Rol strijdkrachten in Indonesië is nog lang niet uitgespeeld

De Indonesische minister van Defensie noemt het een `anticlimax', de pers rept van `verraad'. Het Volkscongres besluit morgen dat leger en politie tot het jaar 2009 hun zetels houden in dit hoogste college van staat.

Professor Juwono Sudarsono, doorgaans een bedaard man, schoot uit zijn slof. ,,Dit had ik niet verwacht van hooggeplaatste burgers; het is alle opzichten een anticlimax.'' Sudarsono, de eerste Indonesische burger in ruim veertig jaar die het ambt bekleedt van minister van Defensie, reageerde verbluft toen een commissie van het Volkscongres dinsdag met algemene stemmen besloot om de strijdkrachten en de politie tot 2009 zetels te gunnen in 's lands hoogste besluitvormende orgaan. De minister: ,,Ik wilde dat de militairen en politiemannen in 2004 niet alleen uit het parlement, maar ook uit het Volkscongres zouden verdwijnen. Nu hebben nota bene burgerpolitici anders beslist.'' Gevraagd of dit besluit is ingegeven door angst voor de militairen antwoordde Sudarsono zonder te aarzelen: ,,Ja.''

Commissie B die de ontwerpresoluties heeft opgesteld, rapporteerde dinsdag aan het plenum. De elf fracties waren het erover eens dat ,,gedurende een overgangsperiode de strijdkrachten en de politie meebeslissen over de richting van het nationale beleid in het Volkscongres''. De commissie: ,,Om het voorlopige karakter van deze deelname te verzekeren is definitief besloten dat de aanwezigheid van militairen en politie in het Volkscongres niet langer zal duren dan tot het jaar 2009.'' Gezien de unanimiteit van de commissie wordt dit in de plenaire slotzitting van morgen een hamerstuk. Het Engelstalige dagblad The Jakarta Post sprak van ,,verraad aan de hervormingspolitiek''.

Woordvoerders van de grootste fracties deden deze week een beroep op de vele critici buiten het Volkscongres om de ,,politieke realiteit'' onder ogen te zien: onmiddellijke verwijdering van militairen en politie uit de landspolitiek zou destabiliserend werken. De strijdkrachten hadden ,,35 jaar lang een vooraanstaande politieke rol gespeeld'' en demilitarisering van het bestuur diende ,,geleidelijk'' te verlopen.

De strijdkrachten deden aan het eind van de jaren vijftig, onder president Soekarno, hun intrede in de landspolitiek en het zakenleven. De chefs van de krijgsmachtonderdelen kregen een zetel in het kabinet en de in 1957 genaaste Nederlandse bedrijven kwamen onder militaire beheersraden. Na de mislukte couppoging van een groepje linkse officieren in 1965 werd Soekarno aan de kant gezet door de conservatieve hoofdstroom van het leger onder leiding van generaal Soeharto. Onder diens Nieuwe Orde verwierven actieve en gepensioneerde officieren sleutelposten in regering en bureaucratie. In de nadagen van het Soehartobewind begon de geleidelijke inkrimping van het aantal militairen in parlement en Volkscongres. In 1997 werd de militaire fractie teruggebracht van 100 tot 75 leden en in 1999, een jaar na Soeharto's val, hielden ze er nog 38 over. Eerder dit jaar is besloten dat de mannen in uniform in 2004 hun zetels in het parlement moeten opgeven.

Over de noodzaak van demilitarisering van het landsbestuur bestaat een nationale consensus en de strijdkrachten hebben zich inmiddels bekeerd tot een `reposisi': zij zullen zich in de toekomst beperken tot defensietaken. Maar over het tempo van deze achterwaartse beweging zijn de meningen verdeeld. President Wahid gaf niet toe aan politieke druk om de militairen geheel te weren uit het centrum van de macht. ,,Ik kan hen niet terugsturen naar hun kazernes zonder eerst hun problemen op te lossen'', zei Wahid eind oktober bij de presentatie van zijn kabinet, waarin vijf (oud-)officieren posten kregen. Toch wist Wahid de strijdkrachten geleidelijk te onderwerpen aan zijn wil. De gewezen chef-staf onder Soeharto en diens opvolger Habibie, generaal Wiranto, moest in verband met een gerechtelijk onderzoek naar zijn betrokkenheid bij het militiegeweld in Oost-Timor, vorig jaar september, zijn post van coördinerend minister van Politiek en Veiligheid medio februari opgeven. In maart benoemde Wahid een uitgesproken voorstander van democratische hervormingen, luitenant-generaal Agus Wirahadikusumah, tot commandant van de Strategische Reserve.

Maar de militairen zijn niet uitgespeeld. Toen generaal Agus eind juli zondigde tegen de militaire corpsgeest en de corruptiepraktijken van zijn voorganger, de conservatieve generaal Djadja Suparman, breed uitmat, moest Wahid hem onder zware druk vervangen. Het Volkscongres heeft nu besloten de militaire fractie tot 2009 te dulden. Actieve militairen hebben in Indonesië geen stemrecht en de burgerpolitici willen dat voorlopig zo houden. Zij verkiezen een militaire stem in het congres boven politieke verdeeldheid binnen de strijdkrachten.