Telecomsector zit aan pijngrens

De totale opbrengst van de Duitse telecomveiling brak vanochtend door de grens van 100 miljard gulden heen. Telecombedrijven zoeken naar geld en naar goede ideeën om de torenhoge investeringen terug te verdienen.

Met het naderen van de ontknoping van de Duitse telecomveiling steken doemverhalen de kop op. Want wie zal de rekening gepresenteerd krijgen als alle veilingen van zogeheten UMTS-vergunningen in Europa achter de rug zijn?

De enorme kosten van de Duitse veiling klinken steeds harder door op de financiële markten. Het geld zal ergens vandaan moeten komen, en beleggers voelen het al aan: van hen. Gisteren schoten de lange-termijnrentes op de obligatiemarkt omhoog door nervositeit onder beleggers dat de betrokken telecombedrijven miljarden aan obligaties zullen moeten gaan uitgeven om hun biedingen te financieren. En zelfs op de valutamarkt met zijn dagomzet van duizenden miljarden dollars, lijkt de vraag naar euro's die nodig zijn om naar de Duitse regering over te maken, de meest recente koersval van de euro te hebben gekeerd.

Maar de grootste knauw krijgen de aandelenkoersen - vooral die van de betrokken bedrijven. De steeds hogere kosten kunnen ten koste gaan van de winst per aandeel bij telecombedrijven, en het staat al vrijwel vast dat de meeste van hen extra emissies zullen doen - en dat leidt tot verwatering van de winst per aandeel. Beleggers zullen het allemaal best willen financieren, maar dan wel tegen een lagere prijs. En dus dalen de koersen.

Ten opzichte van de totale Europese beursindex zijn telecomfondsen sinds begin dit jaar met ruim 15 procent gedaald. En in Nederland is het nog erger. Ten opzichte van de AEX-index heeft KPN sinds 1 januari 28 procent prijsgegeven. KPN, dat het jaar begon op ruim 48 euro en op 10 maart nog een record van 73,97 euro haalde, noteerde vanmorgen nog maar 35,30 euro - de laagste koers sinds 9 december vorig jaar.

De lotgevallen van de telecomfondsen passen naadloos op het verloop van de veilingen. De start van de Britse veiling in maart en de steeds angstwekkender hoogte van de biedingen tot eind april vallen samen met een sterke koersval van telecom-aandelen. De aarzelende start en de geringe eindopbrengst van de Nederlandse veiling in juli leken echter aan te geven dat de Britse ervaring een anomalie was, en de koersen herstelden zich. Nu in Duitsland blijkt dat niet de Britse, maar de Nederlandse veiling de uitzondering is, is de telecomsector verder naar de bodem gezakt.

Op de lange termijn moeten telecombedrijven hun torenhoge investeringen op de een of andere manier gaan terugverdienen - zoveel is duidelijk. Om welke bedragen het gaat is moeilijk te zeggen. Telecombedrijven geven hier zelf liever geen schattingen van. Menno de Jager van ABN Amro zegt zelfs dat de telecombedrijven eigenlijk ,,geen goed zicht'' hebben op de kosten die ze in de toekomst moeten gaan maken. De `volgende generatie mobiele telefonie' is namelijk niet zozeer een vervolg op de welbekende GSM-telefoon, maar gaat veel verder. Achter het grotere schermpje van de mobiele internet-telefoon gaan compleet nieuwe bedrijfsprocessen schuil.

Neem de facturering. Die vindt nu nog plaats op basis van telefoontikken: de tijd dat een telefoonlijn bezet is, wordt afgerekend. Maar straks is bellen geen kwestie van tijd meer, maar van `data'. Het versturen van data gaat in principe zo snel dat tijd niet meer terzake doet.

Hoe zal het geld dan wél worden verdiend? Volgens Gartner Group gaat het `mobiele internet' zijn grootste crisis tegemoet, zo staat in een onlangs verschenen rapport van het onderzoeksinstituut.

,,Een vergissing die veel wordt gemaakt door degenen die het mobiele internet ontwikkelen is dat er inkomstenbronnen zullen ontstaan binnen het mobiele netwerk'', aldus onderzoeker K. Dulaney. De mobiele internet-telefoon zal hoofdzakelijk worden gebruikt om diensten of producten te vinden (zoals restaurants). De daaropvolgende transactie zal worden gedaan met de `ouderwetse' kredietkaart of contant geld, buiten het mobiele netwerk om.

Het Britse onderzoeksbureau Dataquest schat dat het strikken van een UMTS-abonnee anderhalf keer duurder is dan het binnenhalen van een GSM-abonnee. De kosten voor UMTS-telefonie, waarmee het verzenden van grafische en bewegende beelden mogelijk wordt, zijn wat betreft automatisering, klantenservice en facturering hoger. Dataquest berekende dat een abonnee tenminste vijf jaar lang 70 gulden per maand moet besteden aan mobiel internetten, willen bedrijven die kosten terugverdienen. De telecomveilingen in Groot-Brittannië, Nederland en Duitsland en later dit jaar in Italië, België en Zwitserland zijn slechts een aanzet tot dit kostenplaatje.

DOSSIER TELECOMwww.nrc.nl

    • Stéphane Alonso
    • Maarten Schinkel