Met soja kans op meisje

Dat vegetarisch etende vrouwen meer meisjes baren dan jongens kan heel goed veroorzaakt worden door natuurlijke stoffen in soja die het vrouwelijk geslachtshormoon oestrogeen nabootsen.

De Nederlandse Gezondheidsraad schreef in 1997 in het rapport Hormoonontregelaars in de mens: ,,Een rijke bron (van hormoonontregelaars) is soja dat in sterk toenemende mate in voedingsproducten voorkomt en in Nederland vooral gebruikt wordt door vegetariërs, veganisten (vegetariërs die ook geen melkproducten en eieren eten) en liefhebbers van de Aziatische keuken.''

Een recenter rapport van de Amerikaanse Food and Drug Administration, de overheidsinstantie die de toelating van genees- en voedingsmiddelen beoordeelt, wijst erop dat de van nature in soja voorkomende fyto-oestrogenen (plantaardige oestrogenen) de vruchtbaarheid en de hormoonbalans kunnen beïnvloeden.

Afgelopen maandag publiceerden Britse onderzoekers van de universiteit van Nottingham een onderzoek onder 6.000 jonge moeders. De vegetariërs onder hen baarden veel minder jongens (85 jongens op 100 meisjes) dan de vleesetende moeders (106 jongens tegen 100 meisjes, de normale verhouding in Groot-Brittannië).

De Britse onderzoekers geven geen verklaring voor de verschoven sekseratio. Commentatoren opperden dat pesticideresten op groenten, waar vegetariërs meer van eten dan vleeseters, de oorzaak van het meisjesoverschot kunnen zijn. Het is bekend dat in gezinnen van pesticidespuitende Nederlandse fruittelers over een reeks van jaren tweemaal zoveel meisjes als jongens werden geboren. Maar de blootstelling van groente-eters aan pesticiden is veel lager en vegetariërs krijgen niet veel meer groenten binnen dan vleeseters.

WAAR DE MEISJES ZIJN

pagina 31