Nooit blind voor geur

Heeft u wel eens van een rugverwenner gehoord? Of van een armfixeerder? Het zijn instrumenten die door gehandicapten kunnen worden gebruikt bij wat in frisse, moderne tuintaal `aangepast tuinieren' wordt genoemd. Er zijn in Nederland een stuk of vijf tuinen waar gehandicapten ideeën kunnen opdoen. Eén daarvan maakt deel uit van het Land van Weldadigheid, een botanisch attractiepark bij de `Gerard Adriaan van Swieten' Tuinbouwschool te Frederiksoord.

Hoewel het vakantietijd is, is het parkeerterrein leeg wanneer ik tegen koffietijd arriveer. De toegangskaartjes worden verkocht in een nieuwbouwcomplex van veel te witte baksteen. `Inforium' staat er op de pui - een wat ongelukkig gekozen naam, te meer daar het gebouw sprekend op de aula van een crematorium lijkt. Binnen staan de gezichten ook al niet vrolijk, want ik blijk de eerste bezoeker te zijn. Gelukkig kan ik mijn entreebiljet met gepast geld betalen.

In de tuinen heerst een weldadige stilte. Het heeft grote voordelen om de enige bezoeker te zijn. Je kunt je anders gedragen dan wanneer anderen je kunnen gadeslaan. In de blindentuin doe ik mijn ogen dicht en schuifel in de richting van de `tastbak'. Naar doofheid ben ik niet benieuwd - dat lijkt mij een verschrikkelijk lot - maar blindheid heeft mij altijd gefascineerd. Niet dat ik jaloers ben op blinden, maar ik ben ervan overtuigd dat blinden soms intensiever van tuinen genieten dan zienden.

Vroeger heb ik wel eens een groep blinden door een tuin rondgeleid. In het begin voelde ik mij wat ongemakkelijk. Ik ben een slecht acteur en het valt mij niet mee om me ongedwongen te gedragen in het gezelschap van gehandicapten. Daarnaast vergt het oefening om je zinnen niet steeds met `Als u goed kijkt' of `hier ziet u' te beginnen. De rondleiding duurde uren, want alle planten moeten betast en besnuffeld worden. En na verloop van tijd leken de rollen zich om te draaien: alsof jijzelf de gehandicapte bent. Want de getrainde vingers van de blinden voelen vormen en structuren die jij nog nooit gevoeld hebt en hun hypergevoelige neuzen vangen geuren op die jij nooit zult ruiken.

Sinds die tijd sluit ik in de tuin af en toe mijn ogen, in de hoop intensiever te kunnen ervaren. Maar in de tastbak werd de betovering snel gebroken. Zowel achter de braille-etiketten `hemelsleutel' als `asphodeline' zat een onaangenaam aanvoelende behaarde toef blad van een smeerwortel, een verstekeling die niet in het beplantingsplan voorkwam. Zo leer je een blinde om de sierplanten weg te wieden en het onkruid te laten staan. De visueel gehandicapte komt er toch al bekaaid af, want veel planten in de geurborder geuren niet.

Maar verder voor de gehandicaptentuin niets dan lof. Voor rolstoeltuiniers is er een tuin ontworpen met brede paden, flauwe hellingen in plaats van trappen en verhoogde plantenbakken. Sommige bakken staan op poten, zodat je een rolstoel onder de bak kunt rijden. Voor het tuinieren in de volle grond zijn er allerlei grijpers, prikkers en knijpers ontwikkeld die op een lange stok kunnen worden gemonteerd. Voor de gehandicapte die tuinieren haat is er een aangepaste vissteiger.

God verhoede dat wij doof of blind worden, of in een rolstoel belanden, maar ieder van ons loopt een grote kans om op gevorderde leeftijd in de categorie `stoklopers en rollatorgebruikers' te belanden. En onder het motto `iedere handicap zijn eigen tuin' is er ook een tuin voor stoklopers aangelegd. Wie revalideert, kan daar weer leren lopen op het Therapiepad.

De gehandicaptentuin is maar een klein onderdeel van het Land van Weldadigheid. Een pad dat wordt geflankeerd door honderdjarige leiperen leidt naar de rest van de tuinen. Van de Victoriaanse bloementuin moet je houden, maar de planten zijn kleurig en goed geëtiketterd. Mijn hart ging vooral uit naar de zeldzame bomen, waaronder indukwekkende exemplaren van Cercidiphyllum, Kaukasische vleugelnoot, en een Maackia amurensis in volle bloei die met zijn witte, zoetgeurende bloempluimen in de blindentuin niet had misstaan. Naast de obligate rozenperken vormen de wilde-bloemenweiden een verademing. Betoverend is een vijveroever die ter ere van Heimans en Thijsse ontworpen had kunnen zijn. Op drassige plaatsen stond de parnassia in volle bloei. Deze plek alleen al is de reis naar Frederiksoord waard. Toen ik terugliep naar het parkeerterrein arriveerde de tweede bezoeker.

Het Land van Weldadigheid, Majoor van Swietenlaan 1a, Frederiksoord. Inl 0521-386231, fax 0521-383087. Open: dagelijks 10-17u. Entree: volw ƒ10, 65+ en groepen vanaf 15 personen ƒ9, 4 t/m 12 jaar ƒ6,50.