Duikers: geen overlevenden in Koersk

Alle 118 opvarenden van de gezonken Russische kernonderzeeër zijn dood. Het centrale compartiment van het 154 meter lange gevaarte op de bodem van de Barentsz-Zee staat vol water.

Noorse kikvorsmannen hebben dat vanmiddag geconstateerd nadat zij er om elf uur Nederlandse tijd in waren geslaagd beide luiken van de reddingssluis te openen. Ze troffen er alleen water aan. ,,Het middelste compartiment is ondergelopen'', aldus een woordvoerder van het Noorse leger in Oslo. ,,De commandant van de reddingsoperatie is van mening dat er zich geen levende bemanningsleden aan boord bevinden.'' Het zoeken naar overlevenden dient volgens hem te worden gestaakt ,,tenzij de politiek anders besluit''. Volgens de Noorse woordvoerder wordt die conclusie gedeeld door Vjatsjeslav Popov, de commandant van de Noordelijke Vloot, met wie ze hun operaties coördineren.

De Russische marine wil volgens de woordvoerder van de marine, Vladimir Navrotski, de reddingsoperatie echter voortzetten, zolang er geen volledige zekerheid is dat naast het negende compartiment ook de compartimenten zeven en acht zijn volgelopen. Het negende compartiment, waarvan vaststaat dat het is ondergelopen, werd tot nu toe gezien als het deel van de Koersk waar leden van de bemanning mogelijk nog in leven zouden kunnen zijn. De Noorse duikers willen het interieur nu eerst met behulp van een van afstand te bedienen videocamera inspecteren. Een meegebrachte Geigerteller zou geen enkele verhoogde radioactiviteit hebben gemeten, zo meldt de Russische staatszender RTR.

Het team van Noorse diepzeeduikers, dat gisteren de hele dag bij de Koersk heeft geopereerd, was er eerder op de ochtend in geslaagd het buitenste luik te openen, dat – anders dan de Russen beweerden – onbeschadigd was. In de sluis naar het binnenste luik troffen zij geen levende of dode bemanningsleden aan, wat erop zou duiden dat niemand een ontsnappingspoging heeft gewaagd. Later slaagden ze er in ook het binnenste luik te openen. Op grond van de resultaten van het duikteam is de inzet van het Britse reddingsvaartuig LR5 overbodig geworden, aldus de Russische vice-premier en reddingscoördinator Ilja Klebanov. Luttele uren voordat de Westerse reddingsploegen zaterdag in het rampgebied arriveerden, riep de Russische marine de naar Moermansk gekomen nabestaanden op ,,zich voor te bereiden op het ergste''.

In een poging de schok van deze nationale tragedie, verergerd door het trage optreden van president Poetin en zijn admiraals, enigszins op te vangen, kozen de vlootwoordvoerders de afgelopen dagen geleidelijk aan minder verhullende bewoordingen. Poetin, inmiddels van zijn vakantieoord Sotsji naar Moskou teruggekeerd, toonde gisteren zijn medeleven – volgens de Russische kranten ,,een week te laat''. ,,Met pijn in ons hart en tranen in onze ogen volgens wij de gebeurtenissen in de Barentsz-Zee.'' Hij zei dat de reddingsoperatie wordt voortgezet ,,tot de laatste minuut''. De Russische regering heeft vanmorgen het hulpbedrag voor de nabestaanden verhoogd tot ruim honderdduizend gulden.

De Moskovski Komsomolets concludeert vanmorgen dat ,,de president, de minister van Defensie en de vlootcommandant geen vinger hebben uitgestoken'' om de bemanning van de Koersk te redden. Uit een vandaag gepubliceerde opiniepeiling blijkt dat ruim tweederde van de Moskovieten vindt dat Rusland eerder buitenlandse hulp had moeten accepteren.