Luzhins mat in 6

Het Lost Boys toernooi is in de straat waar ik woon en dat is een ongewone ervaring. Je hoort op reis te gaan voor een toernooi, liefst naar een plek ver weg, waar je nog nooit geweest bent.

Hoe zou het zijn, de stad, het hotel, de speelzaal? En wie spelen er? Aan het begin zijn er altijd een paar problemen, de kamer is niet goed, je maakt een beetje ruzie, je verhuist.

En dan de eerste ronde, nog wat onwennig, maar al na een paar zetten zijn er alleen nog maar de schaakproblemen, waarvan je weet dat ze oplosbaar zijn als je maar diep wegzinkt in het bord. Je steekt een sigaret op. Alles is goed. Aan die sigaret ziet u dat ik het over vroeger heb, want dat mag tegenwoordig niet meer.

Als aan de schrijver Martin Amis gevraagd werd waarom hij interviews maakte en op reportage ging – was het schrijven van romans niet veel nobeler dan die nederige journalistenarbeid? – zei hij dat het was omdat het schrijven van non-fictie je buitenshuis bracht. Zo was het ook met schaken. Het bracht je naar buiten en dat was misschien nog belangrijker dan de vreugde van het winnen.

In je eigen straat een toernooi spelen hoort dus eigenlijk niet, maar wat moest ik? Als ik niet mee deed zou ik iedere dag gaan kijken en steeds zou ik door wroeging gekweld worden en denken dat ik eigenlijk speler zou moeten zijn in plaats van toeschouwer.

,,En nu is het zeker iedere dag net omgekeerd?'' vroeg John van der Wiel. ,,Ja, allicht'', zei ik, maar dat was een grapje, want het ging goed met me in het toernooi. Ik had een partij gewonnen, remises gespeeld met de geduchte Michail Gurevich en Jan Timman en de vrees van mijn echtgenote dat ik samen met Jan door het plankier zou zakken, was niet bewaarheid.

De volgende twee rondes ging het slecht, en dat is ook interessant, want het geeft zelfinzicht. De pijn van de nederlagen was een stuk minder dan vroeger. Enerzijds was dat prettig, maar aan de kant was het ook niet helemaal in orde. Ik had bijna heimwee naar het lijden van vroeger.

Na twee jaar geen toernooi gespeeld te hebben was ik in beginnersfouten vervallen. Eerst uit angst voor een grote reputatie de kluts kwijt geraakt en allerlei spoken gezien die er niet waren. En de volgende dag net het omgekeerde. ,,Deze partij win ik wil erg makkelijk, zo gaat het niet vaak'', mijmerde ik tevreden. Verdiende loon dat je dan een bok schiet waarna je meteen op kan geven.

Hier zou meer over te vertellen zijn, maar dat doe ik niet, want ik schrijf dit op de vrije dag en we hebben nog vier ronden te gaan. Het brengt ongeluk om midden in een toernooi jezelf te veel rond te kletsen.

Daarom even iets anders. Een paar jaar geleden schreef ik hier dat Marleen Gorris een film ging maken die gebaseerd was op de roman The Defense van Vladimir Nabokov. Ik had het goede nieuws gehoord van de Engelse grootmeester Jonathan Speelman, die als schaakadviseur was ingehuurd.

Een tijdje leek het of er niets van kwam. Marleen Gorris maakte een andere film en van de Nabokovfilm hoorden we niets meer. Maar nu is hij toch klaar en aanstaande dinsdag wordt The Luzhin Defence vertoond op het filmfestival in Edinburgh. In september is hij ook te zien op het Nederlandse filmfestival in Utrecht. Hier is vast een voorproefje dat ik vond in British Chess Magazine.

Wit Turati-zwart Luzhin

In de film is dit de stelling waarin de beslissende partij om het wereldkampioenschap werd afgebroken. De partij werd niet voortgezet, om redenen die Nabokovliefhebbers bekend zullen zijn. Zwart kan winnen met 1...Te7-e3+ 2. Kf3-g4 f7-f5+ 3. Kg4-g5 Kf8-g7 4. Pc3-d5 Te3-h3! 5. g2xh3 h7-h6+ 6. Kg5-h4 Lc5-f2 mat.

En tenslotte iets moois uit het Lost Boys toernooi.

Wit Van der Werf-zwart Piket

1. d2-d4 Pg8-f6 2. c2-c4 e7-e6 3. Pg1-f3 d7-d5 4. Lc1-g5 d5xc4 5. Pb1-c3 Lf8-b4 6. e2-e3 b7-b5 7. a2-a4 c7-c6 8. Pf3-d2 De witspeler had deze stelling al eens eerder gehad, in Van der Werf-Bosman, Nederlandse clubcompetitie 1994. Toen volgde 8...Lb7 9. axb5 Lxc3 10. bxc3 cxb5 11. Db1, waarna wit goede compensatie voor de geofferde pion had en de partij won. 8...a7-a6 9. a4xb5 c6xb5 10. Pc3xb5 a6xb5 Een mooi kwaliteitsoffer, al is Piket niet de eerste die het bedacht heeft. 11. Ta1xa8 Lc8-b7 12. Lg5xf6 g7xf6 13. Ta8-a1 e6-e5 Deze stelling is eerder voorgekomen in Hicker (rating 2095)-Haeusler (1875), Finkenstein open 1994. Partijen tussen spelers met een zo lage rating zouden vroeger onopgemerkt blijven, maar in het computertijdperk is dat anders. In die oude partij volgde tam 14. Le2 Lxg2 15. Tg1 Lb7 16. Kf1. Zwart won. 14. Dd1-h5 Veel ondernemender, maar dat neemt niet weg dat wit ook nu in grote moeilijkheden komt. 14...Pb8-c6 15. Ta1-d1 e5xd4 16. Dh5xb5 c4-c3 17. b2xc3 d4xc3 18. Db5xb7 c3xd2+ 19. Ke1-e2 Dd8-d5

Een stelling waarover de mening van computers en mensen zeer uiteen zal lopen. De computer telt het materiaal, ziet dat zwart niet direct iets uit kan richten en besluit dat wit groot voordeel heeft. De mens ziet wit in een vreselijke klem zitten en denkt dat zwart gewonnen staat. De waarheid ligt hier bij uitzondering in het midden. 20. Db7-c8+ Ke8-e7 21. Dc8-c7+ Mens of computer, dat wit na 21. Dxh8 Dc4+ mat zou gaan ziet iedereen. 21...Ke7-e6 22. Dc7-f4 Dd5-b5+ 23. Ke2-f3 Db5-d5+ 24. Kf3-e2 Dd5-b5+ 25. Ke2-f3 Pc6-e5+ 26. Kf3-g3 Th8-g8+ 27. Kg3-h3 Het is verbazend wat wit zich blijkt te kunnen permitteren. Zwart had steeds het idee dat hij de witte koning mat moesten kunnen zetten, maar hij kan er niet bij komen. 27...Db5-b7 28. e3-e4 Ke6-e7 29. Lf1-e2 Db7-c8+ 30. Df4-f5 Dc8-c3+ 31. g2-g3 Tg8-g5 32. Df5-f4 Pe5-g6 33. Df4-e3 Dc3xe3 34. f2xe3 Tg5-e5 35. Le2-f3 Te5-c5 36. Td1-b1 Lb4-a3 Remise. Na 37. Td1 Lc1 doet het blokje c1-d1-d2 niet mee en met de rest van de stukken kunnen ze elkaar weinig meer aandoen.

    • Hans Ree