferentie met de economische processen. Iedere bemoeienis door een overheid met de economie verstoort die. Als overheden in Europa alleen in economische taal over Europa spreken kan dat betekenen dat zij de economie willen besturen. Maar dat is hun taak niet en zou averechts werken. Een overheid behoort zich alleen bezig te houden met het mogelijk maken van een gezonde economie, en dat is juist het vermijden van interferentie met de economie. Interferentie moet ook afwezig zijn ten aanzien van de politieke en culturele waarden van de landen die het plan hebben te integreren tot de EU. De winst van de EU zit juist in het samengaan van de diversiteiten, waardoor het geheel meer kan zijn dan de som der delen. De culturele rijkdom van Europa is juist het gevolg van de vele zelfstandige staatjes die er destijds waren. Als heel Europa het Franse staats- of samenlevingsmodel moet krijgen lopen de burgers en hun cultuur inderdaad gevaar. In de tijd van Napoleon hebben de landen zich met succes daartegen verzet. Dat zou dan nu weer moeten gebeuren.

De gevaren waar de heer Heldring op wijst zijn behalve een gevaar voor Europa, ook, en misschien vooral, een gevaar voor ons, individuele burgers. Het is een taak van de overheid ons hiertegen te beschermen.

    • H. Ponssen