Nederland bij viering 25 jaar staat Suriname

De Nederlandse regering is bereid op 25 november in Paramaribo de viering van 25 jaar onafhankelijkheid van Suriname bij te wonen. Als zij daar een uitnodiging voor ontvangt, zal een van de vice-premiers, de ministers Borst of Jorritsma, het land vertegenwoordigen.

Dit zei minister-president Kok gisteren na afloop van de ministerraad. Kok zelf zal niet gaan, omdat rond die tijd een Europese topconferentie over de Balkan wordt gehouden. Ook staat eind november een officieel bezoek aan Zuid-Afrika op het programma, waarvan de data geruime tijd geleden zijn vastgelegd.

Door nu al aan te geven bereid te zijn de feestelijkheden bij te wonen toont Nederland zijn positieve houding ten aanzien van de ontwikkelingen in Suriname, aldus Kok. Hij kondigde aan dat op korte termijn de ministers Van Aartsen (Buitenlandse Zaken) en Herfkens (Ontwikkelingssamenwerking) een officieel bezoek aan Suriname zullen brengen.

Daarnaast zullen beide ministers een beleidsnotitie opstellen over de vraag hoe Nederland moet omgaan met de veranderingen in dat land. Daarbij wordt ook gekeken naar de opvattingen van IMF en Wereldbank over de positie van Suriname.

De Surinaamse president Venetiaan liet onlangs weten een bezoek van koningin Beatrix en premier Kok op de onafhankelijkheidsdag op prijs te stellen. Maar volgens Kok is er nog geen uitnodiging binnen. De vraag of ook de koningin de viering zou kunnen bijwonen is in het kabinet niet ter sprake gekomen, aldus Kok. ,,Dit komt wellicht in een ander verband nog aan de orde.''

De verkiezing van de 64-jarige Venetiaan tot Surinaams president op 5 augustus heeft de verwachting gewekt dat de deur nu open staat voor betere verhoudingen tussen Nederland en Suriname dan ten tijde van zijn voorganger Jules Wijdenbosch.

In een gelukstelegram aan Venetiaan schreef premier Kok op 7 augustus dat hij hoopt dat Venetiaans ,,regeervoornemens en beleidsdaden'' Nederland ,,in staat zullen stellen'' de ontwikkelingshulp aan Suriname te hervatten. Deze hulp werd in 1997 opgeschort. Er staat nog altijd een bedrag van 600 miljoen gulden aan niet overgemaakte hulp open.