Strauss als oase van rust tussen extraverte Finnen

Muziek zonder buitenmuzikale betekenis kan een luisteraar niet bevredigen, schreef Jean Sibelius ooit. Met zijn Tweede symfonie illustreerde hij zijn opvatting. Een filmische en heroïsche breedte klinkt op uit de talrijke verzengende melodieën, die het verstand onbewust doen afdwalen naar duistere, Finse wouden.

Sinds 1998 is de Estse dirigent Eri Klas artistiek directeur en chef-dirigent van het Finse Tampore Philharmonic Orchestra, dat zich profileert als expert in het oeuvre van Sibelius. Klas breekt graag een lans voor Sibelius. Vorige maand nog dirigeerde hij het Radio Symfonie Orkest waarvan hij eveneens chef-dirigent is in Sibelius' symfonisch gedicht Tapiola, gisteravond ging hij zijn Finse orkest voor in de Tweede symfonie, beide in het kader van de Robeco zomerconcerten in het Amsterdamse Concertgebouw.

Kenmerkend voor Klas' werkwijze is een grote variëteit aan impulsen in de frasering binnen een forse benadering van de totaalklank. Ook de visie van Klas op Sibelius' Tweede Symfonie werd gisteren aangejaagd door woeste versnellingen, drieste fortissimi en een ruime breedte in de benadering van de melodiek. Minder genuanceerd klonk de uitwerking door de ruim tachtig musici van het Tampere Philharmonic Orchestra. Slordigheden als vorige maand bij het Radio Symfonie Orkest ontbraken, maar de tutti-klank ontbeerde ook hier de transparantie die nodig is om Sibelius' overdaad aan soms wat anachronistische, enigszins behaagziek aandoende thema's behagelijk te doen klinken.

Veel minder bekend dan Sibelius' symfonisch oeuvre is de muziek van zijn landgenoot Veljo Tormis (1930). Diens Symfonische ouverture nr. 2 sluit in de veelheid aan klankerupties en beeldende, eenvoudig aansprekende melodieën nauw aan op Sibelius' symfonie. Het Tampere Philharmonic Orchestra betoonde zich een begenadigd pleitbezorger van Tormis' muziek, maar ook hier investeerde Klas het leeuwendeel van zijn aandacht in een genuanceerde ontwikkeling van de inhoud, en niet in de totale klankbalans.

Als een oase van rust en verstilling tussen de veelal extraverte gestes van Tormis en Sibelius wijdde de eveneens Finse sopraan Camilla Nylund zich aan een verzorgde uitvoering van Richard Strauss' Vier Letzte Lieder. Geen zwelgende melancholie en zwevende mystiek waren hier sfeertekenend, maar een milde beheersing, die vooral in `Beim Schlafengehen' leidde tot een in ingehoudenheid ontroerende emotionaliteit.

Concert: Tampere Philharmonic Orchestra o.l.v. Eri Klas m.m.v. Camilla Nylund (sopraan). Werken van Strauss, Tormis en Sibelius. Gehoord: 15/8 Concertgebouw, Amsterdam.

    • Mischa Spel