Bijpraten

Het slot van de vakantieperiode kondigde zich even onmiskenbaar als wreed aan, maar Karel wilde het nog niet weten. We voelden allen met hem mee, daar op dat zonovergoten terras aan de Amstel. We konden hem niet zien, maar dat versterkte juist het dramatische effect. De enige die we zagen en vooral hoorden, was de advocaat van Karel.

De advocaat was een kalende man in een merkwaardige zomerkledij – zwarte coltrui. Hij was in het gezelschap van een geblondeerde vrouw en een oudere man. De stemming was opgetogen, de werkdag zat er op, tijd voor een welverdiend glaasje. De advocaat, die met een licht Brabantse tongval het hoogste woord had, moest nog één klusje klaren: even Karel in Mallorca bellen. Hij toetste op zijn telefoon een nummer in.

,,Hallo Karel!'' schalde het over het terras. De reactie vanuit Mallorca leek minder hartelijk, maar onze advocaat liet zich er niet door afschrikken. ,,We moeten even bijpraten, Karel. Ja, je hebt nog vakantie, maar je moet dit weten. Jij en Henk zijn gedagvaard, de zaak komt eind augustus voor. Ik kan dat niet tegenhouden, nee, het spijt me.''

Er scheen nu in Mallorca een kleine aardverschuiving plaats te vinden. De advocaat hield even verbaasd zijn telefoon in de lucht en keek wenkbrauwfronsend naar zijn gezelschap. ,,Ik moet je dit overbrengen, Karel'', probeerde hij weer, ,,dat is mijn functie. Niet gaan? Daarmee grijp je jezelf. Die Amerikanen hebben er een goeie advocaat op gezet, ze eisen het uiterste, minstens anderhalve ton dollar. Vergeet niet dat jij de financial owner bent.''

De stem van de advocaat had iets bezwerends gekregen. Alsof hij aan iemands sterfbed zat en hem wilde duidelijk maken dat het in het hiernamaals best wel eens kon meevallen. Er moest alleen nog even één vuiltje uit de lucht worden gehaald, voordat Karel ten hemel kon opstijgen.

Karel scheen iets ondeugdelijks te hebben verkocht. Een schip met een falende propeller in de motor. Hij had er ook nog een garantie bij afgegeven. Het was in ieder geval een combinatie van factoren waar `de Amerikanen' terecht veel brood inzagen. ,,Je moet erop rekenen dat dit zaakje je 50.000 dollar gaat kosten'', waarschuwde zijn advocaat. ,,Als we niet gaan, word je bij verstek veroordeeld. Je kunt mij beter laten gaan. Dat kost je wel alvast 7800 gulden aan griffierechten, dat weet je? Ik zal de zaak zoveel mogelijk proberen af te grenzen. Ik moet het in de tijd naar achteren pushen.''

Karel wilde liever de hele wereld wegpushen, uiteraard behalve Mallorca. ,,Karel, we kennen elkaar goed, je weet wat je aan me hebt'', riep de advocaat, ,,wanneer kom je?''

Opeens was het gesprek voorbij. De advocaat keek zijn gezelschap meewarig aan. ,,Ik moet mijn geld van hem zien te krijgen voor ze bij hem beslag leggen'', zei hij. ,,Als hij die Amerikanen gaat betalen, moet het maar via mijn kantoor lopen. Zullen we nog een pijpje nemen?''

Dat leek iedereen een goed idee.

    • Frits Abrahams