Glaasje jenever heeft het nakijken

De overname van Bols markeert de teloorgang van de Hollandse traditie van jenever stoken. De jeugd drinkt liever wodka.

In het trendy Amsterdamse café Schuim staan 250 merken sterke drank achter de toog. Maar geen jonge of oude jenever van Bols. Het felgroene Pisang Ambon van Bols is het enige merk van de Nederlandse producent dat regelmatig wordt besteld, zegt de vrouw achter de bar. En dan alleen door 18-jarige meisjes. ,,Het drinkt lekker makkelijk.'' Twintigers en dertigers – en daar barst het hier 's avonds van – lusten tegenwoordig naast bier en wijn, Zweedse of Russische wodka, Mexicaanse tequila, Bacardi, whisky of Spaanse brandy 103. Alles wat van ver komt.

De jeugd is niet op de hoogte van zo'n mooie Hollandse traditie als het stoken van jenever en likeur, zegt C. van Wees (67). In een hoekje van de Jordaan stookt hij al vijftig jaar jenever, zijn familie doet dat sinds 1782. Toen hij begon, begin jaren vijftig, telde Nederland bijna 500 destillateurs, nu zijn het er 13. In de kelders onder het kantoortje ligt 80.000 liter jenever in putten en staat meer dan 500.000 liter oude jenever opgeslagen in vaten. De lucht is zo vol jenevergeur, dat je er van gaat hoesten.

Jenever was ooit de meest gedronken sterke drank in de wereld. In 1890 dronken Nederlanders nog 4,46 liter gedestilleerd per jaar, anno 1999 was dat nog maar 1,68 liter, blijkt uit cijfers van het Produktschap voor Gedestilleerde Dranken. En Bols, dat was een synoniem voor jenever. Maar die tijd is voorbij. De Britse zakenkrant The Financial Times rept in zijn berichtgeving gisteren over de overname van het Nederlandse Bols door het Franse Rémy Cointreau met geen woord over jenever: `Bols, bekend van Blue Curacao', schrijft de krant.

Het zal drankconcern Rémy Cointreau niet om de jenever zijn gegaan toen het besloot Bols te kopen.

Gisteren werd bekend dat het bedrijf 1,127 miljard gulden over heeft voor 90 procent van Bols. Met name de positie van Bols op de Poolse en Griekse markt is voor Rémy Cointreau interessant, zo verklaarde het bedrijf. In die landen bezit Bols sinds kort een populair Pools wodkamerk en het Griekse Metaxa. De toegenomen omzet van Bols, van ruim 400 miljoen tot 600 miljoen gulden de afgelopen twee jaar, is ook te danken aan de Poolse en Griekse acquisities, zegt bestuursvoorzitter R. van Ogtrop.

Zestien soorten jenever en 60 soorten likeur maakt Van Wees in de Jordaan, van aardbeien, bosbessen, pruimen, bananen. Hij heeft als enige stoker in Nederland nog een `stookregister' waar precies in staat wat hij in de jenever of likeur heeft gestopt. Zijn flessen kosten meer dan die van Bols of Ketel 1, uit Schiedam. ,,Maar alleen in Nederland begint men over hoeveel zoiets kost'', moppert hij. ,,Het gaat niet om de prijs. Het gaat erom dat iets op ambachtelijke wijze is gemaakt, dat de geest uit de vrucht is getoverd.''

Naast jenever en likeur maakt Van Wees geconcentreerde aroma's – esprits en parfums – voor banketbakkers, bonbonmakers en restaurants om mee te koken.

Het verschil tussen ambachtelijk gestookte jenever en grootschalig geproduceerde jenever is hetzelfde als het verschil tussen een kast van een traditionele meubelmaker en een kast van een meubelketen, zegt Van Wees. ,,Dat tweede valt na tien jaar uit elkaar. Het is een frame van latjes waar een plaat op is geniet. Het is lang niet zo'n goede kast maar het verkoopt wel.'' Hetzelfde geldt voor smaak in Nederland, zegt Van Wees. ,,De groenteboer verkoopt geen kruisbessen meer maar kiwi's en die smaken naar niks! Oorspronkelijke geuren en smaken worden niet meer belangrijk gevonden, het volk verliest zijn smaak.''

De Van Wees likeuren dragen namen als `kwartiernavijven', `venusolie' en `hempjelichtop'. Die namen stammen uit de tijd dat de meeste Amsterdammers niet konden lezen en schrijven, zegt Van Wees. Maar dat ze wel onderscheid konden maken tussen echte gedestilleerde alcohol en ,,water met een smaakje en toegevoegde alcohol''. Want dat zijn de meeste sterke dranken tegenwoordig, zegt Van Wees. ,,In Cognac, in Frankrijk, móét je druiven gebruiken anders mag je het geen cognac noemen. Maar in Nederland kennen we zulke wetten niet. De wet beschermt ons niet.'' Het gevolg is dat `pruimenlikeur' en `bananenlikeur' zo mag heten, ook als er geen pruimen of bananen in zitten.

Voor de meeste slijters is jenever al lang geen belangrijke markt meer, zegt H. Kalkman, vice-voorzitter van de Slijtersunie. Sinds de `jenever-oorlog' in de jaren zeventig – een prijzenslag die werd ontketend door onder meer supermarktketen Dirk van den Broek – verdienen slijters nog maar een paar cent op gedestilleerde dranken. ,,Veel Nederlandse jenever heeft het imago gekregen van een stunt-product. Goedkoop. Vroeger vroeg men om een liter Bokma (van Bols). Als men nu vraagt om jenever dan zegt men: wat is er in de reclame?'' Maar hoe de drankenfabrikanten ook stunten met de traditionele gedestilleerde dranken, zegt Kalkman, jongeren willen er niet aan.