Filosofische stoelen

Een tafel is allang geen plank met vier poten meer, een kast geen efficiënte maar onzichtbare opbergplek, een stoel geen uit veren en bloemetjesstof opgetrokken onderzetter voor het vermoeide lijf. Nederlanders beginnen langzamerhand de waarde van eigentijds design te onderkennen en zijn ook niet te beroerd om er voor te betalen. Voor de vaderlandse woninginrichter tegenwoordig geen truttige gebruiksmeubelen meer, maar creativiteit en innovatie. Aan de ontwerpers zal het niet liggen; in groeiende aantallen werpen zij zich op de nieuwe markt. In de Haagse Grote Kerk tonen tweehonderd in Nederland actieve ontwerpers de stand van zaken in het nationale meubellandschap.

Wat meteen opvalt bij het betreden van de expositie is de veelheid aan stijlen. Rietvelds hoekige constructies, de simpele elegantie van Gipsen of de uitbundige luxe van Andrea Branzi vervullen anno 2000 allemaal een voorbeeldfunctie. Natuurlijk leidt dit historisch leentjebuur spelen hier en daar tot onverholen epigonisme. Zo klinkt in het lichtgele dressoir met ronde deuren en zilverkleurige, amandelvormige poten, de invloed door van het Italiaanse design van de jaren tachtig. En de brede fauteuilles die Laurens van Wieringen maakte van fel groen, zacht kunststof zijn duidelijk schatplichtig aan de popart.

Maar de meest gevolgde stijl moet wel die van Droog Design zijn, momenteel Nederlands bekendste en invloedrijkste collectie. Joke van der Heides van samengeperste stof gemaakte poef bijvoorbeeld lijkt sterk op Tejo Remy's Rag Chair. En het maken van meubels van sinaasappelkistjes zoals Anthonie Heynsius doet is al zeven jaar geleden geïntroduceerd door Hugo Timmermans.

Opvallend veel ontwerpers laten zich zien van hun meest praktische kant; de meubels die ze ontwerpen, voegen functioneel echt iets toe aan het dagelijks leven. Vrijland Design boog zich bijvoorbeeld over de vraag hoe je anti-RSI-maatregelen kan incorporeren in een computertafel. Het middelste deel van het door hen bedachte bureau is naar beneden te schuiven waardoor een goot ontstaat voor het toetsenbord. De geteisterde kantoorhand kan dan rustig op de rand liggen.

Ook de kofferkast van Hester Coolen valt in de categorie `reuze handig'. De twee scharnierende delen vormen uitgeklapt een elegante kast, maar kunnen in geval van verhuizing of ruimtegebrek dichtgeklapt worden. En dan biedt de kast ook nog ruimte aan maar liefst vijf meter boeken.

Dat de grens tussen design en kunst een vage is, blijkt uit het grote aantal sculpturale ontwerpen. Bianca van der Werf maakte een touwstoel die thuishoort op een sokkel en ook Geralt Ploegstra's `vouwpakket' een onregelmatige ovaal wordt een grillige sofa hangt tegen de moderne kunst aan. Marieke van Gool benaderde het idee `stoel' op bijna filosofisch-mathematische wijze door hem terug te brengen naar een kubus en een rechthoek. De eerste is het zitvlak en de tweede de rugleuning. Door de leuning een kwartslag te kantelen krijgt hij een dubbelfunctie als bijzettafel.

Werkelijk nieuwe dingen zijn er ook te zien in Den Haag. Isabelle Leijns Sunny side up belichaamt de perfecte combinatie van humor, functionaliteit, nostalgie en visie. Het is een hoogpolig wit tapijt in de vorm van een gebakken ei. De dooiers bestaan uit twee gedeukte plastic ballen. Dit is een plek om te zitten, liggen of hangen. En als reuzenspiegelei op de vloer van de woonkamer zal het zeker niet over het hoofd gezien worden.

Sofa's salon meubelontwerpen van nu. T/m 28 aug in De Grote Kerk, Torenstraat, Den Haag.

Dag. 11-17u, za 26 aug 11-16u

Toegang ƒ5 Inl 070-3922472

Poef

In het artikel Filosofische stoelen (in de krant van 24 augustus, pagina 23) is de naam van Joke van der Heyden verkeerd gespeld. Bovendien is haar poef niet gemaakt van samengeperste stof, maar van plakband.