Handelaar uit liefde

Pas op voor Harry van Raaij. Hij kent alle wegen van de wereld. Waar het handelsverkeer zich ook beweegt, Van Raaij is op de hoogte. Waar voetballers worden verhandeld, voelt de voorzitter van PSV zich thuis. Je zou het niet van hem zeggen, wanneer je hem voor het eerst ziet en hoort, maar Van Raaij is een man van de wereld.

Dat past natuurlijk ook de voorzitter van Nederlands beste club van het moment. Waar Feyenoord zich wenst te beperken tot het aantrekken van provinciale sterren en Ajax op de transfermarkt de weg kwijt is, doet PSV voortdurend van zich spreken met voor Nederlandse begrippen opmerkelijke transacties. Het zal vast niet alleen Van Raaij zijn die het voor elkaar krijgt bijzondere talenten op een bijzondere manier aan te trekken – de voormalige manager Ploegsma speelde ook jarenlang een rol. Maar het financiële brein van de in het wereldvermaarde Philips-concern opgegroeide voorzitter was zeker van groot belang.

We herinneren ons hoe Van Raaij als penningmeester de goddelijke Romario voor PSV wist te winnen en hoe hij de zalige Ronaldo via ingewikkelde monetaire constructies wist te lokken. Daar hebben de Nederlandse voetballiefhebbers veel plezier van gehad. Zonder Van Raaij hadden we nooit van nabij van Romario en Ronaldo kunnen genieten. Opwindende avonden herinner ik mij in Eindhoven als Romario en Ronaldo zich van hun mooiste kant lieten zien.

Nilis, Stam, De Bilde, Cocu, Van Nistelrooij en nu weer het grote Joegoslavische talent Kezman – ook zo'n speler die op een handige manier werd binnengehaald. Van Raaij en de zijnen kennen de markt. Natuurlijk waren er veel miskopen: Russen, Denen, Roemenen, Portugezen, Brazilianen, Joegoslaven, Belgen en Nederlanders. Maar het zou me niet verbazen als daar een meningsverschil over het te voeren beleid tussen het technische en zakelijke management aan ten grondslag lag. Want niet iedereen bij PSV is zo slim als de voorzitter.

Van Raaij doet me denken aan mijn opa. Hij was geen Brabander, maar een eenvoudige, intelligente man die opgewonden raakte van het gevoel en het geluid van het handjeklap. Het loven en bieden was voor hem een religieus ritueel. Hij hield van guldens en daalders, nog meer dan van mijn opoe. Hij sprak van 's morgens zes tot 's avonds tien over handel. De dag was pas geslaagd wanneer hij goed had gekocht en nog beter had vérkocht.

Mijn opa was streng gelovig. Op zondag werd geen handel gedreven, zondag was de dag des Heeren, dan werd gebeden en gedankt, gezongen en langdurig na de maaltijd voorgelezen uit de Bijbel. Mijn opa vond dat ik goed moest eten. Want wie goed eet, wordt sterk. Hij vond dat ik veel onder de mensen moest komen. Want wie veel onder de mensen komt, komt veel te weten. Hij trok dan zijn beurs, vond een dubbeltje en zei: ,,Trek de wereld in en zie dat je er een kwartje van maakt.''

Mijn opa wist niets van voetballers, laat staan van handel met voetballers en investeren in voetballers. Zoals Van Raaij. Maar mocht hij in deze tijd hebben geleefd dan zou hij zonder twijfel rijk zijn geworden door voetballers te verhandelen. Voor mijn opa maakte het niet uit waarin hij handelde. Hij kocht varkens bij de boeren en verkocht ze door aan de slachterij. Als ik Van Raaij zie en hoor, denk ik aan mijn opa. Maar ik kan me niet voorstellen dat de voorzitter van PSV net als mijn opa varkens opkoopt en doorverkoopt aan de slachterij. Hij handelt en investeert in voetballers.

Waarschijnlijk handelt Van Raaij uit liefde voor zijn club, zoals mijn opa handelde uit liefde voor het geld. Dat is net iets anders, of niet soms?

    • Guus van Holland