PATÉ VAN STILTON

Jeremy Paxman verhaalt van de Engelse journalist en historicus Raymond Postgate. Die wilde in 1949 een Society for the Prevention of Cruelty to Food oprichten, zo genoeg had hij van de wansmaak van zijn landgenoten waar het om eten gaat. Postgate richtte zijn pijlen op de flessen saus die in elk restaurant op tafel stonden: ,,Ze werden daar neergezet in de veronderstelling dat je volledig de smaak wilde maskeren van alles dat je aangeboden kreeg.''

Zo erg is het tegenwoordig niet meer. Toch komt het nog geregeld voor dat een Engelsman een flinke scheut azijn over zijn chips giet en het vervolgens laat verpakken in een krant. Het aantal fish and chips winkels is in een halve eeuw tijd bijna gehalveerd, maar er zijn in Engeland nog hele volksstammen voor wie de combinatie van vis en patat praktisch dagelijkse kost is. Het is voedsel dat beantwoordt aan een of meer van de zes `s' woorden die Postgate van toepassing verklaarde op het Engelse eten: `sodden, sour, slimy, sloppy, stale, saccharined' (zompig, zuur, slijmerig, slordig, verschraald, gezoet). Met het gefrituurde beslag waarin de kabeljauw is gewenteld kun je iemand een gat in het hoofd slaan.

Volgens Paxman eten de meeste Engelsen nog steeds slecht, uit en thuis. Dat kan geen kwestie zijn van gebrekkige ingrediënten. Engeland brengt smakelijke producten voort. Neem de blauwschimmelkaas Stilton. Daar kun je verfijnde gerechten van maken. Ik begin vandaag met een paté die kan dienen als lunch of voorgerecht.

Doe de boter en de crème fraîche in een kom. Verkruimel de kaas erboven. Met een mixer tot een glad mengsel kloppen. Eventueel port toevoegen en weer kloppen. Op smaak brengen met Worcestershire sauce, zout en peper. Verdeel de paté over zoveel kleine potjes als er gasten zijn en zet die tot een kwartier voor gebruik in de koelkast. Zet de potjes op borden. Garneren met wat aangemaakte sla en augurkjes. Geef er stokbrood of driehoekjes geroosterd brood bij. En natuurlijk een glaasje port.

    • Annelène van Eijndhoven