Faxgeheim

Tegen wil en dank bevind ik mij minimaal tweewekelijks in de wereld van het grote geld. Per fax. En dat roept de vraag op – is er een faxgeheim? Mijn faxnummer lijkt blijkbaar sterk op dat van naburige advocatenkantoren. Vanuit alle uithoeken van de wereld ontvang ik `verkeerd verbonden'-faxen. Vanuit Londen krijg ik de mededeling, dat de andere partij geen zin ziet in het proberen te achterhalen van een schuldenaar. Men stelt achteloos voor wegens de efficiëntie een half miljoen direct maar als verliespost te benoemen. Zulke mislukte achterhalingen worden vaak aan mij gemeld. Ik voel me er dom door – misdaad loont, zo wordt me ingewreven, maar die ontdekking komt te laat voor het ontwikkelen van talenten.

Dan zijn er de onderhandelingen over vergoedingen van geleden schade of het overnemen van rechten. Weer valt mijn oog op cijfers met vele nullen als ik het papier wil weggooien, en geboeid lees ik verder over tonnen die toegevoegd of weggelaten kunnen worden. Nu ben ik nog een ouderwets soort Hollander, die zich niet terugvond in alle recente economische bespiegelingen en maatschappijanalyses over mensen die van gekkigheid niet weer weten wat zij met hun geld moeten doen. Voor anderen is het haast vertederende folklore, maar ik maak me nog weleens druk om de naderende huurbetaling. Na de aanschaf van de fax moest de hond maandenlang op droog brood. In die situatie is het extra raar van die kapitaalkrachtige faxen te ontvangen.

Een bedrijf geeft een overzicht van een nieuwe offerte die het uit wil brengen, en vraagt legaal advies over een op te voeren kostenpost. Bijna klim ik in de pen om een raadselachtige fax terug te sturen met een advies op zelfverzonnen gronden, maar nee, ik ben een domme, brave burger. Ik bel op. Zoals zo vaak. Naar de sturende partij, als die zich in Nederland bevindt: u heeft het verkeerde nummer. En om de zoveel tijd naar de bedoelde ontvangende partij: men heeft het verkeerde nummer. In geen van beide gevallen is dat belonend of bemoedigend. Op hoge toon word je te woord gestaan door secretaresses wier parelkettingen je hoort hangen, of een onderadvocaat die met de sleuteltjes van zijn BMW-cabrio of antieke Citroën DS zit te spelen. Die zoeken in eerste instantie de fout bij jou. En daarna willen ze je ingewikkeld met de verantwoordelijke gaan doorverbinden, waar ik gezien mijn telefoonrekening tegen ben.

Slechts zelden tref je iemand die blij is dat je belt, meestal is dat een beginnend secretaresse die op vrijdagmiddag alleen achterbleef met de stapel faxen en het heel graag goed wil doen. Verder voel je je alleen maar lastig. En, als je je ogen nog eens over de bedragen laat gaan, klein. Maar soms verandert dat, meestal al na een half uur, soms een dag later. Dan word je gebeld of ontvangt een fax die wèl goed besteld is. ,,We vertrouwen er op, dat de door u ontvangen fax de vernietiger ingaat'', wordt dan enigszins dwingend gesteld. Ook weer op zo'n toon alsof het allemaal jouw fout is. Dan voel je je even machtig in de wereld van het grote geld.

Nu heb ik geen vernietiger. Ik heb een prullenbak, waarbij het heel makkelijk is bij achteraf gegroeide verwondering, papier er uit te halen en glad te strijken voor een tweede duizelingwekkende lezing. Het lijkt, of men er vanuit gaat dat er een faxgeheim ìs. Soms wordt in bedekte termen verwezen naar overleggen en aangetekende postbestellingen, in een soort geheimtaal waarmee de verkeerde faxontvanger niets aankan. Maar vaker wordt er van alles open en bloot gemeld, met naam en toenaam, en vooral: bedragen. En er is een eigenaardige variant: dan faxt een klant van zo'n advocatenkantoor een ongetwijfeld vertrouwelijk schrijven van een derde partij door. Met rode konen kun je dan gaan zitten lezen over een ruzietje tussen twee bedrijven met klinkende naam waar dan weer een miljoentje of twee mee gemoeid is. Bij benadering, staat er dan bij. De ton fungeert hier als afrondingsbedrag, begrijp ik.

Er lijkt overigens een devaluatie gaande van het grote, vette predikaat `Spoed' of `Urgent' boven een fax. Haast iedereen gebruikt dat. Maar die waarneming is niet betrouwbaar – misschien wordt dat ene cijfertje waar het in het faxnummer om gaat wel steeds verkeerd ingedrukt, met trillende vingers, omdàt er `spoed' is. En wegens die spoed, en die op het spel staande bedragen, bel ik maar weer, me wapenend tegen dédain en achterdocht jegens zomaar bellende particulieren. Je voelt je klein, en begint ervoor te voelen verkeerde faxen voortaan per advertentie aan de hoogste bieder af te staan. Tenzij er natuurlijk een faxgeheim is. Dan verklaar ik hierbij na lezing van een niet voor mij bedoelde aanhef, altijd de ogen voor het vervolg te sluiten, en dat dit stukje fictie is.