Een wesp in je oor

Zit je zaterdagmiddag, als het eindelijk leuk weer is, buiten op je terras een borrel te drinken, komt opeens een wesp je hinderen. Je maakt een armbeweging, raakt blijkbaar de wesp en slaat hem, zo toevallig als alleen het toeval kan zijn, in je oor, precies in de gehoorgang!

Nu is wespengedrag vanuit menselijk standpunt gezien volkomen digitaal: ze vliegen (met een internationaal gestandaardiseerde vleugelslag-frequentie) òf ze vliegen niet. En ze steken of ze steken niet.

Ze hebben ook geen achteruit – dus de wesp kroop alleen richting trommelvlies.

Eén toonhoogte. Wat een herrie, zó dichtbij, of eigenlijk binnen mij!

Hij steekt.

Ik ben van 1911 en woon al jaren alleen, helemaal buiten. Geen bewoning in een straal van tweehonderd meter. Een soort Bommelstein. Impliciet woont Tom Poes bij mij in, volledige symbiose. Hij moet dus als de bliksem een list bedenken. Dat doet hij gelukkig.

Ik ren naar de badkamer, vul een knijpspuitfles (het enige relikwie uit mijn leven als scheikundige) met water en spuit de wesp uit mijn oor.

Nu nog de steek behandelen. Naar de keuken. Azijn in de spuitfles. Weer spuiten en uitspoelen.

Ziezo, nu kan ik weer even denken.

Je ledematen die de meeste kans op beschadigingen maken, hebben lymfeklier- pakketten op weg naar het centrale lichaam. Die lymfeklieren houden de eerste vergiftigingen tegen. Is je hoofd in dit opzicht kwetsbaarder?

Toch even de huisarts bellen. Zaterdag: doorverwezen. Andere nummer draaien.

De dienstdoende mevrouw heeft waardering voor de toegepaste listen. ,,Als het erg dik opzwelt belt u dan nog eens.''

Dat opzwellen doorgegeven aan T.P. Die suggereert: doe je gehoorapparaat maar in je oor, dan blijft bij zwelling de gehoorgang open.

Er is praktisch geen zwelling opgetreden.

Alleen jeukt het na twee dagen nog.