Incommunicado

WEKENLANG ZITTEN ze nu al vast in Belgrado, de vier Nederlanders die bij wijze van krijgsbuit op de Servische televisie zijn getoond als terroristen die een aanslag op president Miloševic zouden hebben voorbereid. Weken waarin de vier verdachten niet zijn voorgeleid aan een rechter en er geen aanklacht tegen hen is opgesteld. Ze hebben geen advocaat toegewezen gekregen, geen eigen advocaat kunnen aanstellen en de Nederlandse diplomatieke vertegenwoordiger in Belgrado heeft geen toegang tot hen gekregen. Het is zelfs niet bekend wanneer ze precies zijn opgepakt, in welk gevangenkamp ze zitten en onder wat voor omstandigheden ze worden vastgehouden.

De Nederlandse regering heeft de Servische zaakgelastigde in Den Haag inmiddels twee keer op het matje geroepen. Minister Herfkens, die de portefeuille van Buitenlandse Zaken waarneemt, heeft haar ergernis kenbaar gemaakt. Maar meer dan deze diplomatieke demarches heeft de regering niet ondernomen. Nederland maakt een tamelijk machteloze indruk. De twee Britten en twee Canadezen die vorige week werden opgepakt in Servië, genoten de status van OVSE-medewerkers en hebben wel juridische en diplomatieke bijstand gekregen.

SERVIË IS INTERNATIONAAL geïsoleerd. Miloševic oefent een bewind uit dat bol staat van willekeur en manipulatie. Maar het land is niet volledig van de buitenwereld afgesloten en Nederland zal tot krachtiger stappen moeten overgaan dan tot nu toe. Het gaat niet over de reismotieven van de rambo-toeristen of over de bizarre aantrekkingskracht die clandestien survivalen in semi-oorlogsgebieden op sommige mensen heeft. Vier mannen met een Nederlands paspoort zitten incommunicado vast in Belgrado en alle regels voor de behandeling van buitenlandse verdachten worden met voeten getreden. Dat is in de internationale betrekkingen tussen landen onaanvaardbaar.