Staatsexamen 1946

,,Ik heb eenmaal in mijn leven op de PvdA gestemd'', zei mijn collega De Lange plotseling. Nu paste dat niet bij hem, een ,,snijdend medisch specialist in ruste''. Hij was en is een strikte individualist en een conventionele man met vroeger veel verantwoordelijkheidsgevoel voor zijn patiënten. Ik besloot er op in te gaan. ,,Dat is niets bijzonders'', zei ik: ,,dat heb ik in mijn jeugd ook gedaan. Ik heb in de jaren vijftig eens een demonstratie moeten verzorgen voor Willem Drees, die toen minister-president was. Voor ik er zelf erg in had stond ik praktisch voor hem in de houding. Een heel bijzondere man, een heel bijzondere familie overigens, ook nu nog.''

,,Bij mij was het anders'', reageerde De Lange. ,,Ik kwam in januari 1946 als twintigjarige jongen uit Indië. Ik was daar eind 1941, toen het onderwijs stopte, gevorderd tot de derde klas van de hbs en werd in Nederland daarom weer in de derde klas van het Rijnlands Lyceum in Leiden geplaatst. Nu had ik in het Jappenkamp wat onderwijs in de exacte vakken gehad van rk-broeders en ik besloot al gauw te proberen in de zomer van 1946 Staatsexamen te doen in deze vakken. Vlak na de oorlog, kreeg je dan uitstel voor de talen en mocht je als je slaagde direct doorstromen naar de universiteit. Ik kreeg de toezegging van de betreffende leraren op school dat ik, als ik iets niet begreep, hun hulp mocht inroepen.

,,Nu zat bij mij in de klas een leeftijdsgenoot'', zo ging ik verder, ,,ik noem hem voor het gemak maar Jansen, die mij vertelde ook uit Indië afkomstig te zijn. Hij liep mij een beetje achterna en besloot in navolging van mij ook maar staatsexamen te doen. Uiteindelijk vertrouwde Jansen mij toe, dat het Indië-verhaal was verzonnen, dat zijn vader NSB'er was geweest, dat hijzelf bij de `Hitler-jugend' had gezeten en ten slotte aan het Oostfront had gevochten. In het begin, kreeg ik te horen, was deze veldtocht wel avontuurlijk. Er sneuvelden maar enkelen en de overwinning leek dichtbij. Later veranderde dat. Hij beschreef hoe hij op een dag uitkijkend over een oneindige, besneeuwde vlakte in de verte een zwarte streep zag, die de hele horizon bedekte. De streep werd snel groter en bleek een tienvoudige Russische overmacht te zijn die over de Duitse linies heenwalste. Hij overleefde maar zag in, dat een tweede kennismaking met een dergelijke overmacht waarschijnlijk tot zijn dood zou leiden. Daarom deserteerde hij en verstopte zich in Nederland tot na de bevrijding. Jansen verzocht mij er niet met anderen over te praten.''

,,Mijn staatsexamen in de exacte vakken ging erg goed'', vertelde De Lange verder'', het werd afgenomen door hoogleraren, die allen hun tevredenheid betuigden. Een drietal zei zelfs dat ik een acht voor hun vak had. Het was gewoonte dat de uitslag persoonlijk aan je werd bekendgemaakt door professor Van Arkel, de voorzitter van de Staatsexamencommissie en wel bij hem thuis. Zij hadden mij verteld, dat hij een vooraanstaand PvdA'er was. Als hij je langer dan 30 minuten liet wachten, mocht je aannemen dat je was gezakt. Mijn zelfvertrouwen nam sterk af, toen ik, pas na 31 minuten mocht binnenkomen.

De hoogleraar was op het onvriendelijke af, hij rommelde wat met een lijst uitslagen: ,,Ga maar terug naar het lyceum'' zei hij, ,,je wiskundekennis is onvoldoende.'' Op dat moment schoot het door mij heen, dat hij de verkeerde voor zich had en mij waarschijnlijk met Jansen verwarde en misschien diens antecedenten kende.''

Maar drie hoogleraren hadden mij gezegd dat ze mij een acht gaven'', protesteerde ik. Hij rommelde in een andere stapel uitslagen. ,,Ben jij dan De Lange'', vroeg hij plotseling vriendelijker en toen ik dat bevestigde zei hij: ,,Dan heb ik mij vergist. Je bent geslaagd, je mag na de vakantie medicijnen gaan studeren, maar je moet me beloven volgend jaar het talendeel van het examen te doen, ik maak een aantekening op je examenuitslag.''

Ik was onder de indruk van de oprechtheid waarmee hij ruiterlijk zijn fout had toegegeven, zoiets had ik in het Jappenkamp nog nooit meegemaakt en daarom heb ik toen op de Partij van de Arbeid gestemd.''

,,Hoe is het met Jansen afgelopen'', vroeg ik. ,,Die was gezakt'', vertelde hij'', maar hij is geloof ik een succesvol zakenman geworden.'' ,,Zou hij nog wel eens dromen over een snel naderende zwarte streep aan de horizon?'' ,,Ik denk het niet'', reageerde hij, ,,die droomt denk ik over zijn staatsexamen, dat doen we toch allemaal!'' ,,En heb jij het talendeel van het examen nog afgelegd'', wou ik weten. ,,Je weet hoe ik ben'', zei hij, ,,ik had het professor Van Arkel beloofd.''

En meer dan 50 jaar na dato kwam er een plechtige uitdrukking op zijn gezicht.