Topschaken in een Amsterdamse galerie

In Amsterdam is gisteren het internationale Lost Boys schaaktoernooi begonnen. De Nederlandse schakers zijn blij met het nieuwe evenement in de hoofdstad, maar treuren er om dat het ten koste moest gaan van Antwerpen.

In de zomermaanden is Europa een luilekkerland voor schakers. De amateurs die uitgekeken zijn op hun clubgenoten kunnen overal terecht om een internationaal open toernooi te spelen en de profs op prijzenjacht kunnen als ze willen van het ene toernooi naar het andere reizen, zonder ook maar een dag in onthouding te leven.

In Nederland hebben we kort na elkaar het open kampioenschap in Dieren en het Hogeschool Zeeland toernooi in Vlissingen gehad, in Hengelo werd deze week het open kampioenschap van Nederland voor de jeugd gespeeld met bijna 400 deelnemers, en gisteren is in Amsterdam het Lost Boys toernooi begonnen.

Het werd hoog tijd dat er in Amsterdam weer eens een internationaal toernooi kwam, want de stad dreigde een schaakwoestijn te worden. In 1996 had Amsterdam nog het VSB-toernooi met spelers als Kasparov, Kramnik en Anand, het Donner Herdenkingstoernooi en het kampioenschap van Nederland. Daarna was er een paar jaar niets, tot er vorig jaar met een bescheiden achtkamp, gewonnen door de Nederlandse Bosniër Ivan Sokolov, weer wat leven in het zieltogende Amsterdamse schaakleven werd gepompt.

Lost Boys, een bedrijf gespecialiseerd in `e-business en multimedia activiteiten' hield zijn toernooien de afgelopen zeven jaar in Antwerpen. Het waren populaire festivals met honderden deelnemers en een sterke bezetting van de hoofdgroep. De achtkamp in Amsterdam van vorig jaar was de inleiding tot de verplaatsing van het hele toernooi van Antwerpen naar Amsterdam.

Een groot contingent van Nederlandse schakers ging de afgelopen jaren met veel plezier naar Antwerpen. Nu zijn ze blij met het nieuwe toernooi in het Amsterdam, in het hartje van de stad, maar ze treuren er om dat het nu net ten koste van dat mooie Antwerpse toernooi moest gaan.

En voor de Belgische schakers, toch al niet verwend met veel aantrekkelijke internationale wedstrijden, was het een zware klap. De desertie van de sponsor kwam in feite voort uit het succes van het toernooi. Eerst was het een aardigheidje dat om min of meer toevallige redenen in Antwerpen terecht kwam. Toen het steeds groter werd bedacht het bedrijf dat het beter naar de thuisbasis Amsterdam verplaatst kon worden.

De Antwerpse schakers rechtten de rug en hebben voor de tweede helft van augustus toch het een en ander weten te organiseren om het verlies te compenseren; een internationaal open toernooi, een snelschaaktoernooi en een simultaanséance van Gari Kasparov.

In Amsterdam doen in verschillende groepen zo'n 350 schakers mee. In de hoofdgroep zijn Jeroen Piket en Jan Timman de sterkste Nederlandse vertegenwoordigers. Je hoort topschakers vaak klagen over een gebrek aan aantrekkelijke schaakevenementen, maar als je naar die twee kijkt, of naar Loek van Wely, lijkt dat erg mee te vallen.

Piket komt net uit Montecatini, in Italië, waar hij een sterk toernooi met onder anderen Ivantsjoek en Shirov speelde. Eerder dit jaar speelde hij in Wijk aan Zee, in Monaco, in Rotterdam (het kampioenschap van Nederland) en in Dortmund, en tussendoor won hij Kasparovs internettoernooi door de Grote Baas in de finale te verslaan.

Timman is ook druk bezig geweest. Wijk aan Zee, IJsland, Bali, Malmö en in juli het Europees kampioenschap in Saint Vincent (Italië), waarvan de winnaar, de Rus Pavel Tregubov, ook in Amsterdam speelt.

De afgelopen weken onthield Timman zich van schaakactiviteiten, als je zijn bezoek aan het huwelijk van Judit Polgar, die in Boedapest met een Hongaarse dierenarts trouwde, niet meetelt.

De sterkste buitenlander is Mikhail Gurevich, een ex-Rus die sinds een jaar of tien in Brussel woont. Als je de wereldranglijst als maatstaf neemt, is hij ook de sterkste speler van het toernooi. Piket en Timman zijn tweede en derde.

Gurevich hoorde tot de beste spelers van de wereld toen hij in 1990 in het interzonale toernooi in Manila een harde klap kreeg. Hij moest in de laatste ronde met wit tegen Nigel Short remise maken om zich te plaatsen voor de matches van de kandidaten voor het wereldkampioenschap. Hij speelde angstig en passief en verloor.

Het kwam nooit meer helemaal goed. Gurevich trad op als secondant van topschakers, zoals Anand, en hij speelde in open toernooien.

Het is weinigen gegeven om zich daaruit weer omhoog te werken naar de elite, maar het lukte Gurevich, want in januari van dit jaar stond hij twaalfde op de wereldranglijst, vlak achter Anatoli Karpov.

Op de lijst van juli was hij weer iets teruggevallen, hij is nu 24ste, samen met FIDE-wereldkampioen Alexander Chalifman. Enerzijds is Gurevich optimistisch: ,,Als Chalifman wereldkampioen kan worden, kan ik het ook.'' Aan de andere kant vindt hij zijn tegenwoordige positie, met een rating van 2667, niets bijzonders: ,,Ik ben tot de conclusie gekomen dat iedereen die minder dan 2600 heeft, een verschrikkelijke luiaard moet zijn.'' Daar kunnen de huis- tuin- en keukengrootmeesters het mee doen.

Het Lost Boys toernooi wordt gespeeld in Galerie De Appel waar de beeldende kunst tot en met volgende week zondag moet wijken voor het schaken.