Lampen aan in Turkije `want overheid faalt'

Vannacht ontsteken de Turken het licht, om de doden, die precies een jaar geleden bij de zware aardbeving vielen, terug te roepen uit de duisternis èn om de overheid duidelijk te maken dat ze voor haar burgers moet zorgen.

Het lijkt nog het meest op een oud heidens ritueel. Vannacht om twee over drie, precies een jaar na de verwoestende aardbeving, branden in heel Turkije alle lampen. ,,Op dat moment, een jaar geleden, viel het licht uit door de aardbeving en werden de mensen van wie we zoveel hielden, opgeslokt door het puin en de duisternis. Door overal de lichten aan te doen willen wij die duisternis verjagen'', aldus Nafiz Korkmaz van een slachtoffervereniging in Izmit die bij de organisatie van de actie betrokken is.

Maar is de actie van vannacht – waarbij honderdduizenden ook op een fluitje zullen blazen om de stilte te verdrijven – alleen een rite om de slachtoffers terug te roepen uit de dood? Volgens Korkmaz is de actie evenzeer een signaal aan de Turkse staat om eindelijk het licht te zien en zich te gaan gedragen als een verantwoordelijke overheid die voor zijn burgers zorgt. ,,Wij komen op voor de belangen van de slachtoffers van de aardbeving'', aldus Korkmaz, ,,maar in dit jaar zijn we er achter gekomen dat de grondoorzaak van het falen van de overheid in het politieke systeem zelf ligt. Turkije is een politiestaat, en zolang Turkije dat is, zal de overheid nooit goed voor de aardbevingsslachtoffers kunnen zorgen.''

Izmit, bijna een jaar na de aardbeving. In de eerste dagen na de ramp van vorig jaar liepen de mensen verdwaasd en in shock rond – ze praatten, maar hun ogen keken naar een plek ver, ver weg. En ze leverden kritiek op de overheid, maar hun stem klonk fragiel, alsof ze twijfelden of ooit iemand naar hen zou luisteren. Nu, een jaar later, hebben de meeste slachtoffers eten en drinken gekregen van de overheid en wonen ze in prefab woningen die door diezelfde overheid ter beschikking zijn gesteld. Maar tegelijkertijd zijn veel slachtoffers in hun kritiek radicaler dan ooit. ,,Zonder democratie kan een land niet functioneren'', zegt Korkmaz, ,,Onze vereniging is opgericht na de aardbeving, maar in feite willen we gewoon democratie, niets meer en niets minder.''

Waar komt dat radicalisme van de slachtoffers vandaan – heeft de Turkse overheid het nu wel zo slecht gedaan? Critici wijzen er op dat de overheid nu pas permanente huizen gaat bouwen. Het was beter geweest om de slachtoffers langer in tenten te houden, zeggen ze, dan had al het geld voor de prefabs niet uitgegeven hoeven te worden. Maar anderen brengen daar tegen in dat de tenten in de felle zon sauna's waren en in de regen vergieten – voor velen was de overgang van tenten naar prefabs een eerste stap naar de normaliteit. Volgens weer andere critici is het een schande dat in sommige delen van het aardbevingsgebied nog steeds geen water en stroom is – hoe kun je een normaal leven opbouwen als je elke dag met emmers water moet sjouwen? Maar de overheid brengt daar tegen in dat de aardbeving een zware natuurramp was. De schade valt niet in een handomdraai te herstellen, zegt ze, zeker niet in een land als Turkije, dat niet het rijkste van de wereld is.

Weinigen betwijfelen dat de Turkse overheid na de ramp een verontrustend aantal steken heeft laten vallen. Maar diezelfde overheid heeft na de ramp ook in de toekomst geïnvesteerd. Zo zijn er boekjes gemaakt die schoolkinderen uitleggen hoe ze met de Turkse geofysica kunnen leven, want kennis redt mensenlevens. En er wordt, hoe aarzelend ook, beter toezicht gehouden op het naleven van de normen voor de bouwveiligheid. Tenslotte maakt niet de aardbeving maar de instortende gebouwen mensen dood.

En zo lijkt de woede op de overheid ten dele ook een manier om met de aardbeving om te gaan – het verdriet om de doden en de angst voor de toekomst (bijna elke week zijn er nog kleine bevingen in het gebied) zijn nog lang niet verwerkt, zeggen psychologen, en afgeven op de overheid is een manier om wat emotionele stoom af te blazen. De gouverneur van Izmit, die na de aardbeving werd benoemd omdat hij zich had onderscheiden bij de opvang van vluchtelingen uit Kosovo, weet er alles van. ,,Mensen staan in de rij, krijgen hulp, lopen weg, en zeggen vervolgens: waarom krijgen wij nu niets?''

Door de voortdurende stress en onzekerheid gaan allerlei verhalen de ronde doen. Of ze waar zijn of niet weet niemand, maar de gemiddelde psycholoog ziet ze vooral als symptoom van de diepe geestelijke wonden die de ramp heeft geslagen. ,,In Gölcük zijn meer dan twintig mensen verdwenen'', vertelt een lid van de slachtofferclub in Izmit, ,,We vinden geen lijken onder het puin dus we denken dat de orgaanmafia [een criminele organisatie die zou handelen in organen van slachtoffers red.] er achter zit.'' ,,De overheid liegt'', zegt een ander. ,,De regering zegt dat er in totaal 17.800 mensen dood zijn maar alleen al in Gölcük zijn er meer dan 27.000 doden. De regering heeft het aantal expres laag gehouden omdat ze anders meer geld naar het gebied moet sturen.''

Bij elk gesprek in de aardbevingszone komen de trauma's vroeg of laat aan de oppervlakte. ,,Vroeger gingen mijn kinderen graag bij hun oma logeren'', vertelt een vrouw in een traumaverwerkingscentrum in Adapazari. ,,Maar oma woont in een huis en wij in een prefab. De kinderen zijn bang en zeggen nu: kom maar naar ons, oma, dat is leuker.'' ,,Ik ben alles vergeten'', zegt een meisje van elf in datzelfde centrum. ,,Maar mijn vader en moeder hebben het er nog steeds over. Het was een straf van God, zeggen ze, en God gaat er nog een sturen, dus pas maar op.'' ,,De echtgenote van mijn broer is in verwachting'', vertelt de vrouw in het centrum weer, ,,Ze wonen in een huis omdat ze geen prefab kunnen krijgen. Elke nacht om drie uur begint ze te huilen, omdat ze bang is voor een nieuwe aardbeving. Maar bij ons in de prefab slaapt ze goed.''

Zo is na een jaar de duisternis nog niet uit de harten van de slachtoffers verdwenen. Het dagelijkse leven is hard: de prefabs zijn in de zomer bloedheet, veel slachtoffers hebben geen werk meer en zitten de hele dag duimen te draaien. Wat de toekomst brengt, weet niemand. Maar de materiële problemen zijn niets vergeleken bij de geestelijke wonden die de ramp heeft geslagen. Licht en geluid – misschien dat de actie van vannacht de angst en het verdriet voor een paar minuten weet te verjagen. Maar weinigen betwijfelen dat ze daarna direct weer terug zijn.

    • Bernard Bouwman