Ciaò Cenerentola!

,,Rossini was een genie. Wie dat niet hoort, is doof of dom.'' In zijn geboortedorp Pesaro vond dit jaar voor de 21ste maal het Rossini Opera Festival plaats.

Op het eerste gezicht is Pesaro een doodgewone badplaats aan de Adriatische kust. Binnenlandse toeristen toeren in toeterende trapauto's langs de met bonte parasollen bedekte kustlijn. Bij het strand begint ook de nauwe hoofdstraat, die in een kaarsrechte lijn door het oude centrum voert en eindigt bij het station. Daarachter liggen de bergen.

Als het niet was om Gioachino Rossini, de `Zwaan van Pesaro', zou Pesaro altijd een doorsnee stadje zijn gebleven. Nu is er elk jaar gedurende twee weken het Rossini Opera Festival. Als zoon van een zangeres en een hoornist werd Rossini hier geboren in 1792, in een bovenwoning aan de straat die inmiddels Via Rossini heet. Het huis is nu in gebruik als Rossini-museum. In de etalage prijken koddige souvenirbeeldjes van de corpulente maestro. Binnen wijst een plaquette de plaats van Rossini's wiegje aan: ,,De goddelijke kunst der muziek verrees in deze kamer bij de geboorte van Gioachino Rossini.'' Zoals Pesaro Rossini in ere houdt, zo ook hield Rossini vast aan zijn warme gevoelens voor Pesaro. Hoewel hij er alleen zijn vroege jeugdjaren doorbracht, liet hij bij zijn dood in 1868 zijn hele kapitaal en alle manuscripten na aan zijn geboortestad.

Met zijn laatste wil bestendigde Rossini de band tussen zijn naam, zijn muziek en zijn geboortestad. Pesarese restaurants serveren trouw Rossini's lievelingspizza, royaal belegd met gekookt ei en mayonaise. Het stadstheater kreeg zijn naam, al zette Rossini er slechts eenmaal voet aan de grond. Met het geld uit Rossini's erfenis werd het Conservatorium Rossini opgericht. En voor de zorg over Rossini's manuscripten riep de stad de Fondazione Rossini in het leven. ,,Het merkwaardige is dat Rossini's muziek in de eeuw na zijn dood ondanks die stichting totaal in de vergetelheid raakte'', vertelt Luigi Ferrari, sinds 1992 artistiek directeur van het Rossini Opera Festival. ,,Pas in 1974 werd besloten dat het tijd werd Rossini's nalatenschap onder het stof vandaan te toveren.''

Onder leiding van Alberto Zedda, die Ferrari met ingang van volgend jaar opvolgt als artistiek directeur van het festival, werd begonnen aan een wetenschappelijke editie van alle 39 opera's die Rossini voltooide, samen te brengen in tachtig banden. Toen het Teatro Rossini in 1980 na een uitgebreide renovatie werd heropend, kreeg de musicologische arbeid ook een praktische dimensie. Op initiatief van de plaatselijke gynaecoloog Gianfranco Mariotti, nog steeds intendant van het festival, werd het Rossini Opera Festival in het leven geroepen, opdat de nieuwe Rossini-editie niet in vergetelheid ten onder zou gaan.

Renaissance

,,Het festival creëerde een podium voor het resultaat van de kritische editie'', legt Ferrari uit. In de nazomer van 1980 gingen de eerste twee herziene opera's, La Gazza Ladra en L'Inganno Felice in première. In de daaropvolgende jaren werd het Rossini Opera Festival de motor achter een wereldwijde Rossini-renaissance. Inmiddels is de editie van dertig opera's klaar, en wachten er nog negen op voltooiing. Ferrari: ,,Voor het festival was het grootste probleem aanvankelijk een brug te slaan tussen muziek uit 1820 en publiek anno 1980. Belcanto was een onbegrijpelijke muzikale taal geworden. Het festival moest die sensitiviteit opnieuw kweken, zowel bij het publiek als bij de musici en zangers.''

Voor de studie naar Rossini-interpretatie is er in Pesaro de Accademia Rossiniana. Daar kunnen jonge zangers gedurende de twee festivalweken masterclasses en lezingen volgen over het uitvoeren van het Rossiniaanse belcanto. ,,Rossini is de moeilijkste taak denkbaar voor een zanger'', verklaart Ferrari. ,,Niet alleen door de technisch hoge eisen van zijn muziek, maar vooral omdat de stem perfect moet zijn. Je kunt Rossini alleen zingen op het hoogtepunt van je vocale ontwikkeling. Zodra de stem aan lenigheid inboet, is het afgelopen. De moeilijkheid schuilt in de combinatie van classicisme en virtuositeit. Zangers moeten emotie overdragen en tegelijkertijd vasthouden aan een volmaakte vocale controle. Het vergt veel tijd en energie om te leren binnen dat rigide keurslijf `vrij' te klinken, en vervolgens kan van die vaardigheid maar heel korte tijd worden geprofiteerd. Het is weinig rendabel om een goede Rossini-interpreet te worden. Dat maakt het lastig geschikte zangers te vinden.''

Het contrast tussen Pesaro met en zonder festival is opvallend. Drie dagen voor de eerste voorstellingen zijn de straten leeg, op de dag van de première van Le Siège de Corinthe stromen de oude steegjes en pleinen gestaag vol. Rossini leefde in Pesaro, en leeft er nog steeds. Waar een bezoekster van La Cenerentola (Assepoester) voor de trappen van het theater haar gympen voor muiltjes verwisselt, is het goedmoedige `Ciaò Cenerentola!' van een passant haar deel.

Luigi Ferrari glimlacht. ,,Toch vormt de lokale bevolking slechts vijftien procent van de twintigduizend festivalbezoekers. Tweederde komt uit het buitenland, de rest uit andere delen van Italië.'' Met dat bezoekersaantal, verspreid over vijftien voorstellingen op vijftien aansluitende dagen, heeft het festival bijna de gewenste omvang bereikt, vindt hij. ,,Ik hoop dat het festival van drie produkties per seizoen nog kan doorgroeien naar vier, en dat men daar na mijn vertrek aan blijft werken. Maar hoe groter het festival, hoe duurder. De inkomsten uit kaartverkoop dekken bij lange na de kosten niet.''

De 21ste editie van het Rossini Opera Festival bracht naast omstreden, nieuwe produkties van Le Siège de Corinthe en La Scala di Seta een reprise van La Cenerentola onder leiding van dirigent Carlo Rizzi. ,,La Cenerentola is Rossini op zijn best'', vindt Rizzi. ,,En dat zeg ik niet uit promotionele sluwheid. In geen andere opera buffa zie je Rossini's genie zo helder in de melodie en de structuur weerspiegeld. Maar het is juist daarom ook een moeilijke opera. Het publiek associeert Rossini vaak met oppervlakkige luchtigheden - zestien noten in een maat, en klaar. Een onzinnige maar begrijpelijke gedachte, want Rossini wordt vaak nog veel te technisch en mathematisch uitgevoerd. Natuurlijk is het belangrijk de ritmische schema's nauwkeurig te vertolken, maar soms slorpt de queeste naar precisie zoveel aandacht op, dat de muziek erbij inschiet. En dan verworden Rossini's komische opera's inderdaad tot saaie stijloefeningen. Maar dat zíjn ze niet! Rossini was een genie. Hij bracht de muzikale stijl van zijn tijd tot een onnavolgbaar hoogtepunt. Donizetti, Bellini en de andere, romantische belcanto-componisten na hem schreven óók goede muziek, maar Rossini was beter. Zijn muziek is als een waterval van geniale invallen. Wie dat niet hoort is doof of dom.''

Showelement

De reprise van La Cenerentola, met mezzo-sopraan Sonia Ganassi als een gedroomde Assepoester, oogst brullende bravo-kanonnades. ,,Het showelement!'' weet Rizzi. ,,De kracht van het Rossini Opera Festival schuilt in de wisselwerking tussen show en studie. Strikt genomen legt de wetenschap het fundament voor het festival, maar het is niet zo dat dorre, woedende wetenschappers hier de dienst uitmaken. Zo zette ik –eerlijk gezegd – vraagtekens bij een bepaalde passage in de kritische editie van La Cenerentola, en heb ik Alberto Zedda daarover benaderd. Hij bood me alle vrijheid. Die openheid is tekenend voor het festival.''

Zo enthousiast als La Cenerentola wordt ontvangen, zo grimmig verloopt de première van Le Siège de Corinthe. Met luid boegeroep wordt de in opera debuterende toneelregisseur Massimo Castri zowel tussen de bedrijven als na afloop uitgejouwd, door het publiek én een deel van de festivalorganisatie. ,,Verraad aan Rossini!'', vindt een aantal musicologen, verantwoordelijk voor de kritische editie. ,,Deze regie verhult drama met ongewenste ironie.'' Ook de jonge tenor Guiseppe Filianoti, die een roldebuut maakt als Néoclès, spreekt zich in de Italiaanse krant Corriere della sera woedend uit tegen Castri, die `Rossini's helden transformeert in marionetten'.

,,Italianen zijn een beetje conservatief in hun smaak'', verklaart een vaste festivalbezoeker na afloop. ,,Ik bezoek het festival al jaren, en in 1994 maakte het publiek zich net zo boos over de productie van L'Italiana in Algeri in de regie van Dario Fo. Terwijl deze in Amsterdam een groot succes bleek! Een regie moet voor het publiek blijkbaar niet al te kritisch of vernieuwend zijn. De muziek is heilig, de zangers zijn koningen.''

Het luidste applaus van het hele festival oogst de eveneens in Pesaro geboren diva Renata Tebaldi (78). Haar aanwezigheid in de koninklijke loge wordt bij de première van Le Siège de Corinthe door galmende luidsprekers aangekondigd, en bekroond met een minutenlange, staande ovatie (,,Hoera voor de engel van de muziek!''). Tebaldi neemt haar eerbetoon met gepaste dankbaarheid in ontvangst. Wapperend met een waaier, wuivend als een vorstin.

De 22ste editie van het Rossini Opera Festival Pesaro vindt plaats van 10 t/m 25 augustus 2001, en brengt nieuwe produkties van `La Gazzetta', `Le Nozze di tete, e di peleo' en `La donna del lago'. Inlichtingen: 0039.0721.30161 of via www.rossinioperafestival.it

    • Mischa Spel