`In Holland heerst het Grote Zwijgen'

Hoe boeiend is het politieke en maatschappelijke debat in Nederland? Deel 5 van een serie: de visie van Steven de Foer, scheidend correspondent van de Belgische krant De Standaard.

Soms vindt Steven de Foer de Nederlanders een vreemd volk. Nee, van het opgeheven vingertje schrikt de correspondent van de Belgische krant De Standaard niet meer. En de debatcultuur ,,om over alles te praten tot je erbij neervalt'' kan hij zelfs waarderen. Maar het Grote Zwijgen over sommige kwesties verbaast hem in hoge mate.

Neem de positie van het staatshoofd, waarover fractieleider Thom de Graaf van D66 dit voorjaar een debat probeerde aan te zwengelen. ,,Ik vond het bizar om te zien hoe zijn verhaal onmiddellijk werd neergesabeld. Terwijl hij alleen een ballonnetje opliet, werd hij behandeld alsof hij de republiek wilde uitroepen. Kijk, dat mensen het niet met hem eens waren, dat begrijp ik. Maar dat je er niet over mag praten vind ik zot. Ik heb er maar één verklaring voor: zodra het nationale gevoel wordt geraakt, is iedere discussie taboe.''

Eenzelfde patroon ontwaart De Foer bij de afwikkeling van Srebrenica. Zeker, er is een vorm van onderzoek. En zeker, er is een vorm van nationaal gesprek. ,,Maar om nou te zeggen dat er morgen een rapport uitkomt waarin wordt gesteld: voor zoveel procent was het onze schuld en daarvoor bieden we onze excuses aan, dat zie ik niet gebeuren.''

Waarom niet? ,,Omdat het niet past bij het Nederlandse zelfbeeld. Het beeld van een land dat graag zijn internationale verantwoordelijkheid neemt. En zich ook graag tot de grote landen rekent. De frustratie dat je er niet echt bij hoort heeft een verlammend effect op het debat.''

Zwijgen zag hij Nederland ook over de behandeling van de Italiaanse journalisten bij de finale van het Europees voetbalkampioenschap in Rotterdam. ,,Daar vielen de nodige klappen en in Italië ontstond flinke opwinding. Maar toen Kok zei: `de discussie in gesloten', hield iedereen meteen keurig zijn mond. Ook hier treedt hetzelfde mechanisme op: zodra het internationale imago in gevaar is, verstomt het debat. Ik weet zeker: als het een wedstrijd Ajax-Feyenoord was geweest, en het waren Amsterdamse journalisten die klappen hadden gekregen, was er nog maanden uitvoerig over geschreven en gesproken.''

De Foer verbleef drie jaar in Nederland. Hij beëindigde zijn correspondentschap vorige maand om terug te keren naar de redactie van zijn krant in Brussel. In die drie jaar heeft hij het maatschappelijke en politieke debat in Nederland zien vervlakken. Menigmaal was het verklaarbaar, de grote ideologische discussies zijn overal in de westerse samenleving uitgewoed. Maar soms zag hij tot zijn verbazing hoe `blauw' en `rood' in de paarse coalitie de status quo nadrukkelijk in stand houden. De VVD bijvoorbeeld met het woonbeleid, de PvdA met de wachtlijsten in de gezondheidszorg.

,,Hoe komt het toch dat een hele massa mensen met een hoop geld pikt dat je hier niet je eigen huis op je eigen manier kunt bouwen. Het strakke woonbeleid met die uniforme Vinex-locaties is niet meer van deze tijd. Toch maakt de VVD er niet echt een vuist tegen. En ik zie ook geen VVD-kiezers die verontwaardigd op hun volksvertegenwoordigers afstappen.''

,,Hetzelfde zie ik bij de gezondheidszorg. Hoe kan het dat de PvdA accepteert dat de wachtlijsten niet worden weggewerkt, terwijl er tegelijk mensen doodgaan omdat ze te lang op een behandeling moeten wachten?''

De Foer stelt de vraag en geeft zelf het antwoord. Nederlanders houden niet van grote veranderingen. ,,Het valt me op dat de overheid in dit land voortdurend kleine bijsturingen doet, maar dat je geen grote transformaties ziet. Sommige debatten slepen zich heel lang voort zonder dat er knopen worden doorgehakt. Zoals de WAO. Die voorliefde om cijfertjes te tellen: wat maakt het uit of er één of 1,2 miljoen arbeidsongeschikten zijn? Het gaat erom dat blijkbaar niemand in de coalitie de confrontatie wil aangaan en de zaak echt hard aanpakken. Wat ik heb geleerd is dat je dualisme van volksvertegenwoordigers ten opzichte van de regering hier met een korreltje zout moet nemen.''

Soms vindt hij het Nederlandse debat ook onpraktisch, op het pijnlijke af. ,,Ik zie steeds weer intensieve discussies over zinloos geweld oplaaien. Ik begrijp wel dat zoiets krantenpagina's vult, maar dat lost het probleem niet op. Het kenmerk van zinloos geweld is dat je het niet uit de wereld krijgt, daarom is het ook zinloos geweld.''

,,Dan is het tegelijk heel vreemd om te zien dat er nauwelijks discussie is over het optreden van politie en justitie, zoals bij de ontvoering en de moord van Chanel Naomi Eleveld (het 7-jarige meisje dat vorig jaar werd vermoord door een eerder veroordeelde zedendelinquent, red.). Als je ziet wat daar mis is gegaan, dat is echt Dutroux-in-het-klein geweest. En daar zie je dan in de media nauwelijks aandacht voor. Je zou toch zeggen, de media zoeken dat goed uit om te bezien of hier sprake is van een incident of dat er iets structureel fout zit in de justitiële sector.''

Soms kan De Foer zich ook amuseren met de Nederlandse debatcultuur. Zoals de intensieve discussie over een eiland in zee als alternatief voor de uitbreiding van de luchthaven Schiphol. Of de vergaande belangstelling van Kamerleden voor de bouw van zeppelins, als nieuwe vorm van vervoer door de lucht. ,,Kijk, dat vind ik typisch Nederlands, om over onderwerpen die nog zo ver in de toekomst liggen en nog zo vaag zijn, in het parlement een debat te voeren. In België zou men zeggen: wij wachten wel af tot de zaak dichterbij is. Wij denken ook wel eens: laat de Nederlanders er druk over bezig zijn, dan nemen wij het later wel over als de kinderziektes zijn verholpen.''

Eerdere afleveringen in deze serie verschenen op 8, 10, 15 en 17 augustus en zijn te lezen via www.nrc.nl/DenHaag.