Internet impuls voor stroomsector

De onverwacht goede halfjaarcijfers van het Amerikaanse Cisco, producent van routers voor internet, zorgden afgelopen week voor een opleving van de technologiefondsen. En van de telecom- en media-aandelen, die eveneens worden gerekend tot de Nieuwe Economie. Het betekende echter geen verlichting van de mineurstemming waarin de Nieuwe-Economie-bedrijven verkeren sinds de Amerikaanse schermenbeurs Nasdaq dit voorjaar in het slop raakte.

Het magische internet werd afgelopen week zelfs nog wat verder gedemystificeerd. Jason Pontin, redacteur van het toonaangevende internetmagazine Red Herring, noemde in Sunday Business de webboekhandel Amazon ,,een verschrikkelijk bedrijf''. Om de torenhoge beurskoers te rechtvaardigen zou Amazon de komende twintig jaar elk jaar een omzetstijging van 80 procent moeten bewerkstelligen. De gezaghebbende internetexpert Henry Blodget van de Amerikaanse zakenbank Merrill Lynch voorspelde deze week dat driekwart van de internetbedrijven de komende jaren verdwijnt. De koersen van onder meer eBay en speelgoedverkoper eToys kregen in New York een tik.

Nu de twijfel knaagt aan de nog altijd veelbelovende activiteiten rond het web ontstaat bij beleggers weer wat ruimte om te kijken naar andere veelbelovende bedrijfstakken. Het Britse weekblad The Economist ziet een schitterende dageraad gloren in een sector die al meer dan een eeuw oud is, die van de elektriciteit. ,,Mogelijk in alle opzichten even dramatisch als de revolutie die zich in de jaren tachtig voltrok in de telecommunicatie'', schrijft het blad in zijn voorlaatste editie. Liberalisering, milieubewustzijn en technologische vernieuwingen zijn de drijvende krachten van een markt, die alleen al in de Verenigde Staten 220 miljard dollar groot is.

De vrijmaking van de elektricteitsmarkt drijft in Nederland na de elektricteitsproducenten ook de energiedistributeurs uit handen van de overheid. Afgelopen week maakte Eneco, het in omvang derde distributiebedrijf van Nederland, bekend dat het op afzienbare termijn zal worden geprivatiseerd. Eerder kondigde Essent, de grootste distributeur in Nederland, aan naar de beurs te gaan. Nuon, de Nederlandse nummer twee, is ter voorbereiding van een beursgang, een interne markt begonnen waar de overheidsaandeelhouders hun aandelen onderling kunnen verhandelen.

De overgang van de nutsbedrijven naar particuliere eigenaren biedt op de beurs wel enig perspectief, omdat de energiedistributeurs een behoorlijke waarde hebben. Nuon heeft ten behoeve van de interne markt de waarde van het bedrijf laten vaststellen op ongeveer 10 miljard gulden. Met deze waarde zou de onderneming op de Amsterdamse effectenbeurs ongeveer even groot zijn als het AEX-fonds Corus en groter dan de AEX-fondsen DSM en VendexKBB.

Of Nuon inderdaad voor dat bedrag naar de beurs zal gaan is de vraag, net zoals het nog afwachten is voor hoeveel Eneco in buitenlandse handen zal komen. De waardebepaling is volgens accountants en analisten niet eenvoudig, doordat er veel onzekerheden zijn. De eenvoudigste rekenmethode is de koers/winstverhouding die geldt voor energiebedrijven in het buitenland. Daar betalen beleggers voor een aandeel in een energiedistributeur tienmaal de winst. In het geval van Eneco komt de waarde van het bedrijf dan uit op zo'n 2,5 miljard gulden.

Dat lijkt aan de lage kant, want Eneco is met een marktaandeel van een procent of 17 ruwweg half zo groot als Nuon en dan zou de waarde in de buurt van de 5 tot 6 miljard gulden moeten liggen. Eneco heeft bovendien een waardevol achterland in het Botlekgebied en op dit moment willen buitenlandse partijen een flinke strategische premie te betalen om voet aan de grond te krijgen in Nederland.

Zo betaalt Endesa zo'n 900 miljoen gulden voor het kleine nutsbedrijf in Eindhoven, wat neerkomt op zo'n 3.200 gulden per aansluiting (elektriciteit en gas). Het berekenen van de prijs per aansluiting is overgewaaid uit de kabelsector. Met 3.200 gulden per aansluiting zou Eneco zo'n 8,7 miljard gulden waard zijn, Nuon ongeveer 15 miljard en Essent ongeveer 13 miljard. Erg betrouwbaar lijkt deze methode niet. Nuon verkoopt behalve gas en stroom ook water, terwijl Essent naast energie ook kabeldiensten en afvalverwerking aanbiedt. Bovendien wordt de prijs die Endesa betaalt als extreem hoog beschouwd.

Dé waarderingsmethode voor bedrijven is het contant maken van de te verwachten kasstroom (winst plus afschrijvingen) in de komende vijf tot tien jaar. Die kasstroom is alleen erg onzeker. Onduidelijk is bijvoorbeeld met hoeveel de afzetprijs van energie zal dalen op een vrije markt. De vraag is ook of de bedrijven in particuliere handen op dezelfde manier mogen blijven afschrijven als nu, en wat toezichthouder DTe doet met de tarieven.

Zeker is dat er op de beurs een nieuwe sector komt met een waarde van tientallen miljarden, waar nog veel technologische vernieuwingen op het gebied van zonne-energie, waterstof en decentrale opwekking op stapel staan. De vraag naar stroom blijft toenemen, al was het alleen maar door de explosieve groei van internet.

    • Karel Berkhout