`Dik geld voor de oude Grieken'

Baron Pierre de Coubertin, de grondlegger van de moderne Olympische Spelen, verwees ten onrechte naar de oude Grieken toen hij uitvaardigde dat sport alleen door pure amateurs behoorde te worden beoefend. Dat stelt professor H. Pleket, emeritus hoogleraar in de Oude Geschiedenis. ,,De Coubertin beweerde dat het geldloos sporten een Griekse zaak was. Dat is niet waar. De Grieken verdienden dik geld met hun prestaties. En niemand had daar toen moeite mee.''

Hoewel tijdens de klassieke Olympische Spelen (800 voor tot 400 na Christus) in Olympia de winnaars slechts een lauwerkrans kregen, ontvingen ze bij de honderden andere wedstrijden die jaarlijks werden georganiseerd wel geldelijke prijzen. Bovendien kregen de luid bejubelde olympische kampioenen in hun steden vele privileges, zoals levenslang gratis eten en belastingvoordelen. Bij de moderne Spelen zijn door de meeste medaillewinnaars tegenwoordig ook weer hoge financiële beloningen te verdienen. ,,De filosofie van De Coubertin is een verloren zaak gebleken'', concludeert Pleket.

Professor Pleket hield gisteravond in het Amsterdamse Olympische Stadion een voordracht op uitnodiging van NOC*NSF-partner Ben. Hij zei onder meer van mening te zijn dat de naam `Olympische Spelen' zowel in de Oudheid als heden verkeerd is gekozen. ,,Want het is geen spel, maar een wedstrijd. Ook in de oudheid was het al een kwestie van erop of eronder. Voor de oude Grieken bestonden er zelfs geen tweede en derde plaats. Alleen de winnaar telde, de anderen waren losers.''

Daarom ging het er volgens Pleket dan ook hard aan toe bij de Grieken. Naast het hardlopen deden ze bij de klassieke Spelen aan ,,zware, verminkende sporten'', zoals boksen, worstelen en een combinatie van die twee, pancratum genaamd. Bij dat laatste onderdeel was bijna alles toegestaan, behalve ogen uitdrukken en bijten. Een wedstrijd kwam pas ten einde als één van de twee deelnemers was uitgeteld of opgaf. Als iemand zonder verwondingen uit de strijd kwam, was dat opmerkelijk en kreeg hij een speciale vermelding in de annalen. Maar meestal waren de deelnemers na afloop zwaar beschadigd. Pleket: ,,Soms viel te lezen dat de man zelfs door zijn eigen hond niet meer werd herkend.''

Tegenwoordig gaat het er bij de Spelen minder bloedig aan toe. Maar de beweegredenen van de sporters om tot grensverleggende prestaties te komen, zijn volgens Pleket dezelfde. ,,Het gaat om de roem en het prestige.''

    • Hans Klippus