Trots en eenzaamheid

Bij een bezoek aan een waterval gaat het mis. Hella Heij- broek is met haar drie kinderen van veertien, twaalf en tien jaar aan het kamperen in Frankrijk.

,,T. loopt voor mij uit op zijn eeuwige slippers, glijdt uit en valt twee meter in de diepte, tussen struikgewas en brandnetels. Gelukkig, schrijft Heijbroek, raakt hij niet in paniek. ,,Help me, zegt hij alleen, en ik hijs hem plat op mijn buik naar boven. Niets gebroken, wel ontvelt en overal brandnetelbulten. De slippers zijn verloren in de waterval, dus op zijn sokken weer terug naar de auto.''

Het is de grote angst van iedere ouder die, zoals Marianne le Poole vorige week in Ouder & Kind beschreef, alleen met de kinderen op vakantie gaat: wat als er een ongeluk gebeurt? Met mij. Of met een van de kinderen.

Alma Post en haar twee zoons (dertien en vijftien jaar) zijn net terug van een vakantie in Schotland. Ze heeft een ruime ervaring als alleenstaande ouder: het was alweer de tiende keer dat ze met z'n drieën op vakantie gingen. ,,De angst van vroeger – hoe moet dat als ik griep krijg of mijn enkel breek – wordt gelukkig minder.''

Na een scheiding blijven de kinderen in de meeste gevallen blijkbaar nog bij de moeder. Want het zijn vooral moeders die schrijven over hun vakanties-zonder-partner. De mannen worden gemist in hun rol van kaartlezer, zo blijkt – een rol die gelukkig door de kinderen kan worden overgenomen. ,,Noodgedwongen zijn de jongens heel goed in het vinden van de weg, of de juiste bus, of het perron van de trein binnen het merkwaardige Britse systeem'', schrijft Post.

,,Ik gaf mijn zoon van acht de kaart in handen, benoemde hem tot kaartlezer en zei dat hij een heel belangrijke taak kreeg toebedeeld'', schrijft Evelien Waardenburg, die dit jaar voor het eerst alleen wegging met haar twee kinderen, Julia van vijf en Just van acht. ,,Deze keer geloofde hij me en nam z'n opdracht serieus ter hand. Telkens als we een plaats op de kaart gepasseerd waren, mocht hij hem doorstrepen.''

,,Mijn omgeving reageert vaak met verbazing en bewondering als ik over de vakantiebestemming praat'', schrijft Carla van Vliet, die deze zomer met haar drie kinderen van elf, tien, en zes naar Italië ging. ,,Geen van mijn kenissen of vriendinnen zegt het me na te doen. Ik denk dan altijd maar: wat is het alternatief. Levenslang in een hunebed in Drenthe?''

De buitenwereld lijkt voor alleenstaande ouders te bestaan uit gelukkige, complete gezinnen. Ze voelen zich erdoor bekeken en bekritiseerd. ,,Er wordt steeds vreemd opgekeken van seulement une adulte avec trois enfants'', schrijft Hella Heijbroek. ,,Maar ik kijk steeds met een gezicht dat ik het normaal vind. Ik kan toch ook weduwe zijn?'' En Evelien Waardenburg: ,,Hoewel ik altijd erg naar vakantie uitkijk was dat dit jaar, voor het eerst met z'n drieën, wel anders. Want wat moet je als vrouw alleen op een camping tussen uitsluitend `leuke gezinnen' en met een tent die onmogelijk in m'n eentje op te zetten is.''

Er is weinig contact met de anderen op de camping, schrijft Heijbroek, ,,en dat zijn allemaal keurige gezinnetjes; vader, moeder en de rest. Ik vraag me wel eens af of het bedreigend is, een vrouw alleen. De andere vrouwen negeren me meestal, en de mannen zijn vaak wel in voor een praatje-tijdens-de-afwas. Meer hoef ik ook niet, maar dat weten ze niet.''

Het ontbreken van een gesprekspartner, iemand om ervaringen en indrukken mee te delen, dat is natuurlijk het grootste probleem voor ouder-zonder-partner. Alma Post: ,,Soms dring ik mijn zoons de inhoud op van het boek dat ik lees. Ze luisteren beleefd. Veel ben ik echter aangewezen op een monologue intérieur.''

Tijdens de vakantie dringen herinneringen zich op aan de tijd dat het gezin nog compleet was. Willem Koetsenruijter beschrijft hoe hij alleen met zijn zoontje Gijs naar Noord-Frankrijk rijdt: ,,Een jaar geleden reed ik hier ook. Vader met een tevreden gezinnetje. Ik had niet in de gaten wat er gaande was. (...) De nachten in de tent zijn het moeilijkst. Gijs heeft zijn eigen compartiment en ik het mijne (omdat ie altijd zo ligt te woelen). Zo liggen we daar, allebei alleen te wezen. Het is koud 's nachts. Vorig jaar lag ik nog met R. in deze zelfde tent. Eruit voor nog maar een sigaret en een blik op de sterrenhemel. Ja, dan willen de tranen wel komen.''

Maar uit alle reacties spreekt ook trots en tevredenheid, als blijkt dat het toch kan: alleen met kinderen een leuke vakantie. Zoals in het geval van Evelien Waardenburg, die koos voor een experiment: een vakantie speciaal voor een-oudergezinnen, in een compleet ingerichte tent voor één week, niet te ver weg in de Belgische Ardennen. ,,Doordat iedereen in hetzelfde schuitje zat, als één ouder met kinderen in een vreemd land, ontstond er snel contact tussen de ouders, maar ook tussen de kinderen. Ik voerde soms tot diep in de nacht diepgaande gesprekken met weduwnaars, andere gescheiden ouders en een vrouw met een erg zieke man die niet meer met vakantie kon. Maar ondanks alle meegemaakte ellende, werd er vreselijk gelachen, terwijl de kinderen heerlijk lagen te slapen. (...) `Eigenlijk heeft zo'n soort vakantie maar één nadeel', zei een ouder aan het eind van de week tegen mij, `je leest geen letter. Volgend jaar ga ik weer naar een gewone camping hoor'. Nou ja, lezen doe ik nu maar weer op de avonden alleen thuis.''