Economie in Duitsland nog niet uit dal

De economie in Duitsland groeit en blijft voorlopig groeien, maar minder snel dan in de buurlanden. Met name op de arbeidsmarkt gaan de hervormingen nog niet snel genoeg.

Beieren zorgde gisteren voor onrust. Het economische Ifo-instuut uit München had zijn stemmingsbarometer nog niet bekend gemaakt of prompt gleed de Euro verder omlaag. Betekent dit nu dat de economische expansie in Duitsland, de sterkste economie in de Europese Unie, weer voorbij is? Geenszins. De uitzichten voor stabiele groei in Duitsland zijn gunstig.

Nog in mei constateerde hetzelfde Ifo dat de opbloei van de Duitse economie op een steeds breder fundament rustte. Ondernemers waren `in negen jaar niet meer zo optimistisch geweest'. Zij blikten zeer positief in de toekomst, constateerde het Ifo op grond van de stijgende barometer van 101,2 tot 102,1 punten in mei. De hoogste stand sinds maart 1991. Nu is het enthousiasme bij het bedrijfsleven onverwacht getemperd als het Ifo geloofd moet worden. De barometer is in juni en juli gedaald tot 99,1 punten.

Maar is dat reden de rode vlag uit te hangen? Tal van andere zeker zo vooraanstaande economische instituten, evenals de Duitse Bundesbank trekken andere conclusies uit de huidige ontwikkelingen in Duitsland. De immer gereserveerde Bundesbank is aanzienlijk optimistischer over de Duitse economie. In haar jongste maandverslag stelt de centrale bank vast dat de opbloei van de economie juist steviger wordt. In de jaren negentig groeide de Duitse economie jaarlijks met gemiddeld 1,5 procent. De groei die de bank vaststelt over dit jaar is beduidend hoger. Het bruto binnenlands produkt (som van de geproduceerde goederen en diensten) is in het tweede kwartaal van dit jaar met 3,25 procent gegroeid vergeleken met dezelfde periode vorig jaar.

Bovendien verstevigt de expansie zich doordat de groei niet alleen meer door de export wordt gedragen, hoewel de uitvoer sterk blijft. In mei steeg de uitvoer met een record van 21,8 procent. Het overschot op de handelsbalans wordt voor dit jaar op 149 miljard geschat.

De Bundesbank stelt echter ook vast dat naast de sterke ontwikkeling van de export de economische expansie in toenemende mate gedragen wordt door de binnenlandse vraag. Dat blijkt uit de stijgende opdrachten voor het bedrijfsleven en de industriële produktie. De produktie in de industrie is de laatste drie maanden zelfs sterk toegenomen met 7,5 procent tegenover dezelfde periode vorig jaar. Ook het Ifo moet toegeven dat de aantrekkende produktie en orders wijzen op voortzetting van de groei.

,,De grotere bereidheid tot investeringen kan tot nieuwe banen en een stijgende werkgelegenheid voeren'', schrijft de Bundesbank in haar verslag. De bank ziet de belastinghervorming, die tot lagere tarieven voor ondernemers en burgers leidt, terecht als een ,,belangrijke stap'' voor verbetering van de werkgelegenheid.

Hoewel het snelle tempo van de groei kan afnemen als gevolg van mogelijk nieuwe rentestijgingen om de stijgende inflatie (2,4 procent in juli) in bedwang te houden, achten de economen van de Bundesbank en van verschillende economische instituten een groei van ruim 3 procent voor dit jaar realistisch.

Toch zijn er redenen om de dalende Ifo-barometer als waarschuwing op te vatten. De Duitse economie mag expanderen, dat betekent niet dat Duitsland al uit het dal is geklommen. Met de belastingverlaging is weliswaar een belangrijke stap gezet, maar het moet nog blijken hoe groot de dynamiek van de Duitse economie werkelijk is. Tot nog toe was de economische opbloei grotendeels een geschenk uit Amerika. De zwakke Euro waarvan Duitsland economisch profiteert, is goeddeels toe te schrijven aan de kracht van de Amerikaanse economie waar al veel langer wordt erkend dat een kleinere rol voor de staat bijdraagt aan de groei.

In Duitsland begint nu ook het besef door te dringen dat het terugdringen van het overheidsaandeel in de economie goed is voor de economische dynamiek, stelde het Instituut voor Internationale Economie in Kiel recent vast. Vooral de begrotingspolitiek van minister Hans Eichel (Financiën), die streng bezuinigt, wordt geprezen. Ook op het gebied van de CAO-politiek heeft kanselier Gerhard Schröder (SPD) zijn steentje bijgedragen dat de vakbonden matiger loonakkoorden afsluiten.

Maar wat betreft de arbeidsmarkt is Duitsland nog ver verwijderd van een werkelijke doorbraak. De Duitse topeconoom van de Europese Centrale Bank, Otmar Issing, noemde de werkgelegenheid van rond de vier miljoen ,,onverdraaglijk'' hoog. De Organisatie van Duitse Banken noemde deze week ,,uitblijvende hervormingen op de arbeidsmarkt'' de belangrijkste oorzaak dat de Duitse groei lager is dan die in de gezamenlijke Euro-landen. De arbeidskosten in Duitsland horen nog altijd tot de hoogste in Europa. De bankenorganisatie deed dan ook een dringend beroep op de regering de bijdragen voor sociale verzekeringen te verminderen tot onder de 40 procent. Ook de zwakke Euro is een signaal aan de politiek, dat de economische hervormingen in de grote Euro-landen zoals Duitsland nog lang niet ver genoeg gaan.

    • Michèle de Waard